Lezingen van de dag – zondag 8 januari 2017


Heilige (of feest) van de dag

Openbaring des Heren43ac50b8e06313ace3fd2e460a783ef4

Hoogfeest

Driekoningen, Epifanie of Openbaring van de Heer is een christelijke feestdag die elk jaar op 6 januari wordt gevierd en waarop men de Bijbelse gebeurtenis (Matt. 2:1-18) herdenkt van de Wijzen die een ster in het oosten zagen staan en deze volgden tot in Bethlehem, om Jezus te begroeten als de pasgeboren koning der joden. Dat deze wijzen uit het oosten kwamen, gaat terug op Matteüs 2:1. Dat de wijzen de ster (van Bethlehem) “in het oosten” gezien hebben (Matteüs 2:2,9), moet in dit verband dus betekenen dat zij de ster zagen terwijl ze in het oosten waren – en niet dat de ster aan de (voor hen) oostelijke hemel verscheen.

In de katholieke liturgie in België en Nederland wordt het hoogfeest van de Openbaring van de Heer op de eerste zondag na 1 januari gevierd indien 6 januari op een werkdag valt. In veel Zuid-Europese landen is Driekoningen een vrije dag en wordt Driekoningen op de dag zelf gevierd.

De Openbaring van de Heer is het eerste van drie feesten, samen met de Doop van de Heer en de Opdracht van de Heer in de tempel (2 februari), die thuishoren in de Kerstkring, de tijd van Jezus’ kindsheid en jonge jaren.

Openbaring des Herenbijbel

Hoogfeest


Epifanie is de bekroning van de Kersttijd. Omdat Jezus eenvoudig en klein als een kind op de wereld is gekomen werd de droom van God over de mensen mogelijk. Zijn Zoon moet voor alle volkeren een teken zijn van hoop en verlossing, een ster in de nacht. De magiërs vroegen zich af wat die ster kon betekenen. Zij volgden haar en vonden het Kind en zijn moeder, Maria. Wie in deemoed de waarheid zoekt en de goede ster volgt, zal het licht en de ware wijsheid vinden. Niet de wijsheid van deze wereld, maar die van het Kind in de kribbe.


Uit de profeet Jesaja 60, 1-6

Wanneer de Joden terugkeren uit hun ballingschap, trekken zij op naar Jeruzalem. De stad is verlicht door de kandelaars van de heropgebouwde tempel. De profeet peilt verder dan het schouwspel dat hij voor ogen heeft. Alle volkeren zullen die stoet vervoegen. Zij zijn op weg naar de wereldstad die niet meer van deze aarde is, de volle openbaring van God zelf.

Sta op en schitter, je licht is gekomen, over jou schijnt de luister van de Heer.
Duisternis bedekt de aarde en donkerte de naties, maar over jou schijnt de Heer, zijn luister is boven jou zichtbaar.
Volken laten zich leiden door jouw licht, koningen door de glans van je schijnsel.
Open je ogen, kijk om je heen: ze stromen in drommen naar je toe; je zonen komen van ver, je dochters worden op de heup gedragen.
Je zult stralen van vreugde als je het ziet, je hart zal van blijdschap overslaan.
De schatten van de zee zullen je toevallen, de rijkdom van vreemde volken valt je in de schoot.
Een vloed van kamelen zal je land overspoelen, jonge kamelen uit Midjan en Efa.
Uit Seba komen ze in groten getale, beladen met wierook en goud.
Zij verkondigen de roemrijke daden van de Heer.

 

Psalm 72, 1 + 2 + 7 + 8 + 10 + 11 + 12 + 13

Refr.: Alle volken der aarde huldigen U, Heer.

Geef, o God, uw wetten aan de koning,
uw gerechtigheid aan de koningszoon.
Moge hij uw volk rechtvaardig besturen,
uw arme volk naar recht en wet. Drieeenheid_2

Moge in zijn dagen de rechtvaardige bloeien,
de vrede wereldwijd zijn tot de maan niet meer bestaat.
Moge hij heersen van zee tot zee,
van de Grote Rivier tot de einden der aarde.

De koningen van Tarsis en de kustlanden,
laten zij hem een geschenk brengen.
De koningen van Seba en Saba,
laten ook zij hem schatting afdragen.

Laten alle koningen zich neerwerpen voor hem,
alle volken hem dienstbaar zijn.
Hij zal bevrijden wie arm is en om hulp roept,
wie zwak is en geen helper heeft.

Hij ontfermt zich over weerlozen en armen,
wie arm is, redt hij het leven.

 

Uit de brief van Paulus aan de Efesiërs 3, 2-3 + 5-6

Er bestaat geen bevoorrechte plaats, zelfs geen heilige stad meer, waarheen wij noodzakelijk moeten gaan om bij de Heer te komen. Zijn openbaring is het werk van de Geest in het hart van de gelovigen. Voortaan zijn alle mensen geroepen om samen de eenheid van Christus’ Lichaam zichtbaar te maken.

Broeders en zusters,
u moet toch wel gehoord hebben dat God mij de taak heeft toevertrouwd om de genade door te geven die mij met het oog op u geschonken is. Mij is in een openbaring het mysterie onthuld waarover ik hiervoor in het kort heb geschreven.
Het is onder vorige generaties niet aan de mensen onthuld, maar nu door de Geest geopenbaard aan zijn heilige apostelen en profeten: de heidenen delen door Christus Jezus ook in de erfenis, maken deel uit van hetzelfde lichaam en hebben ook deel aan de belofte, op grond van het evangelie.

 

Alleluia.lantern-84160_640

Wij hebben zijn ster zien opgaan
en zijn gekomen om Hem eer te bewijzen.

Alleluia.

 

Uit het evangelie volgens Matteüs 2, 1-12

In het midden van dit verhaal staat een citaat van de profeet Micha. Zij die deze profetische teksten zo goed kenden, zijn naar Betlehem gesneld. ‘Vreemdelingen’ waren het, die zonder hoogmoed hun bevindingen vergeleken met die van de wijzen van Israël, die zo de Messias konden vinden. In hen herkennen wij onszelf en zovele anderen, die in de loop der tijden hun offerande aan de voeten leggen van de Koning van het Heelal.

Toen Jezus geboren was in Betlehem in Judea, tijdens de regering van Herodes, kwamen er magiërs uit het Oosten in Jeruzalem aan.
Ze vroegen: ‘Waar is de pasgeboren koning van de Joden? Wij hebben namelijk zijn ster zien opgaan en zijn gekomen om Hem eer te bewijzen.’
Koning Herodes schrok hevig toen hij dit hoorde, en heel Jeruzalem met hem. Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk samen om aan hen te vragen waar de Messias geboren zou worden.
‘In Betlehem in Judea’, zeiden ze tegen hem, ‘want zo staat het geschreven bij de profeet: “En jij, Betlehem in het land van Juda, bent zeker niet de minste onder de leiders van Juda, want uit jou komt een leider voort die mijn volk Israël zal hoeden.”’
Daarop riep Herodes in het geheim de magiërs bij zich; hij wilde precies van hen weten wanneer de ster zichtbaar geworden was, en stuurde hen vervolgens naar Betlehem met de woorden: ‘Stel een nauwkeurig onderzoek in naar het kind. Stuur mij bericht zodra u het gevonden hebt, zodat ook ik erheen kan gaan om het eer te bewijzen.’
Nadat ze geluisterd hadden naar wat de koning hun opdroeg, gingen ze op weg, en nu ging de ster die ze hadden zien opgaan voor hen uit, totdat hij stil bleef staan boven de plaats waar het kind was. Toen ze dat zagen, werden ze vervuld van diepe vreugde.
Ze gingen het huis binnen en vonden het kind met Maria, zijn moeder. Ze wierpen zich neer om het eer te bewijzen. Daarna openden ze hun kistjes met kostbaarheden en boden het kind geschenken aan: goud en wierook en mirre.
Nadat ze in een droom waren gewaarschuwd om niet naar Herodes terug te gaan, reisden ze via een andere route terug naar hun land.

Van Woord naar leven

De overweging is van de hand van Frans Mistiaen, sj

Wij zijn allen mensen die op zoek zijn naar het geluk. Wij hebben het dus eigenlijk niet zo moeilijk om ons aan te sluiten bij die “zoekers in de nacht”, die van heel ver kwamen. Die Wijzen uit het Oosten, dat zijn eigenlijk de koplopers van een hele lange stoet mensen, die allemaal in het diepst van hun hart op zoek zijn naar het ware geluk… op zoek naar God, dus. Maar in het verhaal van vandaag hoorden wij dat sommigen Hem vinden, anderen echter helemaal niet, en vooral, dat dit afhangt van de manier waarop wij zoeken, van de ingesteldheid van ons hart.

De Wijzen keken in het Oosten naar de sterren. Het komt er eerst en vooral op aan dat ook wij “sterren zien”, dwz. dat wij, ook als het donker is, de kleine tekens durven herkennen die zeggen dat er wel nog degelijk goedheid in onze wereld bestaat. Wij merken die sterren van goedheid niet altijd op. Want soms kijken wij teveel naar omlaag, naar onszelf. Die Wijzen keken breed, ver en naar omhoog. Zij nodigen ons uit onze ogen en ons hart wijduit open te zetten om, met bewondering en dankbaarheid, de tintelingen van Gods goedheid op te merken die in onze duistere aarde fonkelen. Als wij ons daarin dagelijks oefenen, dan zullen ook wij gereed zijn om Gods bijzondere ster te zien, diegene die ons de weg wijst naar de plaats waar de Liefde op onze aarde voor ons wordt geboren.

Het komt er vervolgens op aan die ster dan te “volgen”. Wij worden dus uitgenodigd weg te trekken uit het land van onze eigen verworvenheden en zekerheden, om te durven op tocht gaan naar een nieuwe, ongekende horizon. Maar ach, wij, wij blijven dikwijls zo onwrikbaar vasthouden aan onze eigen ideeën. Voor wij het weten, geraken wij verstard, geïmmobiliseerd in onze kleine gewoonten. Dan groeien wij niet meer aan onze binnenkant. Wij blijven ter plaatse trappelen. Wel sturen wij soms anderen op pad om het werk te doen in onze plaats. Maar zelf komen wij zo moeilijk in beweging. Wij worden dan ook innerlijk niet meer bewogen en wij voelen geen bezieling meer. De Wijzen uit het Oosten leren ons dat wij ons beter niet opsluiten binnen de grenzen van onze eigen opvattingen en principes, maar dat wij – hoe oud wij ook zijn – het best met bewogenheid blijven “zoeken naar nieuw leven”. Wel mogen wij dan niet verschrikt zijn als dat nieuwe leven ons op een totaal onverwachte en ongewone manier verschijnt: zoals een komeet aan een donkere hemel of zoals de geboorte van een Koningskind tussen eenvoudige mensen.

Het komt er vooral op aan te zoeken “op de goede manier”. Want soms zoeken wij eerder zoals Herodes en zijn schriftgeleerden: bang en verontrust. Veel te bang voor allerlei kleinmenselijk opzicht en veel te verontrust over onze eigen macht. Wij beweren wel dat wij erop uit zijn hulde te brengen aan de Heer, maar in feite proberen wij dikwijls vooral onszelf groot te maken en ons eigen prestige te beveiligen. Zo zoeken wij met een bekrompen hart. En op die manier vinden wij het Kind en het echte geluk niet. Bang en verontrust, zo kunnen wij nochtans maanden, soms jaren, bezig zijn.

Maar gelukkig zijn er ook die andere periodes in ons leven, waarop wij namelijk aanvoelen te moeten zoeken op een heel andere manier, eerder zoals de Wijzen uit het Oosten. Het zijn de genadevolle ogenblikken waarop wij, ondanks onze duistere nacht, toch met bewondering en dankbaarheid durven kijken naar onze wereld en ons laten leiden door één of ander stralend teken van hoop. Het zijn de momenten waarop wij voelen, hoe oud wij ook zijn, dat wij zelf in beweging moeten komen, dat wij moeten durven wegtrekken uit het land van onze zekerheden en op ontdekking moeten gaan, zonder vooroordelen, zonder schrik voor het onbekende nieuwe. Het zijn de dagen waarop wij weer beginnen te zoeken met een ontvankelijk en nederig hart. En dan – na een lange en soms moeizame tocht, en ondanks de bekrompenheid van de kleine of de grote tirannen die ons tegenwerken in ons leven – dan vinden wij opnieuw de weg naar de eenvoud en de bescheidenheid. En die leidt ons naar het Kind dat ons het ware geluk en de diepe vrede kan schenken. Dan laten wij onze zelfgenoegzaamheid achter en durven weer in aanbidding neerknielen voor de Liefde, die wij voor onze ogen zien in het kleine. Dan durven wij onze handen openen om te geven… het beste van onszelf, gul en overvloedig.

Waar moeten wij dus het geluk gaan zoeken? Niet in Jeruzalem, in de versterkte stad van onze verharde standpunten, waar wij onszelf zo belangrijk achten. De ster en de Wijzen wenken ons vandaag om verder te trekken, voorbij Jeruzalem, naar Bethlehem, naar het huis van bescheidenheid, waar de Liefde ons verwacht. Allen hebben wij in ons leven een Jeruzalem, een domein waar vooral onze hoogmoed overheerst, waar wij denken dat wij ons sterk moeten tonen, maar waar ons hart eigenlijk verstard is geraakt. Maar allemaal hebben wij in ons leven ook ergens een Bethlehem: ons gezin, onze gemeenschap, onze verantwoordelijkheid of het engagement dat wij op ons hebben genomen. Het is de plaats waar wij onszelf heel concreet liefdevol kunnen geven aan diegenen die op ons rekenen. Daar moeten wij naartoe!

Alle mensen uit alle volkeren zijn op zoek naar het geluk. Welnu, voor ieder is het échte geluk uiteindelijk te vinden in het eigen, persoonlijke Bethlehem, dat is die kleine plek in ons leven waar de Liefde ons vandaag verwacht… en nodig heeft.

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Goede God, 1245354994_514a68b9a9
geef ons liefde voor het kleine Bethlehem in ons leven, daar waar Gij Uzelf geeft in het kleine kind Jezus. Geef sterren die ons leiden, mensen die ons de weg tonen, gebeurtenissen die getuigen van U, dingen die naar U verwijzen. En mogen wij dan op stap gaan: vol verlangen, vrij, op U vertrouwend, ons gevend aan U in het Kind in de kribbe, diep verenigd met allen die naar U op weg zijn.
Amen.