Lezingen van de dag – dinsdag 1 november 2016


Heilige (of feest) van de dag

Allerheiligenfra-angelico-all-saints

Hoogfeest

Op 1 november viert de katholieke Kerk ‘Allerheiligen’, letterlijk het hoogfeest van alle heiligen, bekend en onbekend.
Aan de verre oorsprong van dit feest ligt de toewijdingkerstening van het Pantheon in Rome, de tempel in Rome waar alle godheden uit de Grieks-Romeinse oudheid werden vereerd. Paus Bonifatius IV wijdde het Pantheon in het begin van de 7de eeuw toe aan Maria en alle martelaren. De kerkwijding van het tot dan toe heidense Pantheon werd sindsdien elk jaar op 13 mei herdacht. De Byzantijnse Kerk kende trouwens al in de 4de eeuw een gedenkdag voor alle heilige martelaren, die elk jaar op 13 mei werd gevierd.

Sinds 731, tijdens het pausschap van Gregorius II, werd het feest van alle heiligen elk jaar in Rome gevierd. Goed een eeuw later, onder impuls van de geestelijke raadgevers van Karel de Grote en van Lodewijk de Vrome in de 9de eeuw, verspreidde het gebruik zich in onze contreien.
Vooral de benedictijnenabdijen hebben de jaarlijkse heiligenherdenking over heel Europa gestimuleerd. Het was paus Gregorius IV die in 837 de datum vastlegde op 1 november, volgens de regel van Benedictus de begindag van de winterperiode. Hij riep de dag uit tot algemene en officiële katholieke gedenkdag voor alle heiligen.

Op Allerheiligen worden alle mensen geëerd die voor eeuwig bij God leven, of zij nu officieel heilig verklaard zijn of niet. Het belangrijkste is dat zij door hun manier van leven een voorbeeld zijn geworden voor alle gelovigen. Samen vormen zij de ontelbare menigte die Johannes beschrijft in zijn Apokalyps: Daarna zag ik een grote menigte, die niemand tellen kon, uit alle rassen en stammen en volken en talen.
Deze voor eeuwig bij God levenden zijn de bemiddelaars voor de biddende Kerk op aarde en de voorsprekers voor hun nog strijdende en lijdende broeders, dat wil zeggen, voor iedereen die wil leven zoals Jezus het voorgeleefd heeft.

Kijk naar Jezus, de leidsman en voltooier van ons geloof. Omwille van de vreugde die voor Hem in het verschiet lag, heeft Hij een kruis op zich genomen en de schande niet geteld: nu zit Hij aan de rechterhand van Gods troon. Denk aan Hem die zoveel tegenstand van zondaars te verduren had; dat zal u helpen om niet uit te vallen en de moed niet op te geven (Heb 12, 2-3).

In het begin van de Kerk werden alleen martelaren als officieel erkende heiligen vereerd. Later kon het gebeuren dat iemand unaniem door het volk als heilige werd aangewezen en daarin door de Kerk werd gevolgd.
Omdat een heiligverklaring op die manier in de praktijk wel eens tot mistoestanden leidde, trok paus Alexander III in 1170 de heiligverklaring naar zich toe. Het was paus Urbanus VIII die in 1643 de strenge en nog altijd geldende procedure vastlegde. Sindsdien moet iemand eerst zalig worden verklaard.

De Kerk kent vele heiligen. Sinds 1970 heeft paus Paulus VI voor de hele Kerk een vernieuwde Romeinse kalender voorgeschreven. Daarop staan alleen de heiligen die universeel, dat wil zeggen voor iedereen in de hele wereld geldend, van belang zijn en tot voorbeeld kunnen strekken.
Er is toen ook op toegezien dat er heiligen uit alle continenten in de nieuwe kalender zijn opgenomen. Andere heiligen komen wel nog op plaatselijke kalenders voor. Men spreekt van een kalender, omdat de heiligenfeesten worden gerangschikt volgens de dag waarop het feest wordt gevierd. Dat is meestal de sterfdag van de heilige in kwestie.

In de christelijke traditie staat ‘heiligheid’ niet synoniem voor menselijke perfectie. Heiligen zijn wel zichtbare tekens van het werk van de ‘Heilige’ Geest in het leven van mensen. Heilig is zij of hij wiens leven iets van Gods aanwezigheid uitstraalt.
Naast de bekende en op de kerkelijke kalender ingeschreven ‘echte’ heiligen, zijn er dus nog ontelbare anonieme heiligen. Het is de verering van de heiligen in de katholieke traditie dan ook allereerst erom te doen de gelovigen eraan te herinneren dat van elk van hen verwacht wordt dat zij of hij het evangelie ernstig nemen, ook en vooral in de meest bescheiden momenten van het dagelijkse leven.
De katholieke Kerk leert dat de heiligen op het einde van hun aardse leven volmondig mogen delen in Gods intieme aanwezigheid. Maar daarom blijven ze niet minder solidair met de mensen op aarde. Wie bidt tot een heilige, vraagt aan die grote voorgang(st)er op de weg van het evangelie haar of hem te helpen om nog meer van de hemelse Vader en van zijn broers en zussen hier te houden.

Allerheiligenbijbel

hoogfeest   –   eigen lezingen

Wij mensen bouwen zo vaak ons leven op geld, relaties en comfort. Maar de Schrift leert ons dat dit niet het voornaamste is in ons leven. Jezus roept ons op tot een totaal andere kijk op de werkelijkheid. In zijn Rijk immers zijn het de armen van geest, die gelukkig zijn, en zij die lijden omwille van de Heer. De lange stoet van armen, treurenden en vluchtende ontheemden is ook op onze dagen nog niet ten einde. Het feest van Allerheiligen nodigt ons uit de kant te kiezen van de armen, de kleinen en de hoop te vervullen van wie honger hebben. Pas dan, en als wij rein zijn van handen en zuiver van hart, mogen wij verhopen dat ook wij eenmaal met alle heiligen zullen delen in Gods heerlijkheid en in de overwinning van Christus op de haat en de dood.


Uit het boek Apocalyps 7, 2-4 + 9-14

Ik zag een onafzienbare menigte, die niet te tellen was, uit alle landen en volken, van elke stam en taal.

Ik, Johannes, zag in het oosten een andere engel opstijgen, die het zegel van de levende God had. De vier engelen die de opdracht hadden gekregen om schade toe te brengen aan het land en de zee riep hij met luide stem toe: ‘Laat het land en de zee en ook de bomen nog ongemoeid! Eerst moeten wij het zegel van onze God op het voorhoofd van zijn dienaren aanbrengen.’
Toen hoorde ik het aantal van hen die het zegel droegen: honderdvierenveertigduizend in totaal, afkomstig uit elke stam van Israël.
Hierna zag ik dit: een onafzienbare menigte, die niet te tellen was, uit alle landen en volken, van elke stam en taal. In het wit gekleed en met palmtakken in hun hand stonden ze voor de troon en voor het Lam. Luid riepen ze: ‘De redding komt van onze God die op de troon zit en van het Lam!’
Alle engelen stonden om de troon en de oudsten en de vier wezens heen. Ze bogen zich diep neer voor de troon en aanbaden God met de woorden: ‘Amen! Lof, majesteit en wijsheid, dank en eer en macht en kracht komen onze God toe, tot in eeuwigheid. Amen.’
Een van de oudsten sprak mij aan: ‘Wie zijn dat daar in het wit, en waar komen ze vandaan?’
Ik antwoordde: ‘U weet het zelf, heer.’ Hij zei tegen me: ‘Dat zijn degenen die uit de grote verschrikkingen gekomen zijn. Ze hebben hun kleren wit gewassen met het bloed van het Lam.’

 

Psalm 24, 1-6

Refr.: Alleluia, loof de Heer !

Van de Heer is de aarde en alles wat daar leeft,
de wereld en wie haar bewonen.

Hij heeft haar op de zeeën gegrondvest, Drieeenheid_2
op de stromen heeft Hij haar verankerd.

Wie mag de berg van de Heer bestijgen,
wie mag staan op zijn heilige plaats ?

Wie reine handen heeft en een zuiver hart,
zich niet inlaat met leugens en niet bedrieglijk zweert.

Zegen zal hij ontvangen van de Heer
en recht verkrijgen van God, zijn redder.

Dat valt hun ten deel die U zoeken,
die zich tot U wenden; het volk van Jakob.

 

Uit de eerste brief van Johannes 3, 1-3

Wij zullen God zien zoals Hij is.

Vrienden,
bedenk toch hoe groot de liefde is die de Vader ons heeft geschonken! Wij worden kinderen van God genoemd, en dat zijn we ook. Dat de wereld ons niet kent, komt doordat de wereld Hem niet kent.
Geliefde broeders en zusters, wij zijn nu al kinderen van God. Wat we zullen zijn is nog niet geopenbaard, maar we weten dat we aan Hem gelijk zullen zijn wanneer Hij zal verschijnen, want dan zien we Hem zoals Hij is. Ieder die dit vol vertrouwen van Hem verwacht maakt zich rein, zoals ook Jezus rein is.

 

Alleluia.lantern-84160_640
Gelukkig wie zuiver van hart zijn,
zegt de Heer, want zij zullen God zien.
Alleluia.

 

Uit het evangelie volgens Matteüs 5, 1-12a

Zoals Jezus mogen we voor God staan, met een nederig hart.

Toen Jezus de mensenmassa zag, ging Hij de berg op. Daar ging Hij zitten met zijn leerlingen om zich heen. Hij nam het woord en onderrichtte hen:
‘Gelukkig wie nederig van hart zijn, want voor hen is het koninkrijk van de hemel.
Gelukkig de treurenden, want zij zullen getroost worden.
Gelukkig de zachtmoedigen, want zij zullen het land bezitten.
Gelukkig wie hongeren en dorsten naar gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.
Gelukkig de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden.
Gelukkig wie zuiver van hart zijn, want zij zullen God zien.
Gelukkig de vredestichters, want zij zullen kinderen van God genoemd worden.
Gelukkig wie vanwege de gerechtigheid vervolgd worden, want voor hen is het koninkrijk van de hemel.
Gelukkig zijn jullie wanneer ze je omwille van Mij uitschelden, vervolgen en van allerlei kwaad betichten. Verheug je en juich, want je zult rijkelijk worden beloond in de hemel.’

Van Woord naar leven

‘Gelukkig wie nederig van hart zijn, want voor hen is het koninkrijk van de hemel.’

Wat is dat, nederig van hart zijn. En hoe doe je dat ?

Nederig van hart, of arm van geest, ben je, als je je niet groot en stoer en sterk maakt tegenover God. Als je gering en bescheiden, ontvankelijk en nederig het koninkrijk der hemelen wilt ontvangen in je hart, als een gave, een godsgeschenk.

Nederig van hart ben je als je alle grootspraak en hoogmoed aflegt en als je je eigenwijsheid laat varen omdat je weet dat je in het verwerven van de wijsheid van de Heer afhankelijk bent.

Nederig van hart is hij die een geestelijke bedelaar is geworden, die niet te trots is om zijn hand open te houden voor het ontvangen van het geestelijke heil.

Armen van geest hebben geen pretenties. Ze verwachten het heil niet van hun geestelijke kracht en hun verstandelijke vermogens. Ze vullen hun geest met het verlangen naar en de verwachting van de Heer.

Armen van geest leven met een innerlijke leegte die bestemd is voor Gods tegenwoordigheid. Hij is de grote hemelse Gast is hun leven, degene die leven geeft, degene die leidt, degene die in hen tot leven mag komen.

Laat ons arm worden, nederig, klein, leven in volle overgave aan Hem, opdat zijn liefde steeds weer opnieuw geopenbaard mag worden, ook door ons heen.

De overweging van vandaag is van de hand van kris
(geïnspireerd aan woorden van J. Bots, sj)

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

dyn001_original_295_400_pjpeg_2577949_731ab747065313fa8e3d7076ef4d035dGod,
bron van alle leven, wij gedenken vandaag alle heiligen, die ons de weg naar U zijn voorgegaan. Mogen zij ons blijvend inspireren  om uw aanwezigheid in ons leven te ontdekken. In hen herkennen wij het werk van uw Geest. Met hen verbonden bidden wij U: behoed ons, leid ons langs uw wegen  en wees Gij zelf onze toekomst.
Amen.