Lezingen van de dag – dinsdag 11 aug. 2015


Heilige (of feest) van de dag

Clara van Assisi (+ 1253)clara2

Clara (ook Chiara, Clare of Klara) van Assisi, Italië; abdis; † 1253.

Volgens de jongste onderzoekingen werd zij geboren in 1195 en was afkomstig uit een adellijke familie te Assisi. Ze was een jaar of achttien op het moment dat Franciscus daar met zijn aanstekelijke beweging begon. Naar diens voorbeeld brak ze met thuis, wist aan de greep van haar familie te ontsnappen, huwde net als Franciscus met Vrouwe Armoede en liet zich door hem het kloosterhabijt aantrekken.

Spoedig voegden zich andere vrouwen bij haar, onder wie haar zus Agnes die zij op spectakulaire wijze had helpen ontsnappen uit het ouderlijk huis. Veertig jaar lang stond zij aan het hoofd van het kloostertje van San Damiano, even buiten Assisi. Intussen groeide er tussen Franciscus en haar een hechte en diepe geestelijke vriendschap. Als hij niet zeker was van een bepaalde beslissing of niet wist hoe te handelen, liet hij zuster Clara om raad vragen, ook in zaken van gebed, boete, geestelijke leiding en apostolaat.

Franciscus stierf al in 1226 op 42-jarige leeftijd, luid beweend door zuster Clara en haar medezusters. Zij ging voort in de geest van Broeder Franciscus. Zo wist zij rond 1240 door het innige gebed dat ze deed geknield voor een monstrans met de Heilige Hostie erin, een dreigende inval van de Saracenen in Assisi te verhinderen. Vanaf dat moment wordt zij beschouwd als de redster van Assisi en van San Damiano.

Latere legendes weten zelfs te vertellen, dat zij bij die gelegenheid met de monstrans in de hand, onverschrokken de Saracenen tegemoet gegaan zou zijn, waarop dezen onverwijld de vlucht zouden hebben genomen.

Zij stierf op 59-jarige leeftijd.

DINSDAG IN WEEK 19 DOOR HET JAAR


Uit het boek Deuteronomium 31, 1-8

Mozes’ taak is volbracht. Hij leidt het volk tot aan de grenzen van het beloofde land. Hij draagt nu de leiding over aan Jozua. Hij geeft hem tevens de verzekering dat de Heer voor hem uit zal gaan. Daarom moet hij niet bevreesd zijn.

Mozes sprak de Israëlieten opnieuw toe. Hij zei:
‘Ik ben nu honderdtwintig jaar oud en niet in staat om nog langer leiding te geven. Bovendien heeft de Heer me gezegd dat ik de Jordaan niet mag oversteken. De Heer, uw God, zal zelf voor u uit gaan en de volken aan de overkant voor u uitroeien, zodat u hun land in bezit kunt nemen. Jozua zal u daarbij aanvoeren, zoals de Heer heeft gezegd. De Heer zal hen het lot laten delen van de Amoritische koningen Sichon en Og, die Hij met heel hun land heeft vernietigd. Wanneer Hij u de overwinning op die volken geschonken heeft, moet u met hen precies zo handelen als ik u heb opgedragen. Wees vastberaden en standvastig. Er is geen enkele reden om bang voor hen te zijn, want het is de Heer, uw God, die met u meegaat. Hij zal niet van uw zijde wijken en u niet verlaten.’
Toen riep Mozes Jozua bij zich en ten overstaan van alle Israëlieten zei hij tegen hem: ‘Wees vastberaden en standvastig, want jij zult het volk het land binnenleiden dat de Heer onder ede aan hun voorouders had beloofd, en onder jouw leiding zullen ze het in bezit nemen. De Heer zelf gaat voor je uit, Hij zal je bijstaan en geen moment van je zijde wijken. Wees niet bang en laat je door niets ontmoedigen.’

 

Deut. 32, 3-4a + 7 + 8 + 9 + 12

Refr.: De Heer heeft zijn volk als geen ander geleid.

De Naam van de Heer roep ik uit:
de Heer is onze God,
laat iedereen Hem prijzen !
Hij is een rots, Hij staat voor recht; Drieeenheid_2
alles wat Hij doet is volmaakt.

Denk aan de tijden van weleer,
verdiep u in het verre verleden.
Vraag uw vader ernaar, hij zal het vertellen;
vraag de oudsten en zij zullen verhalen.

Toen de Allerhoogste land toewees aan elk volk
en de mensen ieder hun deel gaf,
bepaalde Hij de grenzen voor alle volken
naar het aantal nazaten van Israël.

Want voor de Heer gold dat volk als het zijne,
Jakob was het deel dat Hij zichzelf toemat.
Zo heeft de Heer zijn volk geleid,
Hij alleen: geen andere god stond Hem bij.

 

Uit het evangelie volgens Matteüs 18, 1-5 + 10 + 12-14

Eenvoud en barmhartigheid zijn de kentekens van het koninkrijk. Als wij niet worden als kinderen kunnen wij de geheimen van het koninkrijk niet doorschouwen. Deze eenvoud is steeds bereid anderen weer op te nemen, wat ze ook misdreven hebben.

De leerlingen kwamen aan Jezus vragen: ‘Wie is eigenlijk de grootste in het koninkrijk van de hemel?’
Hij riep een kind bij zich, zette het in hun midden neer en zei: ‘Ik verzeker jullie: als je niet verandert en wordt als een kind, dan zul je het koninkrijk van de hemel zeker niet binnengaan. Wie zichzelf vernedert en wordt als dit kind, die is de grootste in het koninkrijk van de hemel. En wie in mijn naam één zo’n kind bij zich opneemt, neemt mij op.
Waak ervoor ook maar een van deze geringen te verachten. Want Ik zeg jullie: hun engelen in de hemel aanschouwen onophoudelijk het gelaat van mijn hemelse Vader.
Wat denken jullie? Als iemand honderd schapen bezit en een daarvan dwaalt af, zal hij er dan niet negenennegentig in de bergen achterlaten en op weg gaan om het afgedwaalde dier te zoeken? Als het hem lukt het te vinden, dan zal hij zich, dat verzeker Ik jullie, over dat ene meer verheugen dan over de negenennegentig andere die niet afgedwaald waren. Zo is het ook bij jullie Vader in de hemel: Hij wil niet dat een van deze geringen verloren gaat.’

Van Woord naar leven

Wat denken jullie? Als iemand honderd schapen bezit en een daarvan dwaalt af, zal hij er dan niet negenennegentig in de bergen achterlaten en op weg gaan om het afgedwaalde dier te zoeken? Als het hem lukt het te vinden, dan zal hij zich, dat verzeker Ik jullie, over dat ene meer verheugen dan over de negenennegentig andere die niet afgedwaald waren. Zo is het ook bij jullie Vader in de hemel: Hij wil niet dat een van deze geringen verloren gaat.

Alles concentreert zich op dat ene schaap, alsof de anderen gewoon niet bestaan voor de Herder. Misschien bekruipt iemand een gevoel van medelijden met die andere schapen, die negenennegentig, die nu niet zoveel aandacht krijgen. Toch is dat ten onrechte: wanneer ze hun Herder zich zo druk zien maken om dat ene weggelopen schaap, gaat er bij hen misschien een licht op: ‘Dat zou Hij dus voor ieder van ons over hebben.’ In de nood leer je je vriend kennen. In de nood van dat ene verloren schaap waarop alle zorg van de Herder zich concentreert, leren alle niet verdwaalde schapen hun Herder kennen, hoe Hij er altijd voor hen is. De noodsituatie haalt uit de Herder naar boven wat er altijd al in zat, maar wat pas dan geopenbaard wordt.

Aan ons om met het hart van de Vader, in eenheid met de Zoon, hen te beminnen die vervreemd zijn van God. We zijn immers beeld van God, en als God naar de van Hem vervreemde kinderen toegaat, dan moeten wij dit ook. Maar zoals Hij: nederig, barmhartig, alles gevend, liefdevol. Werk aan de winkel.

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer Jezus,0
neem ons op in uw barmhartigheid
opdat wij er deel van mogen worden
in onze omgang met allen.
Ja Heer, verenig ons met uw liefde
opdat ons leven beeld mag worden van U :
Vrede en goedheid voor iedereen.
Amen.