Lezingen van de dag – dinsdag 20 december 2016


Heilige (of feest) van de dag

Heinrich Egher van Kalkar († 1408)candle-1129354_640

Heinrich Egher (ook Eger) van Kalkar o.cart., Keulen, Duitsland; visitator

Hij trad in 1365 als priester in bij de kartuizers van Keulen. Hij was prior in verschillende kartuizerijen. Ook werd hij een aantal keren tot visitator benoemd. Hij was een warm pleitbezorger van het rozenkransgebed. Daarnaast heeft hij enkele geestelijke werken op zijn naam staan.

Hij stierf op 20 december 1408 in de kartuizerij van Keulen.

dinsdag in de 4e weekimages9p4as9vt
van de advent


Uit de profeet Jesaja 7, 10-14

De geboorte van een zoon moet voor koning Achaz een steun zijn voor de toekomst. In dit teken heeft de Joodse traditie een voorspelling gezien van de Messias, de Immanuël: God-met-ons.

De Heer liet tegen Achaz zeggen:
‘Vraag om een teken van de Heer, uw God, hetzij uit de diepte van het dodenrijk hetzij uit de hoge hemel.’
Maar Achaz antwoordde: ‘Nee, ik zal geen teken vragen, ik zal de Heer niet op de proef stellen.’
Toen antwoordde Jesaja: ‘Luister, huis van David. Is het niet genoeg de mensen te tergen? Moet u nu ook mijn God tergen? Daarom zal de Heer zelf u een teken geven: de jonge vrouw is zwanger, zij zal spoedig een zoon baren en hem Immanuël noemen.’

 

Psalm 24, 1-6

Refr.: De Heer van de hemelse machten is de koning der glorie.

Van de Heer is de aarde en alles wat daar leeft,
de wereld en wie haar bewonen.annunciation-icon1

Hij heeft haar op de zeeën gegrondvest,
op de stromen heeft Hij haar verankerd.

Wie mag de berg van de Heer bestijgen,
wie mag staan op zijn heilige plaats ?

Wie reine handen heeft en een zuiver hart,
zich niet inlaat met leugens en niet bedrieglijk zweert.

Zegen zal hij ontvangen van de Heer,
en recht verkrijgen van God, zijn redder.

Dat valt hun ten deel die U zoeken,
die zich tot u wenden – het volk van Jakob.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 1, 26-38

Maria, een eenvoudig meisje uit Nazaret, is verloofd met Jozef, uit het huis van David. Zij heeft zich voorgenomen geheel en al voor de Heer te leven. In haar bereikt de hoop en de verwachting van Israël het hoogtepunt. Haar ‘instemming’ maakt de vervulling van de oude voorspellingen mogelijk.

In de zesde maand zond God de engel Gabriël naar de stad Nazaret in Galilea, naar een meisje dat was uitgehuwelijkt aan een man die Jozef heette, een afstammeling van David. Het meisje heette Maria.
Gabriël ging haar huis binnen en zei: ‘Gegroet Maria, je bent begenadigd, de Heer is met je.’
Ze schrok hevig bij het horen van zijn woorden en vroeg zich af wat die begroeting te betekenen had.
Maar de engel zei tegen haar: ‘Wees niet bang, Maria, God heeft je zijn gunst geschonken. Luister, je zult zwanger worden en een zoon baren, en je moet Hem Jezus noemen. Hij zal een groot man worden en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd, en God, de Heer, zal Hem de troon van zijn vader David geven. Tot in eeuwigheid zal Hij koning zijn over het volk van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.’
Maria vroeg aan de engel: ‘Hoe zal dat gebeuren? Ik heb immers nog nooit gemeenschap met een man gehad.’
De engel antwoordde: ‘De heilige Geest zal over je komen en de kracht van de Allerhoogste zal je als een schaduw bedekken. Daarom zal het kind dat geboren wordt, heilig worden genoemd en Zoon van God. Luister, ook je familielid Elisabet is zwanger van een zoon, ondanks haar hoge leeftijd. Ze is nu, ook al hield men haar voor onvruchtbaar, in de zesde maand van haar zwangerschap, want voor God is niets onmogelijk.’
Maria zei: ‘De Heer wil ik dienen: laat er met mij gebeuren wat u hebt gezegd.’
Daarna liet de engel haar weer alleen.

Van Woord naar leven

Vandaag horen we Maria haar ‘ja’ uitspreken tot God. Een ‘ja’ met gevolgen om U tegen te zeggen.

Laten we eens nadenken over ons eigen ‘ja’; over ons groot levens-ja, en onze vele ja-tjes doorheen de dag.

God roept op velerlei wijzen. In zijn oeverloze creativiteit roept Hij de mensheid op duizenden manieren om individueel en collectief gestalte te geven aan zijn rijk hier op aarde.
Ook u roept Hij, in de diepte van uw levensweg, maar ook nu, op deze moment. Hij spreekt je aan, Hij nodigt je uit. Hij vraagt je of je bereid bent ‘ja’ te zeggen. ‘Ja’ met je hele zijn; met al je krachten, met je gehele verstand, met al je talenten en gaven.

Eerst even dit: ‘ja’ zeggen betekent ook ‘nee’ zeggen. Wie ‘ja’ zegt tot God, zegt ‘nee’ tegen zeer veel dingen die ons wegtrekken van Hem, weg van onze roeping, weg uit zijn genade, weg uit zijn rijk. ‘Ja’ zeggen tot God is een duidelijk ‘nee’ tot het kwaad. We kunnen niet God dienen én het kwaad. ‘Ja’ zeggen is keuze. En ook al stellen we bij onszelf dikwijls lauwheid vast wat dit laatste betreft, dat doet niets aan de keuze die veronderstelt wordt van hem die ‘ja’ zegt tot God.
In zijn grote heilige barmhartigheid zal God onze lauwheid zeker vergeven wanneer we ons weer keren naar Hem. Dat is zo. Zo is God. Ja, God-zij-dank ! Maar dat neemt niet weg dat ‘ja’ zeggen tot God een vastberaden keuze vraagt, een duidelijk en sterk engagement tot Hem.
En als je valt (en we vallen allemaal, soms dagelijks), sta dan gewoon weer op, veeg het stof van je ziel, spreek een kyrie uit tot de Heer, en herneem je pad, vol vreugde en geloof dat Hij je altijd weer opnieuw de moeite waard vindt om op weg te gaan. Ja, God is groter dan we denken !!

Het mooie van het ja-woord zijn de vruchten. Soms zijn ze zeer zichtbaar, soms zie je ze niet, terwijl ze er wel zijn.
Neem het ja-woord van Maria, dat we vandaag lezen. Binnenkort zien we een zeer zichtbare vrucht daar in die kleine kribbe, met enkele mensen daar rond waarvan het getal in de loop der komende eeuwen alleen maar zal toenemen. Wat een vrucht ! Door één enkel ja-woord. Prachtig toch.
En ook al zullen de vruchten van onze ja-woorden niet van die orde zijn als een Maria, een Bernadette Soubirous, een pater Damiaan, een moeder Theresa, een broeder Roger, … Het gaat bij God niet om het aantal vruchten, of de grootte ervan (mensen denken zo, en meten zo elkaar aan elkaar af), maar voor God gaat het om de helderheid van het ja-woord, om de zuiverheid van het hart. Met dat zuivere ‘ja’, hoe klein en verborgen misschien ook, doet Hij met het oog op de liefde grote dingen; ieder naar zijn roeping.
Het gaat zowel om de liefde waarmee Maria haar ja-woord uitsprak met haar vele zichtbare vruchten, alsook om de liefde waarmee de kleine Theresia van Lisieux in alle verborgenheid een speld van de grond opraapte in de kloostergang uit liefde voor Christus. Bij God gaat het niet om zichtbare productiviteit, maar om de liefde die past bij uw roeping.

Als christenen komt het erop neer Christus zo in jezelf toe te laten, dat Hij uw ja-woord kan opnemen in zijn ‘ja’ tot de Vader. Dan wordt het een ‘ja’ vol van genade, vervuld van de Heer.
Moge ieder van ons deze weg in eenvoud, vrede en vreugde bewandelen; in het licht van de Heer.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Heer,candles
neem ons op in U, en trek ons in de brand van uw eigen ja-woord, opdat de vruchten van ons leven uw vruchten mogen zijn; vruchten die hun thuis, hun oorsprong en hun doel hebben in God.
Groeiend in U. Amen.