Lezingen van de dag – donderdag 24 mei 2018


Heilige (of feest) van de dag

Louis-Zéphirin Moreau († 1901)

Louis-Zéphirin Moreau, St-Hyacinthe, Québec, Canada; bisschop

Hij werd op 1 april 1824 geboren als vijfde kind in een gezin van dertien kinderen te Bécancour in de Canadese provincie Québec. Ondanks zijn opleiding aan het seminarie van Nicolette werd hij door het bisdom Québec als priesterkandidaat geweigerd vanwege zijn zwakke gezondheid. Hij wendde zich tot de bisschop van Montréal, Monseigneur Bourget, en deze nam hem aan. Op 19 december 1846 werd hij priester gewijd. Hij kreeg een benoeming tot secretaris van het zojuist opgerichte bisdom St-Hyacinthe. Zo stond hij in dienst van drie bisschoppen, vooraleer hij er op 15 januari 1876 zelf bisschop werd. Als wapenspreuk koos hij: ‘In Hem die mij sterkt ben ik tot alles in staat.’

In de zesentwintig jaar, die zijn ambtsperiode zou duren, legde hij een enorme ijver aan de dag en leidde hij zijn bisdom met veel liefde en pastorale zorg. Hij stichtte twee religieuze congregaties, en stond aan de basis van vele sociale werken. Reeds bij zijn leven werd hij door zijn gelovigen beschouwd als een groot heilige.

Hij is de eerste bisschop van Canadese bodem, die zalig werd verklaard. Dat gebeurde op 10 mei 1987.

donderdag in week 7 door het jaar


Uit de brief van Jakobus 5, 1-6

Dikwijls is rijkdom een gevolg van directe of indirecte onrechtvaardigheid. Zoiets is wraakroepend. Ook tot de Heer zijn de kreten van deze armen, van de ontelbare slachtoffers van economische systemen, doorgedrongen. Hij vergeet dit roepen om gerechtigheid niet.

En nu iets voor u, rijken! Weeklaag en jammer om de rampspoed die over u komt. Uw rijkdom is verrot en uw kleding is door de mot aangevreten. Uw goud en zilver is verroest, en die roest zal tegen u getuigen en als een vuur uw lichaam verteren. U hebt uw schatkamers gevuld, hoewel de tijd ten einde loopt. Hoor de klacht van het loon dat u de arbeiders die uw velden maaiden hebt onthouden. Het geroep van de maaiers is tot de Heer van de hemelse machten doorgedrongen. U hebt op aarde in weelde gebaad en losbandig geleefd, u hebt uzelf vetgemest voor de slachttijd. U hebt de rechtvaardige veroordeeld en vermoord, en hij heeft zich niet tegen u verzet.

 

Psalm 49, 14-20

Refr.: Zalig de armen van geest.

Dit is het lot van wie op zichzelf vertrouwen,
zo vergaat het wie zichzelf graag horen:
als schapen verblijven zij in het dodenrijk,
en de dood is hun herder.

In de morgen vertrappen de oprechten hun graf,
hun lichaam teert weg in het dodenrijk
en vindt geen rust.
Maar mij zal God vrijkopen
uit de macht van het dodenrijk,
mij zal Hij wegnemen.

Wees niet bevreesd als iemand rijk wordt,
een groter huis heeft en meer weelde.
Want bij zijn dood kan hij niets meenemen,
zijn weelde volgt hem niet in het graf.

Ook al prijst hij zich gelukkig met zijn leven,
wie roemt je niet in je voorspoed ?
Hij zal zich voegen bij zijn voorgeslacht,
bij hen die het licht nooit meer zullen zien.

 

Uit het evangelie volgens Marcus 9, 41-50

Wie uit liefde zijn medemensen benadert, benadert Christus zelf. Wie hen kwaad berokkent, benadeelt Christus zelf. Wie hen ergert en hen tot zonde brengt, moet de oorzaak van de ergernis wegnemen uit zijn leven, zelfs als kost het hem een oog of een hand.

Jezus sprak tot zijn leerlingen:
‘Ik verzeker je: wie jullie een beker water te drinken geeft omdat jullie bij Christus horen, die zal zeker beloond worden.
Wie een van de geringen die in mij geloven van de goede weg afbrengt, zou beter af zijn als hij met een molensteen om zijn nek in zee gegooid werd.
Als je hand je op de verkeerde weg brengt, hak hem dan af: je kunt beter verminkt het leven binnengaan dan in het bezit van twee handen naar de Gehenna te moeten gaan, naar het onblusbare vuur.
Als je voet je op de verkeerde weg brengt, hak hem dan af: je kunt beter kreupel het leven binnengaan dan in het bezit van twee voeten in de Gehenna geworpen worden.
En als je oog je op de verkeerde weg brengt, ruk het dan uit: je kunt beter met één oog het koninkrijk van God binnengaan dan in het bezit van twee ogen in de Gehenna geworpen worden, waar de wormen blijven knagen en het vuur niet dooft.
Iedereen moet met vuur gezouten worden. Zout is goed! Maar als het zout zijn kracht verliest, hoe zullen jullie het zijn kracht dan teruggeven? Zorg dat jullie het zout in jezelf niet verliezen en bewaar onder elkaar de vrede.’

Van Woord naar leven

Een mijmering vanuit enkele woorden uit het evangelie van vandaag.

‘Zorg dat jullie het zout in jezelf niet verliezen’, zegt Jezus ons vandaag.

Wat doet onze ziel van vreugde zingen ? Het zout van de Heer. Hij geeft smaak aan ons leven, vrede aan ons hart, bezieling aan ons liefhebben. Wanneer we ons afsluiten van dit zout, verliest ons leven de goede smaak, wordt het bitter, en erger: het is niet meer in staat te geven.

Dus, moge de Heer het grote zoutvat zijn in ons leven. Oh ja, met mate. Teveel zout is niet goed; niet voor het lichaam, niet voor de ziel. Dus geen fanatisme, maar rustige bezieling, gezond biddend in Hem, graag dagelijks; op je knieën, tussen de kookpotten en op straat.

Moge Hij de warmte zijn van je liefhebben, de vrede van je zingen, de tederheid naar jezelf toe. Ja, laat Hij het zout zijn.

Neem het niet, maar ontvang het. En verlies het niet.

Een mooie en gezegende donderdag !

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Heer Jezus, goede Broer,
wees Gij het zout van ons bestaan,
de ziel van ons leven,
de binnenkant van ons doen.
Moge wij van U houden,
zoals Gij van ons houdt.
Trek ons, lieve Heer, in U.
En zing uw lied,
door ons heen;
voor allen.
Amen.