Lezingen van de dag – donderdag 7 juni 2018


Heilige (of feest) van de dag

Anna van Sint-Bartholomeus († 1626)

Anna van Sint-Bartholomeus (oorspronkelijk García; ook van St.-Barthélemy) carmelites, Antwerpen, België; kloosterlinge

Anna García werd op 1 oktober 1549 in de Spaanse plaats Armendral geboren. Zij was de jongste van zeven kinderen. Haar vader, Fernando, en moeder, Maria Mancanas, waren welgestelde boeren. Op tienjarige leeftijd verloor zij haar ouders. Nu werd zij toevertrouwd aan de zorgen van haar oudere broers en zussen. Dezen keken voor haar uit naar een geschikte huwelijkspartner. Maar zij gaf te kennen liever carmelites te worden.
Zo trad zij in 1572 toe tot de Karmel van Avila, waar de grote Teresa op dat moment priorin was. In haar nieuwelingentijd legde zij zich toe op een leven van versterving en opoffering uit liefde voor de zielen die verloren dreigden te gaan. Na haar noviciaat werd zij secretaresse van Teresa. Tussen hen groeide een intense vriendschapsband. Nadat Teresa in 1582 in haar armen was gestorven, brak er voor haar een rusteloos leven aan.
Ze verbleef enige tijd te Avila, Madrid en Ocaña; in 1604 – toen was ze dus al 55! – vertrok ze met enkele gezellen naar Parijs; het jaar daarna was zij te Pontoise en in 1608 te Tours. Overal werden nieuwe kloostervestigingen gesticht. In 1611 kwam ze naar de Zuidelijke Nederlanden; eerst naar Bergen (= Mons), vervolgens naar Brussel en uiteindelijk naar Antwerpen (6 november 1612); daar werd ze voor de rest van haar leven priorin. Vandaaruit stond zij mede aan de wieg van de vestigingen in Doornik (26 oktober 1614) en Brugge (7 maart 1626). Het schijnt dat zij door haar gebed de stad Antwerpen twee keer voor een inval over water door Prins Maurits heeft behoed; resp, in 1622 en 1624.

Sindsdien geldt zij als beschermster van de stad Antwerpen.

Ze werd zalig verklaard in 1917.

donderdag in week 9 door het jaar


Uit de tweede brief van Paulus aan Timoteüs 2, 8-15

In de gevangenis te Rome schrijft Paulus aan zijn leerling. Het klinkt als zijn testament. Hij wil lijden en sterven met Christus om met Hem te verrijzen. Dit zegt hij met woorden die sterk doen denken aan een geloofsbelijdenis en aan een doophymne.

Dierbare,
houd Jezus Christus in gedachten, uit het nageslacht van David, die uit de dood is opgewekt. Dit heb ik verkondigd, daarom heb ik veel te verduren en ben ik zelfs als een misdadiger gevangengezet. Maar het woord van God laat zich niet gevangenzetten; daarom verdraag ik alles omwille van de uitverkorenen, opdat ook zij in Christus Jezus gered worden en eeuwige luister ontvangen.
Deze boodschap is betrouwbaar: Als wij met Hem gestorven zijn, zullen we ook met Hem leven; als wij volharden, zullen we ook met Hem heersen; als wij Hem verloochenen, zal Hij ons ook verloochenen; als wij Hem ontrouw zijn, blijft Hij ons trouw, want zichzelf verloochenen kan Hij niet.
Blijf dit de gelovigen voorhouden en roep hen ten overstaan van God dringend op om niet te redetwisten. Dat heeft geen enkel nut en leidt er alleen maar toe dat de toehoorders ten onder gaan.
Span je in om voor God te staan als iemand die betrouwbaar is.
Zorg dat je je niet voor je werk hoeft te schamen en verkondig regelrecht de waarheid.

 

Psalm 25, 4 + 5 + 8 + 9 + 10 + 14

Refr.: Heer, leer mij uw paden te gaan.

Maak mij, Heer, met uw wegen vertrouwd,
leer mij uw paden te gaan.

Wijs mij de weg van uw waarheid en onderricht mij,
want U bent de God die mij redt,
op U blijf ik hopen, elke dag weer.

Goed en rechtvaardig is de Heer:
Hij wijst zondaars de weg.

Wie nederig zijn leidt Hij in het rechte spoor,
Hij leert hun zijn paden te gaan.

Liefde en trouw zijn de weg van de Heer
voor wie de wetten van zijn verbond onderhouden.

De Heer is een vriend van wie Hem vrezen,
Hij maakt hen vertrouwd met zijn verbond.

 

Uit het evangelie volgens Marcus 12, 28-34

De kern van het christendom ligt in het gebod van de liefde. Wij kunnen God niet beminnen zonder van onze naaste te houden. En wij kunnen van onze naaste niet houden, als wij God niet beminnen. Het één gaat niet zonder het ander.

Een van de schriftgeleerden die naar hen geluisterd had terwijl ze discussieerden, en gemerkt had dat Jezus hun correct had geantwoord, kwam dichterbij en vroeg: ‘Wat is van alle geboden het belangrijkste gebod?’
Jezus antwoordde: ‘Het voornaamste is: “Luister, Israël! De Heer, onze God, is de enige Heer; heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht.” Het op een na belangrijkste is dit: “Heb uw naaste lief als uzelf.” Er zijn geen geboden belangrijker dan deze.’
De schriftgeleerde zei tegen Hem: ‘Inderdaad, meester, wat U zegt is waar: Hij alleen is God en er is geen andere God dan Hij, en Hem liefhebben met heel ons hart en met heel ons inzicht en met heel onze kracht, en onze naaste liefhebben als onszelf betekent veel meer dan alle brandoffers en andere offers.’
Jezus vond dat hij verstandig had geantwoord en zei tegen hem: ‘U bent niet ver van het koninkrijk van God.’
En niemand durfde Hem nog een vraag te stellen.

Van Woord naar leven

Jezus antwoordt op de vraag van een Schriftgeleerde wat van alle geboden het belangrijkste gebod is :
Het voornaamste is: “Luister, Israël! De Heer, onze God, is de enige Heer; heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht.” Het op een na belangrijkste is dit: “Heb uw naaste lief als uzelf.” Er zijn geen geboden belangrijker dan deze.

Luister Israël…
dit gaat vooraf aan al het andere: bereid zijn tot luisteren, leren zwijgen, stil worden, de stilte beminnen, de leegte koesteren, de woestijn omhelzen, houden van droogte, arm worden van geest,… enkel de Heer. Kijken naar Hem; in je ziel of naar de eucharistie, vertoeven bij Hem, in zijn aanwezigheid, bij zijn Woord. God God laten zijn, jij zijn kind, door Hem gebaard. De liefde er laten zijn, zonder woorden. Ja, luister Israël… Luister, in de Geest en met de minne van een verliefde.

Onze God is de enige Heer…
Hem het centrum laten zijn van je leven, het hart van je bestaan, de enige, ene en ware God. Enkel Hem aanbidden, niets of iemand anders, enkel God. Hij, je alfa en je omega, je oorsprong en je doel, je diepste motivatie, de ziel van je doen, de ziel van je laten, het levend hart van je liefde. Onze God, onze enige Heer…

Heb de Heer lief met heel je hart, met heel je ziel, met heel je verstand, met heel je kracht…
God liefhebben met je hele zijn, je ziel als zijn tabernakel waar je Hem ontmoet als een gebed zonder ophouden. Vanuit Gods inwoning warmte leggen in je daden; met de liefde van de Heer. Je verstand als bron van inzicht en wijsheid, kennis van wat is, Hem prijzend in heel het zijn. Met al je krachten die je in je draagt, ‘ja’ zeggend in het ja van de Heer.

Het op een na belangrijkste is dit: Heb uw naaste lief als uzelf…
Jezelf liefhebben en waarderen, je roeping beminnen en koesteren, haar hoog achten als de weg van je diepste gehoorzaamheid. Om van de ander te kunnen houden, om hem ten diepste te kunnen beminnen, vanuit de Liefde die u bemint.

Er zijn geen geboden belangrijker dan deze…
Liefhebben… het hart van ons christen-zijn. Beminnen tot het uiterste. Kerstmis, Goede Vrijdag, Pasen, Eucharistie; weg van liefde. De Heer is ons voorgegaan, de Heer gaat met ons mee.

Kom, verliefde ziel, vlij je neer tegen de Heer, en dans, leef, bemin. Ja zing, en vier het leven.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Goede God,
in de liefde tot U en tot de naaste doet Gij de bron ontspringen van het geluk waartoe wij allen zijn geschapen. Laat uw wet het richtsnoer van ons leven zijn. Leer ons daaruit de wijsheid putten die wij nodig hebben om te komen tot uw gemeenschap.
In Jezus’ naam.
Amen.