Lezingen van de dag – maandag 18 mei 2015


Heilige (of feest) van de dag

Felix van Cantalice (+ 1587)

Felix van Cantalice

Felix van Cantalice

Felix van Cantalice ofm.cap., Italië; † 1587.

Hij werd in 1515 geboren in een boerengezin uit Cantalice, niet ver van Rieti in de Italiaanse landstreek Apulië. Hij hielp mee de schapen te hoeden en hield ervan alleen te zijn. Zo ontwikkelde hij gaandeweg de zin voor een beschouwend bestaan. Eens hoorde hij iemand vertellen over het leven van de woestijnmonniken. Dat trok hem. Hij trad te Citta Ducale in bij de kapucijnen. Op dertigjarige leeftijd legde hij zijn gelofte af. Vier jaar later werd hij naar Rome overgeplaatst.

De rest van zijn leven zwierf hij daar overdag als bedelmonnik door de straten om geld bijeen te brengen voor het onderhoud van de medebroeders. Hij kreeg er uiteindelijk de bijnaam ‘Broeder Deo Gratias’ mee, omdat hij dat niet alleen altijd mompelde wanneer iemand hem iets toestopte, maar ook wanner men hem uitschold of bespottelijk maakte. ’s Nachts was hij vaak te vinden in gast- en ziekenhuizen. Naar men zegt had hij een bijzonder talent om stervenden te troosten en bij te staan. Hij was bevriend met Carolus Borromeus († 1584; feest 4 november) en Filippus Neri † 1595; feest 26 mei). Met deze laatste had hij het opgewekte karakter gemeen.

Hij werd in 1712 door paus Clemens XI († 1721) heilig verklaard, als eerste broeder van zijn orde.

Hij is patroon van de kapucijnerbroeders, van kinderen en moeders.

Hij wordt afgebeeld als kapucijn met bedeltas; met de woorden ‘Deo gratias’; met het Jezuskind op de arm.

MAANDAG IN DE 7e PAASWEEK

Uit de Handelingen van de Apostelen 19, 1-8

Johannes de Doper was de voorloper van Jezus. Het doopsel dat hij toediende was een voorbereiding op de verkondiging van de Blijde Boodschap en de navolging van Jezus. Te Efeze ontmoet Paulus, lang na de dood van Jezus, enkele leerlingen van Johannes die Christus nog niet kennen. Ze zijn bereid christenen te worden en ontvangen de heilige Geest. Zoals te Jeruzalem gaat deze gave gepaard met een pinksterwonder.

Terwijl Apollos in Korinte verbleef, kwam Paulus na zijn reis door het binnenland in Efeze aan.
Hij ontmoette daar enkele leerlingen, aan wie hij vroeg: ‘Hebben jullie de heilige Geest ontvangen toen jullie het geloof aanvaardden?’
Ze antwoordden: ‘Nee, we hebben zelfs niet gehoord van het bestaan van een heilige Geest.’
Hij vroeg: ‘Hoe zijn jullie dan gedoopt?’
‘Met de doop van Johannes’ , antwoordden ze.
Daarop zei Paulus: ‘Johannes doopte de mensen om hen een nieuw leven te laten beginnen en zei tegen hen dat ze moesten geloven in degene die na hem kwam, in Jezus.’
Toen ze dat gehoord hadden, lieten ze zich dopen in de naam van de Heer Jezus, en toen Paulus hun de handen had opgelegd daalde de heilige Geest op hen neer, zodat ze in klanktaal gingen spreken en profeteerden. De voltallige groep bestond uit ongeveer twaalf mensen.
De volgende drie maanden ging hij regelmatig naar de synagoge, waar hij vrijmoedig met de bezoekers sprak over het koninkrijk van God en hen met zijn uiteenzettingen trachtte te overtuigen.

 

Psalm 68, 2 + 3 + 4 + 5 + 7

Refr.: Zing voor God, bezing zijn Naam.

God staat op, zijn vijanden stuiven uiteen,
zijn haters vluchten als Hij verschijnt.zz - Drieeenheid 2

U verdrijft ze zoals wind de rook verdrijft.
Zoals was smelt bij het vuur,
zo vergaan de zondaars als God verschijnt.

Maar de rechtvaardigen verblijden zich,
zij juichen als God verschijnt, uitgelaten van vreugde.

Zing voor God, bezing zijn Naam,
maak ruim baan voor Hem die door de vlakten rijdt,
Heer is zijn naam, jubel als Hij verschijnt.

God geeft eenzamen een thuis
en gevangenen vrijheid en voorspoed.
Maar opstandigen zullen wonen op dorre grond.

 

Uit het evangelie volgens Johannes 16, 29-33

Een Jezus die alleen maar schoonmenselijk is, of een wijze volksleider, kan geen bron van geloof zijn. De leerlingen van Jezus komen tot het echte geloof op het ogenblik dat ze inzien dat Jezus is uitgegaan van de Vader.

De leerlingen zeiden tot Jezus: ‘Ja, nu spreekt U rechtstreeks en niet in beelden. Nu begrijpen we dat U alles weet en dat niemand U iets hoeft te vragen, nu geloven we dat U van God bent gekomen.’
Jezus vroeg: ‘Nu geloven jullie? Er komt een tijd, en die tijd is er al, dat jullie uiteengedreven worden, dat ieder zijn eigen weg gaat en mij alleen achterlaat. Maar Ik ben niet alleen, want de Vader is bij mij.
Ik heb dit gezegd opdat jullie vrede vinden bij mij. Jullie zullen het zwaar te verduren krijgen in de wereld, maar houd moed: Ik heb de wereld overwonnen.’

Van Woord naar leven

Jezus sprak :  ‘Nu geloven jullie? Er komt een tijd, en die tijd is er al, dat jullie uiteengedreven worden, dat ieder zijn eigen weg gaat en mij alleen achterlaat. Maar Ik ben niet alleen, want de Vader is bij mij. Ik heb dit gezegd opdat jullie vrede vinden bij mij. Jullie zullen het zwaar te verduren krijgen in de wereld, maar houd moed: Ik heb de wereld overwonnen.’

In dezelfde perikoop lezen we dat de leerlingen uiteen zullen gedreven worden, dat ieder zijn eigen weg zal gaan en de Heer alleen achter laten, en dat we – ondanks dit alles – vrede zullen vinden bij Hem.
Inderdaad, wat er ook gebeurt… of we nu door derden uiteen gedreven worden, of we nu zelf onze eigenste weg gaan en de Heer alleen achter laten… de Heer zal trouw blijven in zijn aanwezigheid, én zijn vrede blijven aanbieden. Zoals Hij immers bij en in de Vader is, zo zal Hij bij en in ons blijven, of we Hem nu erkennen of niet.

Hopelijk is dit geen reden om zomaar onze eigen zin te doen… ‘De Heer bemint ons immers toch…’ zou je kunnen redeneren. Dat zou triest zijn.
De trouw van Jezus zou juist een reden moeten zijn ons nog meer toe te vertrouwen aan Hem; Hem trouw zijnde zoals Hij dat voor ons is.

God is groot. Dat anderen dat mogen zien doorheen onze levenswandel.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer Jezus,
ook al zijn wij ontrouw; Gij blijft trouw. Wij danken U om die grote liefde. Heer Jezus, tik op het hart van ons geweten wanneer wij ons van U verwijderen. Beziel ons dan met uw heilige Geest, opdat ons verlangen naar U ons weer met ons hele zijn doet richten naar de Vader, schepper van het volle leven.
Amen.