Lezingen van de dag – maandag 8 febr. 2016


Heilige (of feest) van de dag

Josephina Bakhita († 1947)2d8918e9e804566d7b49d4aecdfe2254

Josephina Bakhita, Schio bij Vicenza, Italië; kloosterlinge

Zij werd rond 1870 geboren in de Oost-Afrikaanse staat Soedan. Haar ouders moeten vooraanstaande mensen geweest zijn. Als kind was zij er getuige van hoe haar oudste zus werd gekidnapt door Europese slavenhandelaars. Twee jaar later – ze was toen ongeveer negen – overkwam haar hetzelfde lot: slavenhandelaars maakten haar buit. Met een grote groep andere gevangenen heeft ze dagenlang door het oerwoud gelopen. Toch wist ze samen met een vriendinnetje op een goed moment te ontsnappen. Maar vervolgens viel ze weer in handen van andere slavenhandelaars. Zij waren het die haar de naam ‘Bakhita’ gaven, wat cynisch genoeg ‘geluksvogeltje’ betekent! Ze werd verkocht aan een Turkse officier. Die gaf het meisje als cadeautje aan zijn vrouw. De behandeling die Bakhita van haar kreeg, tart alle beschrijving. Ze had meer weg van een roofdier, dan van een mens. Zo liet ze het kind brandmerken en tatoeëren; daarbij liep het kind rauwe open wonden op, die haar meesteres met zout behandelde.

Het was de Italiaanse consul in Khartoem, die haar in 1884 wist los te krijgen en haar meenam naar Venetië. Daar gaf hij haar cadeau aan een goede vriend. Deze man had een boekhouder, die diep gelovig was en zijn katholiek geloof niet alleen in woorden maar ook in daden naleefde. Toen hij bemerkte, dat het meisje een zuiver karakter had, begon hij haar de beginselen van het katholiek geloof bij te brengen. Bij de Zusters van Liefde van Canossa werd zij als geloofsleerling verder ingewijd in de katholieke leer. Maar er dreigde gevaar. De familie die haar cadeau had gekregen, eiste haar op: zij wilden dat het meisje meeging op een reis naar Afrika. Doodsbang vroeg zij de zusters of zij bij hen mocht blijven. Dezen voerden zelfs actie tot bij de aartsbisschop van Venetië. Die wist bij de Italiaanse regering gedaan te krijgen, dat Bakhita vrij werd verklaard; de slavernij was immers al enige tijd geleden officieel afgeschaft!

Op 9 januari 1890 werd zij door diezelfde patriarch gedoopt. Ze ontving de namen Josephina Margarita Fortunata (= Bakhita). De naam, die ze destijds als kind van haar Afrikaans ouders had ontvangen, was zij door alle traumatische ervaringen van de afgelopen jaren vergeten!

Enige tijd later trad zij in bij de Zusters van Liefde van Canossa. Op 8 december 1896 legde zij haar geloften af. In haar kloosterleven kreeg zij achtereenvolgens de taken te vervullen van kokkin, portierster, schoonmaakster en ziekenzuster. Vanwege haar zwarte huidskleur werd juist zij vaak uitgekozen om in de verschillende kloosters en instituten te komen spreken over Afrika met de bedoeling zo de missie te bevorderen. Dat waren voor haar de zwaarste opdrachten.

Hoewel zij ook binnen de kloostergemeenschap herhaaldelijk vernedering en discriminatie had te verduren, was zij een toonbeeld van toewijding, bescheidenheid en geduld. Naarmate zij ouder werd kwamen ook de gevolgen van haar traumatische jeugd meer en meer aan het licht; zij leed aan adervernauwing en had ademhalingsmoeilijkheden. Vooral het lopen kostte haar tenslotte enorm veel moeite. In januari 1947 kwam daar een dubbele bronchitis overheen. Op dat moment vroeg zij zelf om de Laatste Sacramenten. Zij stierf te Schio in het bisdom Vicenza op 8 februari 1947. Op 17 mei 1992 werd zij zalig verklaard en heilig in 2000.

Zij is beschermheilige van Soedan.

MAANDAG IN WEEK 5 DOOR HET JAAR


Uit het eerste boek Koningen 8, 1-7 + 9-13

Salomo heeft in Jeruzalem een tempel gebouwd voor de Heer. De ark van het Verbond wordt er in ondergebracht. De wolk, die de tempel vulde, was zoals in de woestijn een teken van Gods aanwezigheid onder zijn volk. Telkens opnieuw zal God in de geschiedenis van zijn volk de trouw aan Hem belonen met een uitdrukkelijk teken van zijn aanwezigheid. Het wordt nu opgave deze aanwezigheid van de Heer te blijven erkennen en recht te doen.

Koning Salomo liet de oudsten van Israël, de stamhoofden, allen die aan het hoofd van een familie stonden, in Jeruzalem bij zich komen om de ark van het verbond met de Heer over te brengen vanuit de Davidsburcht, de bergvesting op de Sion.
Alle Israëlieten kwamen in de maand etanim, de zevende maand, voor het feest naar koning Salomo.
Toen alle oudsten van Israël aanwezig waren, namen de priesters de ark op.
De ark van de Heer, de ontmoetingstent en de bijbehorende gewijde voorwerpen werden gedragen door de priesters en de Levieten. Koning Salomo hield met de Israëlieten, die zich met hem rond de ark verzameld hadden, een offerplechtigheid waarbij zo veel schapen, geiten en runderen werden geofferd dat hun aantal niet vast te stellen was.
De priesters brachten de ark van het verbond met de Heer naar zijn nieuwe plaats in de achterste zaal van de tempel, het allerheiligste, en zetten hem neer onder de vleugels van de cherubs, zodat de gespreide vleugels van de cherubs zich beschermend over de ark en zijn draagbomen uitstrekten.
De ark bevat niets anders dan de twee stenen platen die Mozes er op de Horeb in heeft gelegd, de platen waarop is vastgelegd wat de Heer voor de Israëlieten heeft bepaald tijdens hun uittocht uit Egypte.
Zodra de priesters uit het heiligdom naar buiten kwamen, vulde een wolk de tempel van de Heer. De priesters konden hun dienst niet meer verrichten, want de majesteit van de Heer vulde de hele tempel.
Toen sprak Salomo: ‘Heer, U hebt gezegd dat u in een donkere wolk wilde wonen. Welnu, ik heb voor U een vorstelijk huis gebouwd, dat voor altijd uw woning kan zijn.’

 

Psalm 132, 6-10

Refr.: Groot is de majesteit van de Heer !

In Efrata hoorden wij van de ark, Drieeenheid_2
wij vonden hem in de velden van Jaär.

Laten wij zijn woning binnengaan,
ons neerbuigen aan zijn voeten.

Trek op, Heer, naar uw rustplaats,
U en uw machtige ark.

Laten uw priesters zich kleden in gerechtigheid,
uw getrouwen juichen van vreugde.

Wijs omwille van David, uw dienaar,
het verzoek van uw gezalfde niet af.

 

Uit het evangelie volgens Marcus 6, 53-56

Ook in het land van Gennesaret dreigt Jezus slachtoffer te worden van zijn wonderdaden. Ook in het land van de heidenen trok Jezus van dorp tot dorp, van mens tot mens. Het heil is voor iedereen bestemd en zelfs op onvolkomen geloof geeft God antwoord.

Nadat Jezus en zijn leerlingen waren overgestoken, kwamen ze bij Gennesaret aan land en daar legden ze aan.
Toen ze uit de boot stapten, werd Hij meteen herkend.
In het hele gebied ontstond een druk komen en gaan van mensen, die zieken op draagbedden meenamen naar elke plaats waarvan ze hoorden dat Hij daar was.
Overal waar Hij kwam, in dorpen, steden en gehuchten, legden ze de zieken op het plein. Ze smeekten Hem of ze ten minste de zoom van zijn kleed mochten aanraken. En iedereen die Hem aanraakte, werd gered en genas.

Van Woord naar leven

“Waar Hij maar binnenkwam (…) legde men de zieken op de pleinen en smeekte Hem of zij tenminste de zoom van zijn kleed mochten aanraken. En allen die dit deden werden gezond.”

Laten we elkaar tot bij Jezus brengen – doorheen gebed en daad -, opdat Hij al die plekken kan aanraken in ons die een belemmering vormen in Hem te leven.

Een christen is geroepen te leven van binnen naar buiten, zijn ogen gericht op de wereld rondom hem, zijn hart gericht – vanuit Gods inwoning – op de medemens, dichtbij en veraf. De wereld is het werkdomein van de christen.

Er is zoveel dorst in de wereld, zoveel vraag naar liefde. Velen smeken vanuit hun ‘zijn’ naar innerlijke genezing. Zoveel mensen en gezinnen hebben honger; ja ook letterlijk bedoeld. Zoveel bejaarden smachten naar mensen die met hen meegaan naar dat grote moment van hun sterven. Je zou een hele waslijst kunnen opstellen van wat er allemaal te doen is. Verveling is uit den boze. In Gods tuin is er altijd werk.

Moge het duiveltje dat luiheid heet ons niet verleiden. Maar laten we als christenen wakker en enthousiast Gods liefde belichamen op al die plaatsen waar God ons vandaag brengt.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer,CaoWyloXIAALVfY.jpg large
verenig ons met U.
Dat deze ontmoeting
ons mag brengen
in dat eeuwige lied van Liefde
voor allen en alles.
Amen.