Lezingen van de dag – vrijdag 11 mei 2018


Heilige (of feest) van de dag

Gauthier van Esterp († 1070)

Gauthier (ook Gualterius of Walter) van Esterp (ook de Lesterps) oesa, Limoges, Frankrijk; abt

Hij was afkomstig uit Aquitanië en trad toe tot de augustijner monniken van Dorat in de Limousin, de landstreek rond de Zuid-Franse stad Limoges. Het schijnt dat hij daar als jonge monnik abt Hervé van St-Martin heeft gezien, toen deze het klooster van Dorat bezocht. Hij was bijzonder onder de indruk van zijn gebed. Na een ruzie met zijn overste trok hij zich terug te Confolens in de buurt van klooster Esterp. Enige tijd later trad hij daar in en werd al spoedig tot abt gekozen. Achtendertig jaar lang gaf hij leiding aan zijn monniken. Zelfs toen hij in 1062 blind werd, vroegen zij hem nog aan te blijven.

Hij was een bijzonder zachtaardige man. Er wordt verhaald hoe de kok van Esterp eens had vergeten dat het vrijdag was. Op de dag dat Christus werd gekruisigd deden christenen van oudsher sober aan. Dat uitte zich met name in het feit dat men geen vlees at, dat was immers een luxe artikel. Waar gewone christenen in de wereld zich al streng aan die leefregel hielden, waren monniken natuurlijk eens te meer verplicht zich hieraan te houden. Maar nu stond het vlees op tafel en het was vrijdag. Grote verlegenheid. Maar vader abt zei dat er een vergissing in het spel was, en geen kwade opzet. Het zou nog erger zijn, zulke goede spijzen te laten bederven of weg te gooien. God zou het hun vergeven. Hij gaf zelf het voorbeeld en tastte toe. Opgelucht volgden de monniken zijn voorbeeld.

vrijdag in de 6e paasweek


Uit de Handelingen van de Apostelen 18, 9-18

Terwijl Paulus te Korinte verblijft, bekeren vele mensen zich tot Christus. Sommige Joden stemden daar niet mee in. Paulus moet het dan ook ontgelden. Hij wordt echter vrijgesproken door de romeinse ambtenaar die niet zoveel begrijpt van die interne godsdienstige twisten in de kolonie.

‘s Nachts zei de Heer in een visioen tegen Paulus: ‘Wees niet bang, maar blijf spreken en zwijg niet! Ik sta je bij en niemand zal een vinger naar je uitsteken om je kwaad te doen, want veel mensen in deze stad behoren mij toe.’
Paulus bleef anderhalf jaar in Korinte en onderrichtte de inwoners over Gods boodschap.
Toen Gallio proconsul van Achaje was, keerden de Joden zich echter gezamenlijk tegen Paulus en daagden hem voor het gerecht. Ze namen hem mee naar Gallio en zeiden: ‘Deze man haalt de mensen over om God te vereren op een wijze die in strijd is met de wet.’
Nog voordat Paulus daarop kon reageren, zei Gallio tegen de Joden: ‘Als er sprake was van een misdrijf of een ernstige vorm van wangedrag, zou ik uw aanklacht uiteraard ontvankelijk hebben verklaard, maar aangezien het een geschil betreft over woorden en namen en uw eigen wet, moet u zelf maar zien wat u doet; over die zaken wil ik geen recht spreken.’ En hij liet hen uit de rechtszaal verwijderen.
Toen grepen de omstanders met zijn allen Sostenes vast, een leider van de synagoge, en ranselden hem voor het gerechtsgebouw af. Gallio trok zich van dit alles echter niets aan.
Nadat Paulus nog geruime tijd bij de leerlingen had doorgebracht, nam hij afscheid en vertrok per schip naar Syrië, samen met Priscilla en Aquila.
Voor zijn vertrek had hij in Kenchreeën zijn hoofd laten kaalscheren, omdat hij aan een gelofte gebonden was.

 

Psalm 47, 2 + 3 + 4 + 5 + 6 + 7

Refr.: Koning is God over heel de aarde.

Klap in de handen, o volken,
juich God toe met jubelzang:
geducht is de Heer, de Allerhoogste,
machtige koning van heel de aarde.

Volken dwong Hij voor ons op de knieën,
naties legde Hij aan onze voeten.
Hij koos voor ons een eigen land,
de trots van Jakob, het volk dat Hij liefheeft.

Onder gejuich steeg God omhoog,
de Heer steeg op bij hoorngeschal.
Zing voor God, zing een lied,
zing voor onze koning, zing Hem een lied.

 

Uit het evangelie volgens Johannes 16, 20-23a

Het behoren tot het christendom is geen vrijgeleide voor menselijk succes, voor macht in deze wereld. Jezus beloofde ons wèl een diepe inwendige vreugde, namelijk door zijn verrijzenis getuige te kunnen zijn van de geboorte van een nieuwe wereld.

Jezus sprak tot zijn leerlingen:
‘Waarachtig, Ik verzeker jullie: je zult huilen en weeklagen, terwijl de wereld blij zal zijn. Je zult bedroefd zijn, maar je verdriet zal in vreugde veranderen.
Ook een vrouw die baart heeft het zwaar als haar tijd gekomen is, maar wanneer haar kind geboren is, herinnert ze zich de pijn niet meer, omdat ze blij is dat er een mens ter wereld is gekomen.
Jullie hebben nu verdriet, maar Ik zal jullie terugzien, en dan zul je blij zijn, en niemand zal je je vreugde afnemen.
Dan hoeven jullie mij niets meer te vragen.’

Van Woord naar leven

Vandaag zegt Jezus ons: ‘Jullie hebben nu verdriet, maar Ik zal jullie terugzien, en dan zul je blij zijn, en niemand zal je je vreugde afnemen.’

Toen de Heer deze woorden sprak droegen de leerlingen de verrijzenisgenade nog niet in zich.
Wanneer alles zal voltrokken zijn, zal Hij, anders en meer dan ooit tevoren, bij hen terugkeren, en hen zijn vrede en vreugde schenken. Het zal zo diep geschonken worden dat niemand nog hen deze vreugde zal kunnen afnemen.

Zo ook bij ons wanneer we ons hart openen voor de paasgenade: Christus’ vrede zullen we ontvangen, en al ons doen en laten zullen we mogen beleven vanuit deze vrede, en wel zo dat niets of niemand deze vrede zal kunnen wegnemen.

Immers, zoals we kunnen lezen bij Paulus in de Romeinenbrief: niets zal ons nog kunnen scheiden van de liefde van Christus.

Voorwaarde is dat we ons niet verwijderen van de Heer, dat we ‘in Hem’ blijven, zowel in tijden dat het ons uiterlijk of innerlijk goed gaat alsook tijdens momenten dat we het zwaar hebben, op welk vlak ook.

Trouw aan de Heer, het ‘in Hem’ blijven, trouw aan ons gebed, trouw aan het beleven van zijn liefde, … sleutels die ons innerlijk weerbaar maken voor al die zaken die ons mogelijk kunnen wegtrekken van de liefde van Christus.

Moge de Geest ons op deze weg stuwen.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Heer,
schenk ons uw vrede, uw vreugde. Dat ze een blijvende bron mogen zijn van al ons doen en laten. Dat uw vreugde ons hele zijn mag bevruchten opdat we mogen stralen van uw onmetelijke goedheid, Gij, Christus, onze broeder en Heer.
Kom heilige Geest.
Amen.