Lezingen van de dag – vrijdag 15 juli 2016


Heilige (of feest) van de dag

Bonaventura van Albano († 1274)François,_Claude_(dit_Frère_Luc)_-_Saint_Bonaventure

Bonaventura (eigenlijk Johannes Fidanza) van Albano (ook van Lyon) ofm., Italië; bisschop & kerkleraar

Hij werd in 1217 te Bagnoregio bij Orvieto, Italië, als Johannes Fidanza geboren. Op vierjarige leeftijd werd hij door Franciscus van Assisi († 1226; feest 4 oktober) op wonderbare wijze genezen van een ziekte. De heilige had uitgeroepen: “O buona ventura!” (= “Wat een gelukkige gebeurtenis!”). Sindsdien droeg hij die uitroep als bijnaam.

Op zijn twintigste trad hij in bij de franciscanen en deed zijn studies aan de universiteit van Parijs. Vanaf 1253 fungeerde hijzelf als docent theologie; één van zijn collega’s was de beroemde dominicaner theoloog Thomas van Aquino († 1274; feest 28 januari). In 1257 werd hij niet alleen hoofddocent aan de faculteit, maar practisch tezelfdertijd werd hij benoemd tot 36e generale overste van zijn orde. In zijn tijd waren de ongeveer 30.000 franciscanen diepgaand verdeeld over de te volgen koers van de orde. Het ene gedeelte wilde een strenge, contemplatieve levenswijze naar het voorbeeld van de benedictijnen; het andere zag het liefst dat men zo letterlijk mogelijk de regel van Vader Faranciscus volgde. Bonaventura vond een middenweg tussen een godverbonden gemeenschappelijk gebedsleven en de apostolische ijver naar de mensen toe. Door zijn hervormingen van de franciscanenorde wordt hij soms de tweede stichter van de orde genoemd.

Een benoeming tot aartsbisschop van York wees hij af, maar paus Gregorius X († 1276; feest 10 januari) wees hem in 1273 aan als kardinaal-bisschop van Albano. Hij overleed tijdens het mede door hem voorbereide concilie van Lyon (1274), en werd begraven in de huidige St-Bonaventurekerk in die stad. Zijn lijfspreuk was ‘solo Deo honor et gloria’ (alleen aan God komt eer en glorie toe).

Hij werd in 1482 door paus Sixtus IV († 1484) heilig verklaard. Paus Sixtus V († 1590) riep hem uit tot ‘serafijns (= engelachtige) kerkleraar’ naar het voorbeeld van zijn collega in de scholastieke theologie, Thomas van Aquino, die sinds 1567 was uitgeroepen tot ‘doctor angelicus’ (= ‘engelachtige leraar’).

Hij is patroon van de franciscanen; daarnaast van theologen, zijdefabrikanten, arbeiders en in het bijzonder van sjouwers, en tenslotte van kinderen.

Hij wordt afgebeeld in de grijze of bruine pij van de franciscanen; als bisschop (tabberd, staf en mijter) of kardinaal (met breedgerande rode kardinaalshoed); met kruis en/of boek.

Bron: Heiligen.net

vrijdag in week 15 door het jaarbijbel


Uit de profeet Jesaja 38, 1-6 + 21-22 + 7-8

De bede van koning Hizkia om genezing wordt verhoord. Hij mag nog langer leven want hij deed wat de Heer behaagde. Zulke gebeden lijken ons wat onwezenlijk. Zij wijzen ons echter op de nauwe band die er bestaat tussen dit leven en de voortzetting ervan.

Hizkia werd dodelijk ziek. De profeet Jesaja, de zoon van Amos, kwam naar hem toe en zei: ‘Dit zegt de Heer: Maak je laatste wilsbeschikking op, want je sterft. Je zult niet meer beter worden.’
Hizkia draaide zijn gezicht naar de muur en bad tot de Heer: ‘Heer, ik smeek U, neem toch in aanmerking dat ik me altijd oprecht en met heel mijn hart naar uw wil heb gericht en steeds heb gedaan wat goed is in uw ogen.’ Daarbij stortte hij bittere tranen.
Toen richtte de Heer zich opnieuw tot Jesaja: ‘Ga naar Hizkia toe en zeg tegen hem: “Dit zegt de Heer, de God van je voorvader David: Ik heb je gebed gehoord en je tranen gezien. Welnu, Ik geef je nog vijftien jaar te leven, en Ik zal jou en deze stad redden uit de handen van de koning van Assyrië. Ik zal deze stad beschermen.”’
Jesaja beval de dienaren van de koning een plak gedroogde vijgen te nemen en de ontstoken plek ermee in te wrijven, waarop Hizkia nieuwe krachten kreeg. Hij vroeg: ‘Krijg ik van de Heer ook een teken dat ik weer naar de tempel zal kunnen gaan?’
Jesaja zei: ‘De Heer geeft u het volgende teken dat Hij zijn belofte zal nakomen: ik laat de schaduw op de zonnewijzer van Achaz tien graden achteruitgaan in plaats van vooruit.’ En de schaduw ging tien graden achteruit.


Jes. 38, 10 + 11 + 12abc + 16

Refr.: De Heer geeft mij nieuwe kracht, Hij doet mij herleven.

Ik dacht: In de bloei van mijn leven moet ik gaan,
de tijd die mij rest verblijf ik in het dodenrijk, Drieeenheid_2
ik zal de Heer niet meer zien in het land der levenden.
Ik dacht: nooit zal ik een mens nog aanschouwen
daar waar alles zijn einde vindt.

Mijn woonplaats werd ontruimd en lag open,
zoals de tent van een herder;
ik rolde mijn leven op zoals een wever het tentdoek,
hij heeft mijn draad afgesneden.
Maar mijn Heer zei: ‘Tijd om te leven!’
Al die tijd zal mijn geest in leven blijven.
U geeft mij nieuwe kracht, U doet mij herleven.


Uit het evangelie volgens Matteüs 12, 1-8

Mensen mogen niet gebruikt worden om wetten te rechtvaardigen maar integendeel zijn die wetten er voor de mensen. Dit was een van de vernieuwingen die Christus bracht. De Farizeeën offerden mensen op om hun wetten te redden. Christus bracht wetten om mensen te redden.

In die tijd liep Jezus op een sabbat door de korenvelden. Zijn leerlingen hadden honger en begonnen aren te plukken en ervan te eten.
Toen de Farizeeën dat zagen, zeiden ze tegen Hem: ‘Kijk, uw leerlingen doen iets dat op sabbat niet mag.’
Hij antwoordde: ‘Hebt u niet gelezen wat David deed toen hij en zijn metgezellen honger hadden, hoe hij het huis van God binnenging en er met hen van de toonbroden at, terwijl noch hij noch zijn mannen daarvan mochten eten, alleen de priesters? En hebt u niet in de wet gelezen dat de priesters die op sabbat in de tempel dienst doen en zo de sabbat ontwijden, onschuldig zijn? Ik zeg u: hier gaat het om meer dan de tempel! Als u begrepen had wat bedoeld wordt met: “Barmhartigheid wil Ik, geen offers”, dan zou u geen onschuldigen hebben veroordeeld. Want de Mensenzoon is Heer en meester over de sabbat.’

Van Woord naar leven

‘Barmhartigheid wil Ik, geen offers’, zegt Jezus ons vandaag.

Jezus is niet tegen het offer op zich, wanneer het kadert in een zuivere liefde tot God of medemens. Hij heeft wel kritiek wanneer het brengen van het offer de liefde teniet doet. Dan verliest het totaal zijn bedoeling. Bijbels gezien is offer en liefde één groot synoniem. Wie het offer los maakt van de liefde maakt zich tot slaaf van de wet waaruit de Geest totaal verbannen is.

Wanneer je ‘barmhartigheid’ opzoekt in het woordenboek, krijg je: ‘Barmhartigheid is de behoefte om hulp te verlenen aan mensen die in geestelijke of lichamelijke nood verkeren. Het is nauw verbonden met naastenliefde en rechtvaardigheid.’ Christelijk geduid zou je dan kunnen stellen dat barmhartigheid de stap is om vanuit Jezus’ aanwezigheid in jezelf naar de ander toe te gaan om hem Gods liefde aan te bieden.

Het is goed in de ander God te zien; God als bedelaar naar liefde. In de ander komt immers Christus naar ons toe die zegt: ‘Ik heb dorst’.
Laten we Gods dorst lessen door elkaar lief te hebben, door elkaar barmhartigheid te tonen.

Laten we dit oprecht doen en eenvoudig, fris en met de glimlach van God.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Goede God, Heer van hemel en aarde,869525ac8c583aeae6d5f0092f66b338_950x600_fit
Gij vraagt geen offers, maar barmhartigheid. Geef dat wij de wet van uw liefde dag na dag van harte mogen aanvaarden, haar koesteren en beminnen, opdat uw Rijk meer en meer gestalte mag krijgen in onze huizen, straten, dorpen en steden. Alle dagen van ons leven. Amen.