Lezingen van de dag – vrijdag 22 december 2017


Heilige (of feest) van de dag

Hunger van Utrecht (+ 866)

Hunger van Utrecht, Nederland; bisschop

Op het moment dat Hunger tot bisschop van Utrecht werd gekozen, was hij priester te Utrecht. Dat is eigenlijk alles wat men van hem weet. Naar het schijnt was hij een bescheiden teruggetrokken man, die bovendien leed aan een of andere handicap. Zijn bisschopsbenoeming rond 854 was dan ook een volslagen verrassing. De proost van het kapittel was de beoogde kandidaat, maar deze weigerde botweg. Daarop zou Odulfus († 855; feest 12 juni) het op Hungers keuze hebben aangestuurd. Odulfus was een oud, wijs en ervaren priester, die raadsman was geweest van meerdere bisschoppen. Klaarblijkelijk heeft men zijn advies gevolgd.

Utrecht maakte op dat moment deel uit van het Frankische Middenrijk, dat zich als een lange strook uitstrekte van de Noordzee tot Rome aan toe. Het werd geregeerd door Lotharius II († 869), die zijn naam gegeven heeft aan de landstreek Lotharingen dat tot het Middenrijk behoorde. Het gebied was onverdedigbaar voor de invallen van de Noormannen. Dezen plunderden Dorestad, de Betuwe en ook de bisschopsstad Utrecht. Kerken in puin, mensen gedood, verkracht of weggevoerd:alles in één klap vernietigd. Hunger had het vege lijf weten te redden, en zocht zijn toevlucht bij de koning. Deze schonk hem het toenmalige Berg (= het huidige St-Odiliënberg). Daar leefde de herinnering voort aan de eerdere geloofsverkondigers Wiro († 710; feest 8 mei), Otger en Plechelmus.

Het huidige romaanse kerkje is van later datum, maar staat nog altijd op diezelfde plek.

Aan de goede betrekkingen met de vorst kwam een eind, toen deze de bisschoppenvergadering, te Aken bijeen, vroeg zijn huwelijk met zijn wettige echtgenote Teutberga te ontbinden ten gunste van zijn maîtresse Waldrada. Hij had er al een paar kinderen bij, terwijl Teutberga kinderloos was gebleven. Tot drie keer toe kwamen de bisschoppen van Lotharingen en van West-Frankenland bijeen, en uiteindelijk stemden zij toe in Lotharius’ verzoek. Waarschijnlijk wilden zij de lieve vrede bewaren, of waren zij te afhankelijk van de vorst geworden door de vele schenkingen die hij had gedaan. Hoe dan ook, Hunger was de enige die zijn stem verhief. Hij viel in ongenade. Maar paus Nicolaas († 867) ging niet overstag, complimenteerde Hunger voor zijn standvastige houding, zette de bisschoppen van Trier en Keulen af, en dreigde Lotharius te excommuniceren als hij niet onmiddellijk terugkeerde naar zijn eigen vrouw.

Wat is verder gebeurd? Zeker is dat Hunger later goede betrekkingen aanknoopte met een aanvoerder van de Vikingen, Rorik. Toen bisschop Hincmar († 882; feest 21 december) van deze man een gunst nodig had, maakte hij gebruik van Hungers bemiddeling. Dat is het laatste wat men van hem weet.

Er is een traditie die meent te weten dat Hunger zijn laatste levensdagen sleet als benedictijn in de abdij van Prüm in de Eifel. Het kan zijn. Maar in de 18e eeuw meende men zijn stoffelijk overschot gevonden te hebben bij de Utrechtse plaats Breukelen.

Hij wordt afgebeeld met een van stralen schitterende trouwring.

vrijdag in de 4e week van de advent


Uit het eerste boek Samuël 1, 24-28

Hanna had een belofte gedaan: indien haar verlangen naar het moederschap in vervulling zou gaan, was ze bereid haar jongen aan de dienst van de Heer af te staan. Vandaag vernemen we hoe Hanna met haar zoon Samuël haar belofte nakomt.

In die dagen nam Hanna Samuël mee naar Silo en bracht hem, zo jong als hij was, naar het heiligdom van de Heer. Ze had ook een driejarige stier bij zich, een efa meel en een zak wijn. Ze slachtten de stier en brachten de jongen naar Eli.
Daar zei Hanna: ‘Neem me niet kwalijk, heer, zo waar u leeft, ik ben de vrouw die destijds hier bij u tot de Heer heeft gebeden. Om deze zoon heb ik gebeden, en de Heer heeft mij gegeven waar ik om heb gevraagd. Nu geef ik hem op mijn beurt aan de Heer, voor alle dagen die hem gegeven zijn.’
Toen knielde Eli voor de Heer.

 

1 Sam. 2, 1 + 4 + 5 + 6 + 7 + 8abcd

Refr.: De Heer doet mijn hart van vreugde slaan.

Nu juicht mijn hart dankzij de Heer,
fier heft mijn hoofd zich op, dankzij de Heer.
Mijn mond spreekt vrijmoedig tegen mijn vijanden,
want dankzij uw hulp beleef ik vreugde.
De boog van de helden is gebroken,
en wie wankelen weten zich gesterkt.

Die genoeg hadden, verkopen zich voor brood,
en wie hongerden zijn verzadigd.
De onvruchtbare baart zeven zonen,
en wie veel kinderen heeft, verwelkt.
De Heer doet sterven en doet leven,
zendt naar het dodenrijk en leidt eruit omhoog.

De Heer maakt arm en Hij maakt rijk,
vernedert diep en heft hoog op.
De zwakke en de arme helpt Hij overeind,
Hij haalt hen uit het stof en uit het slijk.
Tussen de edelen zet Hij hen neer,
Hij houdt een ereplaats voor hen vrij.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 1, 46-56

Het evangelie verhaalt ons een lied van een dankbare moeder. Maria zingt haar geluk uit bij haar nicht Elisabeth: ‘Mijn hart prijst hoog de Heer…’. Sindsdien zingen alle generaties van christenen dit lof- en danklied tot Hem, die ons zijn Zoon geschonken heeft.

Bij haar bezoek aan Elisabeth sprak Maria:
‘Mijn ziel prijst en looft de Heer, mijn hart juicht om God, mijn redder: Hij heeft oog gehad voor mij, zijn minste dienares. Alle geslachten zullen mij voortaan gelukkig prijzen, ja, grote dingen heeft de Machtige voor mij gedaan, heilig is zijn naam. Barmhartig is Hij, van geslacht op geslacht, voor al wie Hem vereert. Hij toont zijn macht en de kracht van zijn arm en drijft uiteen wie zich verheven wanen, heersers stoot Hij van hun troon en wie gering is geeft Hij aanzien. Wie honger heeft overlaadt Hij met gaven, maar rijken stuurt Hij weg met lege handen. Hij trekt zich het lot aan van Israël, zijn dienaar, zoals Hij aan onze voorouders heeft beloofd: Hij herinnert zich zijn barmhartigheid jegens Abraham en zijn nageslacht, tot in eeuwigheid.’
Maria bleef ongeveer drie maanden bij haar, en ging toen terug naar huis.

Van Woord naar leven

Op Kerknet.be staat er deze dagen een mooi interview te lezen met Timothy Radcliffe, dominicaan in Oxford. In dat interview (dat je hier kan nalezen) heeft hij het over de vreugde van de christen, een vreugde die haar wortels vindt in God zelf. Wie in ontmoeting leeft met God, draagt vreugde. Daarom geen uitbundige vreugde met veel toeters en bellen, maar een innerlijke vreugde die aan ons te ‘zien’ kan zijn, en die we ook mogen laten zien.

Iets dergelijks lezen we vandaag in het evangelie in dat mooie lied dat we ‘het magnificat’ zijn gaan noemen. Maria prijst God omdat Hij omziet naar het kleine, omdat Hij het nederige uitkiest om gebaard te worden voor de mensheid. Maria weet zich aangeraakt door God en dat doet haar ziel in vreugde ontvlammen.

Lieve mensen, we zijn Maria niet, en we zijn geen fysische dragers van de Heer, en we zullen Hem ook nooit zichtbaar baren. Anderzijds zijn we wel geroepen Maria te zijn, dragers van de Heer, geroepen Hem te baren voor de mensheid.

Laten we ons van deze aanraking door God bewust zijn. En laten we ons daarbij spiegelen aan Maria. Ja, laat ons klein zijn en nederig, beschikbaar en dienstbaar. Opdat ook wij dragers zouden zijn van de Heer, geroepen Hem te baren in elk gebed voor de mensheid, in elke daad van liefde.

Moge dit gebeuren onze ziel doen jubelen, ons hart doen juichen. Om God.
Wat is Hij groot !!!

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Maria,
met u prijst en looft mijn ziel de Heer, met u juicht mijn hart om God, mijn redder. Hij had oog voor u, zijn dienares. Alle geslachten zullen u voortaan gelukkig prijzen. Ja, grote dingen heeft de Machtige voor ons gedaan; heilig is zijn Naam ! Barmhartig is Hij, van geslacht op geslacht, voor al wie Hem vereren. Hij toont zijn macht en de kracht van zijn arm, wie zich verheven wanen verdrijft Hij, heersers stoot Hij van hun troon, en wie gering is geeft Hij aanzien. Wie honger heeft overlaadt Hij met gaven, rijken stuurt Hij heen met lege handen. Hij trekt zich het lot aan van Israël, zijn dienaar, zoals Hij aan onze voorouders heeft beloofd. Hij herinnert zich zijn barmhartigheid jegens Abraham en heel zijn nageslacht, tot in eeuwigheid. Ja Maria, met u prijst en looft mijn ziel de Heer.
Tot in lengte van dagen. Amen.