Lezingen van de dag – vrijdag 25 november 2016


Heilige (of feest) van de dag

Alnoth van Chester († eind 7e eeuw)candle-1129354_640

Alnoth van Chester, Schotland; kluizenaar

Hij was een eenvoudige bediende in het klooster bij Sint Werburga te Chester († 699; feest 3 februari). Hij trok zich terug in Northumbrië om het leven van een kluizenaar te leiden en werd daar door een stel onverlaten om het leven gebracht.
Zijn verhaal staat opgetekend in een levensbeschrijving van Sint Werburga.

vrijdag in week 34 door het jaarbijbel


Uit het boek Apocalyps 20, 1-4 + 11 + 21, 2

Wij verwachten de opstanding van de doden en het leven van het komend Rijk. Op het einde der tijden zal het kwaad overwonnen zijn, de doden zullen opstaan en het wordt een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waar het verbond tussen God en de mens zal vervuld zijn.

Ik, Johannes, zag een engel uit de hemel neerdalen met de sleutel van de onderaardse diepte en zware ketenen in zijn hand. Hij greep de draak, de slang van weleer, die ook duivel of Satan wordt genoemd, en ketende hem voor duizend jaren. Hij gooide hem in de diepte, sloot de put boven hem en verzegelde die, opdat de volken niet meer door hem misleid zouden worden tot de duizend jaar voorbij waren; daarna moet hij korte tijd worden losgelaten.
Ook zag ik tronen, en aan hen die erop zaten werd recht gedaan. Het zijn de zielen van hen die onthoofd waren omdat ze van Jezus hadden getuigd en over God hadden gesproken; zij hadden het beest en zijn beeld niet aanbeden en ook zijn merkteken niet op hun voorhoofd of hun hand gekregen. Zij waren tot leven gekomen en heersten duizend jaar lang samen met de Messias.
Toen zag ik een grote witte troon en Hem die daarop zat. De aarde en de hemel vluchtten van Hem weg en verdwenen in het niets.
Toen zag ik de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, uit de hemel neerdalen, bij God vandaan. Ze was als een bruid die zich mooi heeft gemaakt voor haar man en hem opwacht.

 

Psalm 84, 3-6 + 8a

Refr.: Zie hier Gods woning onder de mensen.

Van verlangen smacht mijn ziel
naar de voorhoven van de Heer. Drieeenheid_2
Mijn hart en mijn lijf roepen
om de levende God.

Zelfs de mus vindt een huis en de zwaluw een nest
waarin ze haar jongen neerlegt,
bij uw altaren, Heer van de hemelse machten,
mijn koning en mijn God.

Gelukkig wie wonen in uw huis,
gedurig mogen zij U loven.
Gelukkig wie bij U hun toevlucht zoeken,
met in hun hart de wegen naar U.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 21, 29-33

Zoals bomen die botten tekenen zijn van de naderende zomer, zo verwijzen de tekenen die Jezus gaf naar het komende Rijk. Dit begon toen Christus zijn Rijk verstigde midden onder ons. Bij zijn wederkomst in heerlijkheid zal Hij zijn Rijk voltooien.

Jezus sprak tot zijn leerlingen:
‘Kijk naar de vijgenboom en al de andere bomen. Als je ziet dat ze uitlopen, weet je dat de zomer in aantocht is. Zo moeten jullie ook weten, wanneer je die dingen ziet gebeuren, dat het Koninkrijk van God nabij is.
Ik verzeker jullie: deze generatie zal zeker niet verdwenen zijn wanneer dit alles gebeurt. Hemel en aarde zullen verdwijnen, maar mijn woorden zullen nooit verdwijnen.’

Van Woord naar leven

‘Hemel en aarde zullen verdwijnen, maar mijn woorden zullen nooit verdwijnen’, zegt Jezus ons vandaag.

Ik denk dat de meesten van ons ’s morgens, wanneer ze opstaan, naar buiten kijken, om te zien wat voor weer het is. We kijken niet enkel naar buiten, maar ook omhoog, naar de lucht. Want deze lucht is gewoonlijk een voorbode voor het weer van de komende uren, de komende dag.
Dat ‘naar buiten kijken’, elke dag opnieuw, is een vanzelfsprekendheid. En da’s normaal; wij leven immers in het weer dat die dag aan ons gegeven wordt, en we willen weten wat dat weer inhoudt.

Lezen wij, met dezelfde vanzelfsprekendheid, Gods Woord aan ons vandaag gegeven? Want net zoals het weer ons gegeven is, zo is ook het Woord aan ons geschonken, dag na dag.

Het is goed, wanneer wij ’s morgens opstaan, dit Woord te lezen, het ter harte te nemen. Dit Woord is immers vandaag aan ons gegeven als een fris, nieuw en vooral levend Woord. Het Woord dat vlees is geworden (Christus zelf) komt ons tegemoet doorheen zijn Woord. Het draagt de genade in zich Hem te ontmoeten die ons zijn Woord schenkt.
Het is als zaad dat in ons hart wordt gezaaid. In de stille overweging van dat Woord kan het wortel schieten en vrucht dragen doorheen ons gebed en bezigheden tijdens de dag.

Zonder dat we het misschien beseffen, leven we op deze wijze met onze ziel gericht naar de eeuwigheid. Want Gods Woord is eeuwig (zo lezen we vandaag), en deelnemen aan het Woord voert ons in het eeuwig leven. Ja, nu reeds.

Of om het met andere woorden te zeggen: wie leeft in en naar Gods Woord geeft zijn leven een eeuwigheidswaarde, doordat zijn leven (gebed, doen, en laten) verankerd zal zijn in het leven van Christus, die eeuwig is.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

bible-1023919_960_720Heer,
wij danken U dat Gij dagelijks tot ons komt doorheen uw Woord. Schenk ons liefde voor uw Woord, help ons het te begrijpen en om te zetten in ons dagelijks bestaan. Veranker ons in Uzelf, opdat velen U mogen ontmoeten.
Amen.