Lezingen van de dag – vrijdag 7 sept 2018


Heilige (of feest) van de dag

Hildward van Dikkelvenne († ca 750)

0sb, België

Wetenschappelijk gesproken is er eigenlijk maar één ding zeker over hem: halverwege de 9e eeuw werden zijn relieken, tezamen met die van Sint Christiana van Dikkelvenne († ca 700; feest 26 juli), overgebracht naar Dendermonde. Ook meent men voor waar te kunnen aannemen dat Hildward een rondreizend missiebisschop was die te Dikkelvenne een benedictijner abdij en een kerk stichtte.
Voor het overige is men aangewezen op levensbeschrijvingen die vele eeuwen na zijn dood zijn geschreven door vrome monniken. In het beste geval konden zij daarbij steunen op oude documenten. Maar voor het overige vulden zij het verhaal aan met vrome gedachten die veeleer hun beeld van een heilige weerspiegelen dan gebeurde feiten.
Volgens die verhalen zou Hildward van Frankische afkomst zijn geweest. Bij bisschop Bertinus van Toul zou hij opleiding hebben genoten. Nadat de bisschop door struikrovers om het leven was gebracht werd Hildward door koning Dagobert III († 715) en het volk als diens opvolger aangewezen.
Op oude bisschopslijsten van deze stad komt zijn naam echter niet voor. Wetenschappers betwijfelen dan ook sterk of dat ooit het geval is geweest.

Maar een plaatselijke edelman wilde zijn zoon liever zien op die zetel. Daarop stuurde Hildward zijn ring terug aan Dagobert met het verzoek een uitspraak te doen. God strafte de graaf; er wordt niet bij verteld hoe, en deze zag verder af van zijn aanspraken.
Nu vertrok Hildward met twee gezellen, Brinus en Bittinus, naar Rome om er de apostelgraven te bezoeken en de zegen van de paus te ontvangen. Deze gaf hem te kennen dat zijn bestemming niet in Toul lag, maar meer naar het noorden, in Vlaanderen.
Zo vestigde hij zich als rondreizend missiebisschop zonder vaste zetel in Dikkelvenne. Hij kreeg onderdak bij een weduwe die hij tot Christus bekeerde. Een plaatselijke edelman vond dit alles zeer bedreigend: hij diende Hildward en de weduwe lijfstraffen toe. Maar terwijl hij nog geraffineerder straffen aan het uitdenken was, werd hij plotseling getroffen door de waarheid van het evangelie, bekeerde zich en liet zich dopen. Hij deed schenkingen waarvan de St-Pietersabdij en de St-Pieterskerk te Dikkelvenne konden worden gesticht.
Intussen verscheen een Engelse prinses op het toneel: Christiana. Zij stelde zich onder zijn leiding en liet zich dopen. Daarna leidde zij het leven van een toegewijde kluizenares.

Hildward moet rond 750 te Dikkelvenne gestorven zijn. Hij zou als abt worden opgevolgd door zijn twee medepelgrims van destijds: Brinus en Bittinus. Zijn klooster werd rond 1081 overgeplaatst naar Geraardsbergen onder de naam St-Adrianusabdij.
In 846 werden de relieken van Hildward en Christiana overgebracht naar Dendermonde. Daar bevinden ze zich nog steeds. Sindsdien is Christiana eerste patroon van de stad en en Hildward tweede.

vrijdag in week 22 door het jaar


Uit de eerste brief van Paulus aan de Korintiërs 4, 1-5

Een apostel mag niet uitsluitend op zijn eigen oordeel afgaan, noch zich laten beïnvloeden door slogans. De boodschap naar de mond van de mensen ombuigen is ontrouw. De christenen verwachten van ware apostelen dat ze trouw het hele en onvervalste evangelie doorgeven.

Broeders en zusters,
men moet ons beschouwen als dienaren van Christus, aan wie het beheer over de geheimen van God is toevertrouwd. Van iemand die deze taak vervult, wordt verlangd dat hij betrouwbaar is.
Maar hoe u of een menselijke instelling over mij oordeelt interesseert me niet, en hoe ik over mezelf oordeel telt evenmin. Ik ben me weliswaar van geen kwaad bewust, maar dat betekent niet dat mij niets ten laste kan worden gelegd. Het is de Heer die over mij oordeelt.
Houd dus op te oordelen en wacht de tijd af dat de Heer komt, omdat Hij het is die aan het licht zal brengen wat in het duister verborgen is en zal onthullen wat de mensen heimelijk beweegt. En dan zal God het zijn die ieder de lof geeft die hem toekomt.

 

Psalm 37, 3 + 4 + 5 + 6 + 27 + 28 + 39 + 40

Refr.: De Heer redt wie schuilt bij Hem.

Vertrouw op de Heer en doe het goede,
bewoon het land en leef er veilig.
Zoek je geluk bij de Heer,
Hij zal geven wat je hart verlangt.

Leg je leven in de handen van de Heer,
vertrouw op Hem, Hij zal dit voor je doen:
het recht zal dagen als het morgenlicht,
de gerechtigheid stralen als de middagzon.

Mijd het kwade en doe het goede,
en je zult voor eeuwig wonen in het land,
want de Heer heeft gerechtigheid lief,
wie Hem trouw zijn, verlaat Hij niet.

Zij blijven voor eeuwig behouden,
maar het nageslacht van zondaars wordt verdelgd.
De rechtvaardigen vinden redding bij de Heer,
Hij is hun toevlucht in tijden van nood.

De Heer heeft hen altijd geholpen en bevrijd,
Hij bevrijdt hen ook nu van de zondaars,
Hij redt hen, want zij schuilen bij Hem.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 5, 33-39

De Kerk moet zich geregeld vernieuwen. Bijkomstige en achterhaalde gewoontes mag ze niet aanhouden ten koste van een gezonde aanpassing aan de mensen van nu. Zij moet zich steeds opnieuw de vraag stellen of ze de hele boodschap heeft vertaald en verstaanbaar gemaakt voor de mensen van nu, zodanig dat zij ervan kunnen leven. Niemand zet een oude lap in een nieuw kleed.

De schriftgeleerden en Farizeeën zeiden tegen Jezus: ‘De leerlingen van Johannes vasten dikwijls en zeggen hun gebeden, zoals ook de leerlingen van de Farizeeën doen, maar die van U eten en drinken maar.’
Jezus zei: ‘U kunt toch niet verlangen dat de bruiloftsgasten vasten zolang de bruidegom bij hen is? Maar er komt een dag dat de bruidegom bij hen wordt weggehaald, en dan is het hun tijd om te vasten.’
Hij vertelde hun ook een gelijkenis: ‘Niemand scheurt een lap van een nieuwe mantel om daarmee een oude mantel te verstellen, want dan scheurt hij de nieuwe, terwijl de lap niet bij de oude past. En niemand giet jonge wijn in oude leren zakken, want dan scheuren de zakken door de jonge wijn en wordt de wijn verspild, terwijl de zakken verloren gaan. Jonge wijn moet in nieuwe zakken worden gedaan. Maar niemand die oude wijn gedronken heeft, wil jonge; hij zegt immers: “De oude wijn is goed!”’

Van Woord naar leven

In de tussenzang, uit psalm 37, lezen we in vers 27: ‘Mijd het kwade en doe het goede, en je zult voor eeuwig wonen in het land’.
Ik wil graag samen met u wat verder mijmeren over dit psalmvers.

Het kwade mijden en het goede doen. Heel duidelijke taal. Elke normaaldenkende mens zal dit ook beamen. Het is de weg bij uitstek voor het creëren van een samenleving waar het goed is om leven, en wel voor ieder.
Christen, jood, moslim, en zelfs de ongelovige, zal zich vinden in deze woorden.

Een christen-gelovige leest de woorden ‘doe het goede’ echter zeer specifiek. Het ‘goede doen’ heeft, zoals je weet, te maken met het volbrengen van Gods wil, met het leven ‘in God’, met liefhebben zoals God liefheeft in Christus. Het is je geven aan Jezus’ tegenwoordigheid diep in jezelf, in de ander, in de Kerk, in de schepping. Het is je toevertrouwen aan Christus’ leven, aan zijn liefde. Het is je beschikbaar stellen voor zijn roep die uw roeping zal zijn, bereid een antwoord te geven; een antwoord dat haar thuis zal vinden in het ja-woord van Hem tot de Vader.

Dus hoe humaan de uitspraak ‘doe het goede’ ook klinkt, voor een christen hebben deze woorden een zeer specifieke klank, juist omdat hij ze zal horen en ontvangen als woorden van de Heer; als hét Woord.

In de diepte heeft het volbrengen van dit Woord dan ook te maken met gehoorzaamheid, met het in vrijheid gehoor geven aan dat wat door God zelf gevraagd wordt.

Een gevolg zal zijn dat het kwade gemeden wordt. Want je handelt immers in de liefde, en de liefde heeft tot eigenschap zuiver te blijven, tenminste de liefde van de Heer, en zij die in deze liefde blijven.

Een ander gevolg zal zijn, zoals het vers zegt in een tweede gedeelte, dat ‘je eeuwig zult wonen in het land’. Ja, in het land. In het land van de Heer. Geen land mooi geografisch afgebakend door grenzen, maar het land dat men het ‘nieuwe Jeruzalem’ noemt; een land dat van binnenuit beleefd wordt, in gemeenschap met allen die op weg zijn in deze wereld te leven zonder van deze wereld te zijn.

En heel bewust gebruik ik de woorden ‘met allen die op weg zijn’. Want het gaat hier niet over een gemeenschap van zogenaamde heiligen, maar over mensen die samen op weg gaan, met vallen en opstaan, lukkend en mislukkend, in licht en duisternis, doorheen twijfel en zekerheid, elkaar vergevend, elkaar dragend. Maar altijd in het diepe gelovig besef dat God hen roept om vanuit een innerlijke overgave aan zijn Zoon de weg van het leven te gaan; zijn liefde vierend, drinkend van de genade van het kruis, levend in de gave van Pasen.

Moge Gods heilige Geest ons hart voortdurend neigen naar Hem.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer God,
beziel ons allen met uw heilige Geest. Moge wij van binnenuit gestuwd worden in gemeenschap te leven met uw Zoon, opdat wij uw roep tot het volbrengen van uw liefde mogen beantwoorden door ons in een diep geloof toe te vertrouwen aan zijn tegenwoordigheid in en rondom ons.
Moge uw liefde gevierd worden, ten diepste.
In Christus, amen.