Lezingen van de dag – woensdag 17 juni 2015


Heilige (of feest) van de dag

Raniero Scacceri (+ 1160)Ranieri-Scacceri

Raniero Scacceri, Pisa, Italië; pelgrim & kluizenaar

Raniero Scacceri was afkomstig uit Pisa. Hij reisde rond als troubadour en liedjeszanger waarbij hij zichzelf op de violine begeleidde. Zelf zegt hij van die periode in zijn leven dat hij elke gelegenheid tot zonde steeds met beide handen aangreep… Eens kwam hij een vrome kluizenaar tegen die zijn leven in de eenzaamheid aan God toewijdde. Onverhoeds zei hij tegen hem: “Pater, doe voor mij een gebedje, want ik ben lang zo gelukkig niet als ik er van buiten uitzie.” Dat gebed veranderde zijn leven. Want hij kwam er door tot inkeer; hing zijn instrument aan de wilgen en beweende zijn zonden zo intens dat hij er nagenoeg blind van werd.

Nu werd hij marskramer. Hij wilde iets verdienen om een pelgrimstocht naar het Heilige Land te kunnen maken. Maar toen hij op een dag in zijn beurs tastte, kwam daar een stank vandaan, zo afgrijselijk als alleen de duivel zelf kan veroorzaken. Dat was het moment waarop hij zich voornam nooit meer een vinger naar geld uit te steken. Nu leefde hij alleen nog van aalmoezen en giften. Op de boot die hem naar Jezus’ geboorteland bracht nam hij plaats tussen de roeiers. Alles deed hij met hen samen: roeien, eten, bidden en grappen maken. Hij wist de arme drommels onderweg zo te vermaken dat ze er waren voor ze er erg in hadden.

Na terugkomst trad hij als oblaat in bij de benedictijnen van het St-Andreasklooster te Pisa. Oblaat wil zeggen dat iemand binnen de kloostermuren woont en de levenswijze van de monniken deelt, echter zonder zich geheel aan het klooster te verbinden. Daartoe achtte hij zich in alle eenvoud niet waardig genoeg; hij vond van zichzelf dat hij er niet echt bij hoorde. Later verhuisde hij in dezelfde stad naar het Sint-Vitusconvent. Hij mocht van zichzelf geen hoge dunk hebben, voor de mensen van de stad was hij van onschatbare waarde. Liep hij over straat, dan wisselde hij een vriendelijk woord met ze; speelde soms even met de kinderen en maakte grapjes. Wie in nood zat wist hem te vinden: hij luisterde in alle ernst, leefde mee en stond bekend om de goede raad die hij wist te geven. Men zegt van hem dat hij in staat was bepaalde ziekten te genezen: waarschijnlijk ziekten die te maken hadden met zwaarmoedigheid. Waar hij kwam, begon de zon te schijnen en sloeg de geest van pessimisme en wanhoop op de vlucht. Hij stierf in 1160. Bij wijze van eerbetoon droegen de stadsbestuurders hem ten grave.

In 1591 werd zijn gebeente opgegraven en plechtig bijgezet in een nieuwe vleugel van de kathedraal van Pisa.

Hij is patroon van de stad Pisa; daarnaast van de kluizenaars en van reizigers.

WOENSDAG IN WEEK 11 DOOR HET JAAR

Uit de tweede brief van Paulus aan de Korintiërs 9, 6-11

God houdt van de blijmoedige gever. Dikwijls ontkrachten wij onze gaven door geen belang te hechten aan de manier waarop wij geven. Een gave kan pas een gave zijn als zij aangenomen wordt. En om een gave te doen aannemen is het van het grootste belang dat wij met blijheid geven.

Broeders en zusters,
bedenk dit: wie karig zaait, zal karig oogsten; wie overvloedig zaait, zal overvloedig oogsten.
Laat ieder zoveel geven als hij zelf besloten heeft, zonder tegenzin of dwang, want God heeft lief wie blijmoedig geeft.
God heeft de macht u te overstelpen met al zijn gaven, zodat u altijd en in alle opzichten voldoende voor uzelf hebt en ook nog ruimschoots kunt bijdragen aan allerlei goed werk.
Zo staat er geschreven: ‘Gul deelt hij uit aan de armen, zijn rechtvaardigheid houdt stand, voor altijd.’
God, die zaad geeft om te zaaien en brood om te eten, zal ook u zaad geven en het laten ontkiemen, zodat uw vrijgevigheid een rijke oogst opbrengt.
U bent in ieder opzicht rijk geworden om in alles vrijgevig te kunnen zijn, en uw vrijgevigheid leidt door onze bemiddeling tot dankzegging aan God.

 

Psalm 112, 1 + 2 + 3 + 4 + 9

Refr.: God de Heer is trouw in eeuwigheid.

Gelukkig de mens met ontzag voor de Heer, 996
en met liefde voor zijn geboden.

Zijn nageslacht geniet aanzien in het hele land,
de oprechten worden gezegend.

Rijkdom en weelde bewonen zijn huis,
en zijn rechtvaardigheid houdt stand, voor altijd.

Hij straalt voor de oprechten als licht in het duister,
genadig, liefdevol en rechtvaardig.

Standvastig is zijn hart en zonder vrees.
Aan het eind ziet hij zijn vijanden verslagen.

 

Uit het evangelie volgens Matteüs 6, 1-6 + 16-18

De christelijke praktijken onderhouden om op te vallen bij anderen, is niet de juiste mentaliteit. Dan doen wij het voor onszelf en niet voor God of voor de anderen. Het radicalisme van het evangelie wil niet opvallen. Het handelt alleen vanuit een diepe overtuiging van een waarachtig godsgeloof, en dat werkt in stilte.

Jezus zei tot zijn leerlingen:
‘Let op dat jullie de gerechtigheid niet beoefenen voor de ogen van de mensen, alleen om door hen gezien te worden. Dan beloont jullie Vader in de hemel je niet.
Dus wanneer je aalmoezen geeft, bazuin dat dan niet rond, zoals de huichelaars doen in de synagoge en op straat om door de mensen geprezen te worden. Ik verzeker jullie: zij hebben hun loon al ontvangen. Maar als je aalmoezen geeft, laat dan je linkerhand niet weten wat je rechterhand doet. Zo blijft je aalmoes in het verborgene, en jullie Vader, die in het verborgene ziet, zal je ervoor belonen.
En wanneer jullie bidden, doe dan niet als de huichelaars die graag in de synagoge en op elke straathoek staan te bidden, zodat iedereen hen ziet. Ik verzeker jullie: zij hebben hun loon al ontvangen. Maar als jullie bidden, trek je dan in je huis terug, sluit de deur en bid tot je Vader, die in het verborgene is. En jullie Vader, die in het verborgene ziet, zal je ervoor belonen.
Wanneer jullie vasten, zet dan niet zo’n somber gezicht als de huichelaars, want zij doen dat om iedereen te laten zien dat ze aan het vasten zijn. Ik verzeker jullie: zij hebben hun loon al ontvangen. Maar als jullie vasten, was dan je gezicht en wrijf je hoofd in met olie, zodat niemand ziet dat je aan het vasten bent, alleen je Vader, die in het verborgene is. En jullie Vader, die in het verborgene ziet, zal je ervoor belonen.’

Van Woord naar leven

De overweging van vandaag is ontleend aan  de ‘Filokalia, het innerlijk gebed’, uitg. Ankh-Hermes bv – Deventer

Vandaag zegt Jezus tot ieder van ons: ‘Als jullie bidden, trek je dan in je huis terug, sluit de deur en bid tot je Vader, die in het verborgene is.’

Het uiterlijke gebed heeft zijn vaste vorm, getal en ordening volgens het kerkelijk gebruik, zijn vaste tijd in het huis Gods of thuis.
Het innerlijk gebed wordt in je binnenste verricht, op elke plaats, op elk moment, zo dikwijls als hart en verstand zich in vrijheid tot God verheffen. Dit gebed volgt de aanwijzing van de Heer: ‘Als jullie bidden, trek je dan in je huis terug, sluit de deur en bid tot je Vader, die in het verborgene is’. Je huis is je hart. Je draagt het overal bij en je kunt je daarin op elk moment, ook te midden van de mensen, afzonderen en zonder woorden je geest tot God verheffen.
‘In dit kamertje van je hart zou de mens zich dikwijls moeten terugtrekken om in de volle warmte van een levend geloof in het verborgene tot God te bidden.’ (Dimitri van Rostov)

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer,
kom met uw heilige Geest over ieder van ons. Open ons hart en stroom in ons binnen. Vervul ons gehele zijn met U en neem ons op uw uw Drie-ene Liefde. Trek ons in de genade van het innerlijk gebed; los van al wat is, met U verenigd, van U doordrongen.
Kom Heer Jezus, kom.
Amen.