Lezingen van de dag – woensdag 17 okt 2018


Heilige (of feest) van de dag

Ignatius van Antiochië († 110)

gedachtenis

Ignatius van Antiochië was bisschop van Antiochië in Syrië, waartoe hij in 69/70 werd aangesteld. Hij wordt gerekend tot de Apostolische Vaders. Hij stierf in 110 in Rome de marteldood. Hij heeft zijn naamdag in de Syrisch-orthodoxe Kerk van Antiochië en de rooms-katholieke Kerk op 17 oktober, in de Orthodoxe Kerk op 20 december.

Over het leven van Ignatius is weinig bekend. Hij schreef verschillende brieven aan christengemeenten in Klein-Azië en Italië terwijl hij op bevel van keizer Trajanus naar Rome werd gevoerd om in het Colosseum ter dood te worden gebracht.

Over die reis naar Rome heeft Kerkvader Eusebius van Caesarea geschreven. Op allerlei plaatsen kreeg Ignatius bezoek van afgevaardigden van christelijke gemeenten. In Smyrna ontmoette hij Polycarpus en kreeg hij bezoek van een deputatie uit de christengemeente van Efeze. Dit gezelschap bestond uit Onesimus, de bisschop van Efeze, een diaken genaamd Burrus, en nog drie anderen: Crocus, Euplus en Fronto. Hieruit blijkt dat er tussen de jonge christelijke gemeenten intensief contact was en er een uitvoerig netwerk van onderlinge relaties moet hebben bestaan. De christelijke kerk heeft zich kennelijk al heel vroeg kunnen organiseren.

Van de brieven die Ignatius tijdens zijn reis aan verschillende christengemeenten schreef, zijn er zeven bewaard gebleven. Ze vormen een rijke bron aan informatie over de vroegchristelijke verwerking van de boodschap van het Evangelie. De brieven dragen soms een wat leerstellig karakter. Soms zijn ze meer troostend en ondersteunend van aard.

• De brief aan de Efeziërs
• De brief aan de Magnesiërs
• De brief aan de Tralliërs
• De brief aan de Romeinen
• De brief aan de Philadelphiërs
• De brief aan de Smyrnaeërs
• De brief aan Polycarpus

Ignatius stelt in zijn brieven verschillende zaken aan de orde. Hij gaat onder andere in op de eenheid van de christelijke kerk, de persoon van Christus, de verhouding leraar en leerlingen, de twee rijken. Voor de ontwikkeling van de theologie zijn deze brieven van groot belang. Jezus is voor Ignatius voluit God. In de brieven bestrijdt hij het docetisme en de gnostiek. Hij pleit voor het gezag van de bisschop. Zonder dit gezag is de doop en het liefdesmaal niet geoorloofd. De gemeente van Rome bekleedt in zijn visie de eerste plaats. De verlossing dacht hij niet in morele termen als verlossing van de zonden, maar zag die meer als bevrijding van de dood. Daarom noemde hij het avondmaal of liefdesmaal een geneesmiddel tot onsterfelijkheid.

woensdag in week 28 door het jaar


Uit de brief van Paulus aan de Galaten 5, 18-25

Aan zijn vruchten erkent men een boom. Aan de vruchten van de Geest kan men nagaan of wij onze zelfzucht gekruisigd hebben en leven volgens de Geest, om zo het koninkrijk van God te erven.

Broeders en zusters,
wanneer u door de Geest geleid wordt, bent u niet onderworpen aan de wet. Het is bekend wat onze eigen wil allemaal teweegbrengt: ontucht, zedeloosheid en losbandigheid, afgoderij en toverij, vijandschap, tweespalt, jaloezie en woede, gekonkel, geruzie en rivaliteit, afgunst, bras– en slemppartijen, en nog meer van dat soort dingen. Ik herhaal de waarschuwing die ik u al eerder gaf: wie zich aan deze dingen overgeven, zullen geen deel hebben aan het koninkrijk van God.
Maar de vrucht van de Geest is liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Er is geen wet die daar iets tegen heeft.
Wie Christus Jezus toebehoort, heeft zijn eigen natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis geslagen.
Wanneer de Geest ons leven leidt, laten we dan ook de richting volgen die de Geest ons wijst.

 

Psalm 1, 1 + 2 + 3 + 4 + 6

Refr.: Wie U volgt, Heer, zal het levenslicht zien.

Gelukkig de mens die niet meegaat met wie kwaad doen,
die de weg van zondaars niet betreedt,
bij spotters niet aan tafel zit,
maar vreugde vindt in de wet van de Heer
en zich verdiept in zijn wet, dag en nacht.

Hij zal zijn als een boom,
geplant aan stromend water.
Op tijd draagt hij vrucht,
zijn bladeren verdorren niet.
Alles wat hij doet komt tot bloei.

Zo niet de wettelozen !
Zij zijn als kaf dat verwaait in de wind.
De Heer beschermt de weg van de rechtvaardigen,
de weg van de wettelozen loopt dood.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 11, 42-46

Aan andere mensen vragen wat men zelf niet doet, dat ontneemt ons niet alleen elk recht van spreken, maar maakt ons huichelachtig. Als wij ons dan nog laten eren en dienen, stijgt de huichelachtigheid ten top. Jezus is hier duidelijk over.

Jezus sprak:
‘Wee jullie Farizeeën, want jullie geven tienden van munt, wijnruit en andere kruiden, maar gaan voorbij aan de gerechtigheid en de liefde tot God; je zou het een moeten doen zonder het andere te laten. Wee jullie Farizeeën, want jullie zitten graag op een ereplaats in de synagoge en worden graag begroet op het marktplein. Wee jullie, want jullie zijn als ongemarkeerde graven waar de mensen overheen lopen zonder het te weten.’
Daarop zei een wetgeleerde tegen Hem: ‘Meester, door die dingen te zeggen beledigt U ook ons.’
Maar Jezus zei: ‘Wee ook jullie, wetgeleerden! Want jullie leggen de mensen ondraaglijke lasten op, maar raken die zelf met geen vinger aan.’

Van Woord naar leven

Vandaag een korte overweging.
Ik zit wat op den droge en vind weinig woorden.

Wee u … zegt Jezus vandaag.

We zijn geroepen te leven van binnen naar buiten.

Dat ‘binnen’ is de Heer; zijn inwoning, zijn liefde voor ieder. Dat ‘buiten’ is de wereld, de medemens, de schepping, Gods wijngaard, daar waar Hij vraagt in zijn dienst te treden.

Laten we ons diep vanbinnen nestelen in Gods liefde, opdat we in Hem mogen leven. Liefst zuiver, zodat er geen ‘wee u’ moet klinken aan ons adres.

Laat ons de stilte en de dorst beminnen.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer,
leer ons te leven van binnen naar buiten,
vanuit uw inwoning in ons.
Help ons op te staan in U.
U beminnend.
Amen.