Lezingen van de dag – woensdag 18 juli 2018


Heilige (of feest) van de dag

Frederik van Utrecht († 838)

Frederik (ook Fredericus) van Utrecht, Nederland; bisschop & martelaar

Hij was van Friese adel; naar men zegt was hij een kleinzoon van de Friese koning Radboud. Zijn ouders zagen het liefste dat hij later geestelijke zou worden. Daarom stuurden ze hem naar de kloosterschool van Utrecht. Op dat moment was Rixfried daar bisschop. Deze overleed juist op het moment dat keizer Lodewijk de Vrome in het land was. Hij wees Frederik als nieuwe bisschop aan. Dat moet rond 826 geweest zijn.

Frederik staat te boek als een geleerd man. Hij was o.a. bevriend met de grote Rhabanus Maurus, abt van het door Bonifatius gestichte klooster Fulda en bisschop van Mainz († 856; feest 4 februari). Wellicht is deze vriendschap ontstaan tijdens het concilie van Mainz in 829, waarop ze allebei aanwezig waren.

Hij preekte vooral op Walcheren.

Een latere legende vertelt, hoe Frederik tenslotte aan zijn einde kwam. Eens werd hij door keizer Lodewijk de Vrome op een feestmaaltijd uitgenodigd. Bij die gelegenheid bracht de keizer een paar misstanden ter sprake die er bij de bewoners van het Zeeuwse eiland Walcheren heersten. Hij drong er bij hem op aan hen desnoods met geweld in te peperen dat ze niet mochten trouwen met naaste bloedverwanten. De bijbel verbood het immers.

Intussen had bisschop Frederik met verbazing gezien hoeveel vorken de keizer aan tafel gebruikte. Hij zei: “Majesteit, als u een vis eet, begint u dan bij de kop of bij de staart?” Verbaasd antwoordde Lodewijk: “Bij de kop natuurlijk, daar zit immers het meeste merg.” “Heel juist, zei de nieuwe bisschop, en daarom begin ik ook bij de kop, dus bij uzelf. Want u maakt u zelf schuldig aan bloedschande met vrouwe Judith. Zij is immers een bloedverwante van u!”

Terwijl Frederik op Walcheren over Gods wetten preekte, zon vrouwe Judith op wraak. Ze huurde twee moordenaars die hem om het leven brachten. Hij werd bijgezet in de crypte van de Sint-Salvatorkerk te Utrecht.

Hij wordt als martelaar vereerd.

Jaarlijks wordt op de derde zondag van juli in Vlierzele (Vlaanderen) een processie gehouden ter ere van hem.

Zijn voorspraak wordt ingeroepen tegen doofheid.

Hij wordt afgebeeld als bisschop (met tabberd, mijter en staf); twee zwaarden in de borst; twee moordenaars die hem slaan, waarbij de ingewanden uit een gapende wonde naar buiten komen.

woensdag in week 15 door het jaar


Uit de profeet Jesaja 10, 5-7 + 13-16

Het vraagt heel wat moed en inzicht om de gebeurtenissen van de tijd te verstaan in het licht van Gods plannen. Zelfs het optreden van mensen die tegen God zijn, past volgens Jesaja in dit kader. Zo beschrijft hij het optreden van Assyrië tegen Israël.

Zo spreekt de Heer:
Wee Assyrië, gesel van mijn toorn, stok waarmee Ik in mijn woede sla.
Je koning zend Ik naar een goddeloos volk, Ik stuur hem af op het volk dat mij tergde, om te plunderen en te roven en buit te behalen, en hen te vertrappen als vuil op straat.
Maar zo heeft hij dat niet bedoeld, hij heeft iets anders in de zin, hij streeft naar de ondergang van talloze volken.
Want deze beweerde: ‘Op eigen kracht heb ik dit gedaan, in mijn grote wijsheid–want ik ben wijs! Ik heb grenzen verlegd en volken geplunderd, door mijn macht heb ik hen in het stof doen bijten. Zoals iemand een vogelnest vindt, zo vond ik de rijkdom van die volken, en zoals iemand verlaten eieren verzamelt, zo nam ik heel de aarde in mijn handen. Er was niemand meer die zijn vleugels bewoog of die zijn snavel opende om te tjilpen.’
Schept een bijl op tegen wie ermee hakt? Verheft een zaag zich boven wie hem hanteert? Alsof de scepter heerst over wie hem vastheeft, alsof de stok optilt wie hem omhooghoudt!
Daarom laat God, de Heer van de hemelse machten, zijn weldoorvoede volk vermageren, Hij verteert hun welvaart als door een groot vuur.

 

Psalm 94, 5 + 6 + 7 + 8 + 9 + 10 + 14 + 15

Refr.: De Heer zal zijn volk niet verstoten.

Zij vertrappen uw volk, Heer,
onderdrukken uw liefste bezit,
weduwen en vreemdelingen doden ze,
kinderen zonder vader brengen ze om.

De Heer ziet het niet, zeggen ze,
de God van Jakob merkt toch niets.
Kom tot inzicht, onverstandigen.
Dwazen, worden jullie ooit wijs ?

Hij heeft het oor geplant – zou Hij niet horen ?
het oog gevormd – zou Hij niet zien ?
Die de volken leidt, de mensen leert
en vermaant – zou Hij niet straffen ?

Nee, de Heer zal zijn volk niet verstoten,
zijn liefste bezit niet verlaten.
De rechtspraak voegt zich weer naar het recht,
de oprechten van hart sluiten zich aan.

 

Uit het evangelie volgens Matteüs 11, 25-27

Alleen de nederigen van hart maakt Jezus de geheimen van zijn Vader bekend. Zij staan ervoor open. Wie de rede als centrum plaatst van zijn leven heeft het veel moeilijker. Dankbare eenvoud en blije ontvankelijkheid in een geest van diep geloof zijn onmisbare voorwaarden voor het Rijk Gods.

In die tijd zei Jezus:
‘Ik loof U, Vader, Heer van hemel en aarde, omdat U deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt gehouden, maar ze aan eenvoudige mensen hebt onthuld. Ja, Vader, zo hebt U het gewild.
Alles is mij toevertrouwd door mijn Vader, en niemand dan de Vader weet wie de Zoon is, en wie de Vader is, dat weet alleen de Zoon, en iedereen aan wie de Zoon het wil openbaren.’

Van Woord naar leven

God openbaart zichzelf, zijn aanwezigheid, zijn liefde, aan kinderen. Daarmee bedoelt Jezus in eerste instantie eenvoudige mensen, die zijn als kinderen van God, mensen waar je goedheid tegenkomt, hulpvaardigheid, eerlijkheid, vriendelijkheid, zachtheid, doorzettingsvermogen, terughoudendheid, wijsheid, inzicht. Mensen die je kunt aanspreken op voorzichtigheid, rechtvaardigheid, sterkte en matigheid. Mensen waarbij je die glimp van Gods genade bespeurt door hun geloof, hoop en liefde.

Laat ons eenvoudige mensen zijn; wijze mensen, liefdevol, oprecht en eerlijk. Moeilijk is dat niet. Het is een keuze waar onze samenleving alleen maar beter van wordt. En waar God een gelaat krijgt.

Naar woorden van Michel Hagen

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Goede God,
maak ons tot eenvoudige mensen; mensen die leven met het hart, oprecht, liefdevol, eerlijk. Moge Jezus daarbij onze kracht zijn, onze genade te delen in uw liefde.
Kom heilige Geest, vervul ons bidden met een diep geloof dat ons doet schenken aan Jezus opdat we in Hem beeld mogen worden van Gods liefde.
Amen.