Lezingen van de dag – woensdag 30 augustus 2017


Heilige (of feest) van de dag

Fiacre van Meaux († ca. 670)

Frankrijk; kluizenaar

Hij was van Ierse afkomst en vestigde zich als kluizenaar in de buurt van Meaux op een landgoed dat hem door Sint Faro († ca 672; feest 28 oktober) ter beschikking was gesteld. Zijn kluizenaarswoning werd al tijdens zijn leven een veelbezochte plek.

In de kapel van Notre Dame du Tertre in de Bretonse plaats Châtelaudren (Côtes-du-Nord) wordt de legende van zijn leven afgebeeld op 15e eeuwse plafondschilderingen. We zien hoe zijn koninklijke ouders elkaar omhelzen en hoe een oude kluizenaar vervolgens aan de moeder voorspelt dat uit deze gemeenschap een groot heilige zal groeien. De geboorte van Fiacre verloopt vlot en een min toont het zojuist geboren kind aan de trotse vader. Vervolgens zien we hoe de jonge Fiacre afstand doet van zijn rechten op de troon en besluit het leven van een kluizenaar te leiden. Hij neemt afscheid van zijn bedroefde ouders. We zien hoe hij zich hult in een monnikspij en een opengeslagen bijbel naast zich heeft liggen.

In een bootje steekt hij over naar het vasteland waar hij zich meldt bij bisschop Faro van Meaux, ten oosten van Parijs. Deze wijst hem een stuk grond toe om te bewonen en stelt hem een schop ter hand om het te ontginnen. Aangekomen op zijn grondgebied hoeft hij niets te doen. Op zijn gebed vallen de bomen vanzelf om.

Een vrouw uit de buurt, Becnaude, is er getuige van en beschuldigt hem ervan toverkrachten te gebruiken. De bisschop hecht aanvankelijk geloof aan haar beschuldigingen. Maar als hij inziet dat hij daaraan verkeerd doet, biedt hij nederig zijn verontschuldigingen aan, waarop de heilige kluizenaar hem vergeeft. Deze zelfde legende vinden we op muurschilderingen uit 1540 in de kerk van de Franse plaats Sillegny (Moselle).

Op afbeeldingen uit de St-Fiacrekapel bij Radenac, (Morbihan, Bretagne) zien we nog hoe Sint Fiacre, altijd met zijn onafscheidelijke schop in de hand, zijn gebeden verricht voor een Maria-altaar en hoe zieken genezing bij hem zoeken. In de parochiekerk van het Belgische plaatsje Boussu bevindt zich een schilderij dat uitbeeldt hoe hij het evangelie verkondigt aan de mensen in de omgeving.

In Châtelaudren tenslotte weer is afgebeeld hoe hij in eenzaamheid vroom afsterft en hoe engelen zijn ziel ten hemel voeren

Na zijn dood ging dat onverminderd door. In Bretagne heeft hij op vele plaatsen een kapel, vaak met bron. Zo bv. in Radenac, Guengat, Guidel, Treffiagat en Plusquelle. In Parijs heten tot op de dag van vandaag huurkoetsen ‘fiacres’, omdat de eerste rijtuigen gehuurd konden worden bij een hotel met een levensgrote beeltenis van de heilige naast de deur. Hij is patroon van de hoveniers en wordt dan ook vaak afgebeeld met een spade in de hand.

Zijn voorspraak wordt ingeroepen tegen kinkhoest, darm- en ingewandsklachten, bloedingen en steenpuisten.

woensdag in week 21 door het jaar


Uit de eerste brief van Paulus aan de Tessalonicenzen 2, 9-13

Paulus beschrijft nog verder zijn dienstbetoon aan de Tessalonicenzen. Hij was nooit anderen tot last. Als een vader heeft hij ieder van hen vermaand en aangemoedigd. Daarom is hij zo blij dat de Tessalonicenzen in hem de gezondene van de Heer hebben herkend.

U herinnert u, broeders en zusters, hoe we ons hebben ingezet en ingespannen, hoe we dag en nacht hebben gewerkt om niemand van u tot last te zijn. Op die manier hebben we u het evangelie van God verkondigd. U kunt getuigen, en God zelf, hoe toegewijd, hoe oprecht en zuiver we bij u, die tot geloof gekomen bent, hebben geleefd. U weet dat we voor ieder van u waren als een vader voor zijn kinderen. We hebben u aangespoord en bemoedigd en u op het hart gedrukt zo te leven dat u God eer bewijst. Hij roept u tot zijn koninkrijk en luister. Wij danken God dan ook onophoudelijk dat u zijn woord, dat u van ons ontvangen hebt, niet hebt aangenomen als een boodschap van mensen, maar als wat het werkelijk is: als het woord van God dat ook werkzaam is in u, die gelooft.

 

Psalm 139, 7-12

Refr.: Heer, met al mijn wegen bent U vertrouwd.

Heer, hoe zou ik aan uw aandacht ontsnappen,
hoe aan uw blikken ontkomen ?
Klom ik op naar de hemel – U tref ik daar aan,
lag ik neer in het dodenrijk – U bent daar.

Al verhief ik mij op de vleugels van de dageraad,
al ging ik wonen voorbij de verste zee,
ook daar zou uw hand mij leiden,
zou uw rechterhand mij vasthouden.

Al zei ik: ‘Laat het duister mij opslokken,
het licht om mij heen veranderen in nacht,’
ook dan zou het duister voor u niet donker zijn;
de nacht zou oplichten als de dag,
het duister helder zijn als het licht.

 

Uit het evangelie volgens Matteüs 23, 27-32

Jezus eindigt zijn verwensingen aan de Farizeeën. Hij vergelijkt hen met opgesmukte graven die vanbinnen vol zitten met huichelarij en ongerechtigheid. De Farizeeën vergelijken zich met de oude profeten, terwijl ze van het geslacht waren dat de profeten heeft uitgemoord.

Jezus sprak:
‘Wee jullie, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars, jullie lijken op witgepleisterde graven, die er vanbuiten wel fraai uitzien, maar vol liggen met doodsbeenderen en andere onreinheden. Zo lijken ook jullie voor de mensen uiterlijk op rechtvaardigen, terwijl jullie innerlijk vol huichelarij en wetsverachting zijn.
Wee jullie, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars, jullie bouwen grafmonumenten voor de profeten en versieren de graven van de rechtvaardigen, en jullie zeggen: “Als wij geleefd hadden in de tijd van onze voorouders, zouden wij ons niet zoals zij schuldig hebben gemaakt aan de moord op de profeten.” Daarmee erkennen jullie zelf dat jullie kinderen zijn van hen die de profeten vermoord hebben. Maak de maat van jullie voorouders dan maar vol!’

Van Woord naar leven

‘Wee jullie, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars, jullie lijken op witgepleisterde graven, die er vanbuiten wel fraai uitzien, maar vol liggen met doodsbeenderen en andere onreinheden. Zo lijken ook jullie voor de mensen uiterlijk op rechtvaardigen, terwijl jullie innerlijk vol huichelarij en wetsverachting zijn.’

De schriftgeleerden en Farizeeën, maar ook al de anderen die in hun spoor volgen, wij ook soms, zijn experts in camouflagetechnieken. De zorg om de schone schijn te redden, om de ware realiteit te verbergen, maakt mensen buitenmate vindingrijk.

Als formalisme het in ons leven dreigt te halen op oprechtheid, als uiterlijke vroomheid veraf staat van innerlijke bewogenheid, als geloof en leven, woorden en werken, niet meer overeen komen, dan opent het witgekalkte graf ook bij ons zijn gapende muil.

Met andere woorden: laat ons de geest van de letter dienen, en nooit de letter van de wet.

Of met nog andere woorden: laten we de liefde dienen, en enkel de liefde.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Heer,
geef dat wanneer wij in de spiegel zien, U zouden zien. Neem alle schijnheiligheid van ons weg en maak ons tot zuivere instrumenten van uw Liefde.
Alle dagen van ons leven. Amen.