Lezingen van de dag – woensdag 4 januari 2017


Heilige (of feest) van de dag

Elisabeth Anne Bayley-Seton (+ 1821)82ca6109ad55d7897639cc3d0acf4350

Elisabeth Anne (ook Beth-Ann of Betty Ann) Bayley-Seton, Baltimore, Maryland, Amerika; stichteres

Zij werd in 1774 te New York geboren in het gezin van de episcopaalse arts Richard Bayley. Omdat moeder stierf bij de geboorte van het volgende kind, hertrouwde vader al het jaar daarop. Niet lang daarna vertrok hij naar Engeland om anatomie te gaan studeren. Hij wilde een zo goed mogelijk arts zijn. Hoewel hij gelovig niet bijzonder geïnteresseerd was, had hij veel hart voor zijn patiënten. Hij was bijvoorbeeld de eerste dokter die zijn patiënten in een eigen rijtuigje thuis ging opzoeken. Na twee jaar keerde hij terug. Met de opvoeding bemoeide hij zich weinig. Toch gaf hij zijn kinderen het beeld mee van een sociaal voelend man, met hart voor de armen en begiftigd met een flinke dosis heldhaftigheid. Trekken die we ook bij Elisabeth Anne zullen tegenkomen.

In tegenstelling tot haar vader was zij wel gelovig actief. Op haar zeventiende kwam zij in aanraking met de jonge zakenman William Magee Seton. Hij had al heel wat van de wereld gezien. Zo had hij een aantal jaren in de Italiaanse plaats Livorno doorgebracht en bij de rijke bankier Filicchis de fijne kneepjes van het vak geleerd. Hij was naar New York gekomen om er een nieuw bedrijf op te zetten. Bij de eerste ontmoeting viel William voor de schoonheid van Elisabeth, terwijl hij in Italië toch geleerd had in zaken nooit de voorzichtigheid uit het oog te verliezen… Zo trouwden de twee op 25 januari 1794 in de episcopaalse Holy Trinity Church te New York. Het werd een ‘High-Society’-huwelijk, en ook de eerste jaren van haar huwelijksleven worden gekenmerkt door bezoekjes over en weer, party’s, paardrijden, dansen en schouwburgbezoek. Elisabeth’s brieven uit die tijd sprankelen van enthousiasme en genieten. Intussen krijgen ze vijf kinderen: Anne Mary, William, Catherine, Richard en Rebecca.

Maar stilaan bekruipt haar het gevoel van ‘Is dit het nou? Moet ik niet meer met leven aanvangen dan gezelligheid nastreven en tijdverdrijf zoeken?’ Ze krijgt de kans de handen uit de mouwen te steken, als ze hoort dat honderden Ierse immigranten in quarantainebarakken verblijven onder de meest verwaarloosde omstandigheden. Vanuit haar kerk biedt ze hulp aan: voedsel, kleding, verzorging. Baby’s die hun moeder verloren hebben, geeft zij persoonlijk de borst. Hoewel haar vader onder de indruk is van haar heldhaftigheid, raadt hij haar dat ten strengste af, maar zij trekt zich daar niets van aan. Dan gaat het bedrijf van haar man failliet, en blijkt ook zijn gezondheid niet helemaal in orde. Haar leven verandert op slag: ze heeft veel zorgen aan haar hoofd, maar ze blijkt er uitstekend mee overweg te kunnen.

William wil terug naar Livorno, waar hij het vroeger zo goed heeft gehad; om advies in zaken, om beter te worden, om… nou ja, omdat hij denkt dat hij daar zal opknappen. Ze vertrekken per boot naar Italië. Vader is behoorlijk ziek en lijdt aan tuberculose, destijds vaak een dodelijke ziekte. Ze nemen alleen het oudste kind mee; de anderen blijven thuis. Bij aankomst in Italië mogen ze het land niet in, omdat men bang is voor besmettingsgevaar. De oude vrienden van William zijn er om ze welkom te heten; ook Elisabeths halfbroer staat op de kade. Hoe graag ze elkaar ook in de armen waren gevallen: het mocht niet. Ze moesten eerst een maand in quarantaine in het ‘pesthuis’. De omstandigheden waren armoedig en slecht. Hun vrienden sleepten van alles aan om hun het leven zo aangenaam mogelijk te maken. William lag al die tijd op een matras op de grond.

Na die maand betrokken ze een kamer in Pisa. Reeds acht dagen later stierf William. Elisabeth-Anne was op dat moment 29 jaar. In afwachting van de terugreis logeerde zij met haar 8-jarige dochter bij de schatrijke familie Filicchis. Hun huis telde wel honderd kamers. Dat alles vroeg om drommen personeel. Het waren overtuigde katholieken. Elke dag werd in de huiskapel de mis gelezen. In de stad bezocht Elisabeth-Anne de mooie kerken, die altijd open waren en waar je op elk moment van de dag even kon bidden. Het katholiek geloof was veel warmer en dichterbij dan haar eigen geloof waar ze zich met hart en ziel voor had ingezet.

Bij aankomst thuis in New York stond haar een zware taak te wachten: de opvoeding van haar vijf kinderen zonder man. Bijna onmiddellijk zocht zij contact met de plaatselijke katholieke gemeenschap. Zij trok zich niets aan van het commentaar uit haar omgeving. Het paste niet bij haar familie, bij haar maatschappelijk aanzien, katholieken waren vooral arme gevluchte Ieren, wat had ze daar te zoeken…? Op 14 maart, Aswoensdag 1805, ging zij over naar de katholieke kerk.

Haar werd gevraagd of zij in Baltimore, Maryland, een schooltje wilde openen en vooral aandacht wilde schenken aan het geloofsonderricht van de kinderen. Ze stemde toe en haar onderneming verliep voorspoedig. Ze kreeg de hulp van andere vrouwen en meisjes. Op aanraden van de plaatselijke bisschop maakte zij van het onderwijzeressenteam een zustercongregatie. Ze zouden leven volgens de kloosterregel van Vincentius a Paolo en noemden zich ‘The Sisters of Charity of St Joseph’ (= De Zusters van Barmhartigheid van Sint Jozef). Zo ontstond de eerste zustercongregatie in Amerika zelf. De eerste tien jaar deed Elisabth-Anne dienst als algemeen overste. Daarnaast vergat ze haar taak van moeder niet. Intussen had ze twee van haar dochters en twee van haar schoonzoons aan de tuberculose verloren. Zelf stierf ze op 4 januari 1821, zesenveertig jaar oud.
In 1963 werd ze door Paus Johannes XXIII († 1963; sterfdag 3 juni) zalig verklaard en heilig in 1975 door paus Paulus VI († 1978). Daarmee was zij de eerste heilige van Amerikaanse bodem.
Op dit moment zijn de Zusters van Barmhartigheid in de Verenigde Staten de grootste zustercongregatie.

woensdag na 1 januaribijbel


Uit de eerste brief van Johannes 3, 7-10

Het kwaad is een realiteit in de wereld en in het leven van ieder. Waar echter goddelijk leven is door het geloof en het doopsel, mag en kan de zonde niet heersen.

Kinderen,,
laat niemand u misleiden: wie rechtvaardig leeft is een rechtvaardige, zoals ook Jezus rechtvaardig is, en wie zondigt komt uit de duivel voort, want de duivel heeft vanaf het begin gezondigd. De Zoon van God is dan ook verschenen om de daden van de duivel teniet te doen.
Wie uit God geboren is zondigt niet, want Gods zaad is blijvend in hem. Hij kán zelfs niet zondigen, want hij is uit God geboren.
Hieraan is te zien wie kinderen van God en wie kinderen van de duivel zijn: wie niet rechtvaardig leeft, komt niet uit God voort. Hetzelfde geldt voor wie zijn broeder of zuster niet liefheeft.

 

Psalm 98, 1 + 7 + 8 + 9

Refr.: Zing voor de Heer een nieuw lied.

Zing voor de Heer een nieuw lied: Drieeenheid_2
wonderen heeft Hij verricht.

Laat bruisen de zee en alles wat daar leeft,
laat juichen de wereld met haar bewoners.

Laten de rivieren in de handen klappen
en samen met de bergen jubelen.

Juich voor de Heer, want Hij is in aantocht
als rechter van de aarde.

Rechtvaardig zal Hij de wereld berechten,
de volken oordelen naar recht en wet.

 

Uit het evangelie volgens Johannes 1, 35-42

Johannes de Doper wijst Jezus aan als de Messias, en verdwijnt zelf in de schaduw als zijn leerlingen Jezus beginnen te volgen. Jezus zelf brengt de leerlingen dààr waar zijn verblijf is: bij de Vader.

De volgende dag stond Johannes er weer met twee van zijn leerlingen. Toen hij Jezus voorbij zag komen, zei hij: ‘Daar is het Lam van God.’
De twee leerlingen hoorden wat hij zei en gingen met Jezus mee.
Jezus draaide zich om, en toen Hij zag dat ze hem volgden, zei Hij: ‘Wat zoeken jullie?’
‘Rabbi’, zeiden zij tegen Hem (dat is in onze taal ‘meester’), ‘waar logeert U?’
Hij zei: ‘Kom maar mee, dan zul je het zien.’
Ze gingen met Hem mee en zagen waar Hij onderdak had gevonden; het was ongeveer twee uur voor zonsondergang en ze bleven die dag bij Hem.
Een van de twee die gehoord hadden wat Johannes zei en Jezus gevolgd waren, was Andreas, de broer van Simon Petrus.
Vlak daarna kwam hij zijn broer Simon tegen, en hij zei tegen hem: ‘Wij hebben de Messias gevonden’ (dat is Christus, ‘gezalfde’), en hij nam hem mee naar Jezus.
Jezus keek hem aan en zei: ‘Jij bent Simon, de zoon van Johannes, maar voortaan zul je Kefas heten’ (dat is Petrus, ‘rots’).

Van Woord naar leven

‘Rabbi’, zeiden zij tegen Hem (dat is in onze taal ‘meester’), ‘waar logeert U ?’ Hij zei: ‘Kom maar mee, dan zul je het zien.’

Meegaan en zien… dat is de oproep van vandaag.

Meegaan betekent naar die plaatsen gaan waar de Heer vertoeft.
Op de eerste plaats is dat thuis komen in ons eigen hart, daar waar de Heer zijn inwoning heeft, waar Hij bidt, leeft en ons zijn leven wil schenken. Thuiskomen in jezelf is niet enkel weet hebben van die goddelijke aanwezigheid, het is ook leven in het diepe verlangen verenigd te leven met Hem, één met Hem, door Hem opgenomen te zijn. Wie de vlam van dit verlangen brandend houdt mag zich zalig prijzen, want de Geest is in hem werkzaam; de Geest die ons doet verlangen naar die innige eenwording met de Heer. Vandaar het belang van stilte in je gebedsleven, om te kunnen komen tot die volledige toewending naar het komen van de Geest. Niet onbelangrijk !

Het ‘zien’ waarover Jezus vandaag spreekt, is op de eerste plaats Hem aanschouwen, een soort heilig weten dat je tot het besef brengt dat je je op heilige grond begeeft omdat Hij is waar jij bent, mét zijn genadevolle aanwezigheid.

Een bijzondere vorm van schouwen is het biddend ‘kijken’ naar Jezus’ aanwezigheid in de eucharistie. Deze vorm van gods-aanbidding is zo groots dat geen woorden kunnen verhalen wat de diepere betekenis van dit soort bidden inhoudt. Er stroomt zo’n genade uit van de eucharistische aanbidding, dat elk menselijk woord hierbij verstomt. Tenminste, ik slaag er niet in. Mijn mond verstilt wanneer ik hierover spreken wil.

Maar laat ons nooit vergeten dat het biddend kijken naar en vertoeven bij de eucharistie, én het aanwezig zijn bij de medemens – bijzonder met dat wat broos is – in wezen over hetzelfde gaat. God kan je immers ook schouwen in de omgang met je partner, je kinderen, je medezusters- of broeders, je kennissen, je collega’s, de voorbijgangers op straat, de eenzame bejaarde achter de hoek, de armen, de zieken, de gevangenen, de stervenden, …

Laat ons meegaan met de Heer, en zien. Ja, laat ons biddend God liefhebben, om van daaruit biddend de mens lief te hebben.

In het gebed blijven, is immers de sleutel van het ware liefhebben.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Goede God,prayingcreditshutterstockcom
kom met uw Heilige Geest over ieder van ons, opdat wij zwanger mogen geraken van het verlangen uw Zoon te zien, Hem te volgen, in Hem te leven. Genees ons van onze ik-gerichtheid, doe ons kijken naar Hem, doe ons gaan naar al die plaatsen waar Hij U toont. En leer ons dan neer te buigen voor U, in Jezus’ naam, in een liefdevolle blijde aanbidding die ons zal aanzetten tot ware liefde; liefhebben in en vanuit uw Zoon.
Oh Vader, raak ons aan doorheen Jezus. Wees ons genadig. Amen.