Lezingen van de dag – woensdag12 sept 2018


Heilige (of feest) van de dag

Naam van Maria

gedachtenis

Over de betekenis van Maria’s naam is in de loop van de geschiedenis heel wat gespeculeerd. Het is de vergrieksing van de Hebreeuwse naam Miriam of Mariam. Volgens de laatste stand van zaken in het wetenschappelijk onderzoek gaat men ervan uit dat het van oorsprong een Oud-Egyptische naam is die ‘schoon’ betekent: ‘fraai’, ‘welgevormd’, ‘weelderig’.

De Griekse kerkvader Origenes († 254) redigeerde een Grieks etymologisch woordenboek van Bijbelse voornamen. De westerse kerkvader Hiëronymus († 420; feest 30 september) maakte er een Latijnse bewerking van. Hij heeft eeuwenlang de opvatting bepaald over Maria’s naam. Hij meent dat ‘Maria’ zo veel wil zeggen als ‘stilla maris’ (= ‘druppel van de zee’) of – aldus Hiëronymus – ‘amarum mare’ (= ‘bittere zee’). Het heeft er alle schijn van dat Hiëronymus de oosterse naam in verband bracht met de Latijnse klank ‘mar-‘.

Al gauw wordt in de handschriften ‘stilla maris’ veranderd in ‘stella maris’ (= ‘ster van de zee’). Deze verschrijving gaat zeer waarschijnlijk niet op Hiëronymus zelf terug, maar op kopiïsten. Toch zal deze betekenis, opgevat als ‘verlichtster of sterre der zee’, in de loop van de geschiedenis het langste stand houden.

Petrus Chrysologus († 450; feest 30 juli) meent dat ‘Maria’ vertaald moet worden met ‘domina’ (= ‘heerseres’), naar analogie van haar zoon Jezus die immers Dominus (= ‘Heer’) is.

woensdag in week 23 door het jaar


Uit de eerste brief van Paulus aan de Korintiërs 7, 25-31

De tijd die ons ter beschikking staat is kort. Meestal houden wij met deze realiteit niet voldoende rekening, maar het geloof openbaart het ons wel zo. Al het aardse zouden wij moeten leren beleven als betrekkelijk, gericht op het definitieve. We zouden er niet in mogen opgaan, maar er mee omgaan ten dienste van anderen… ja, gericht op de eeuwigheid.

Broeders en zusters,
voor de ongehuwden heb ik geen voorschrift van de Heer, dus ik geef mijn eigen mening, als iemand die door de barmhartigheid van de Heer betrouwbaar is.
Ik meen dat het vanwege de huidige beproevingen voor een mens goed is te blijven wat hij is. Hebt u een vrouw beloofd met haar te trouwen, verbreek die belofte dan niet; bent u niet gebonden aan een vrouw, zoek er dan ook geen.
Het is weliswaar niet zo dat u door te trouwen zondigt, en ook wanneer een meisje trouwt zondigt ze niet, maar het huwelijk wordt een zware belasting die ik u graag zou besparen.
Wat ik bedoel, broeders en zusters, is dat er maar weinig tijd rest. Laat daarom ieder die een vrouw heeft zo leven dat het hem niet in beslag neemt, ieder die verdriet heeft zo dat hij er niet door wordt beheerst, ieder die vreugde voelt zo dat hij er niet in opgaat, ieder die bezit verwerft alsof het niet zijn eigendom is, ieder die in deze wereld leeft alsof ze voor hem niet meer van belang is. Want de wereld die wij kennen gaat ten onder.

 

Psalm 45, 11 + 12 + 14 + 15 + 16

Refr.: Luister dochter, zie en hoor.

Luister, dochter, zie en hoor,
vergeet uw volk en het huis van uw vader.

Begeert de koning uw schoonheid,
buig voor hem, hij is uw heer.

Stralend wacht de koningsdochter binnen,
van goudbrokaat is haar mantel.

Een kleurige stoet brengt haar naar de koning,
in haar gevolg de meisjes, haar vriendinnen.

Zij worden naar hem toe gebracht;
begeleid door gejuich en vreugdezang
gaan zij het paleis van de koning binnen.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 6, 20-26

De zaligsprekingen bij Lucas (‘Gelukkig jullie…’ zo vertaalt de NBV) zijn gerangschikt naar de tegenstelling van armen en rijken. Onder rijken verstaat Lucas al degenen die door wereldse normen worden opgehemeld. Jezus bouwde zijn rijk met andere normen.

Jezus richtte zijn blik op zijn leerlingen en zei:
‘Gelukkig jullie die arm zijn, want van jullie is het koninkrijk van God.
Gelukkig jullie die honger hebben, want je zult verzadigd worden.
Gelukkig wie nu huilt, want je zult lachen.
Gelukkig zijn jullie wanneer de mensen jullie omwille van de Mensenzoon haten en buitensluiten en beschimpen en je naam door het slijk halen. Wees verheugd als die dag komt en spring op van blijdschap, want jullie zullen rijkelijk beloond worden in de hemel. Vergeet niet dat hun voorouders de profeten op dezelfde wijze hebben behandeld.
Maar wee jullie die rijk zijn, jullie hebben je deel al gehad.
Wee jullie die nu verzadigd zijn, want je zult hongeren.
Wee jullie die nu lachen, want je zult treuren en huilen.
Wee jullie wanneer alle mensen lovend over je spreken, want hun voorouders hebben de valse profeten op dezelfde wijze behandeld.’

Van Woord naar leven

“Samen met hen daalde Hij af”, lazen we gisteren in het evangelie. Jezus gaat niet zomaar naar de mensen, Hij komt van boven, en doordat Hij van boven komt is zijn komen eigenlijk een afdalen. En bij het afdalen gaat Hij voorbij aan de gewone menselijkheid en de gewone medemenselijkheid, voorbij aan de verzadigden, voorbij aan de lof van de mensen. Jezus daalt af naar de geschonden mensheid.

Het zijn dan ook geen gewone menselijke problemen die in het evangelie worden aangeraakt zoals economie, beurs, cultuur, maatschappij-inrichting. Het evangelie komt met iets anders dan waarmee wij elkaar geluk toewensen, iets anders dan wat ons verzadigt. We moeten dus niet alleen zien naar de inhoud van de zaligsprekingen, maar ook naar waar ze vandaan komen, hoe ze vanuit die hoogte iets meenemen naar de diepte.
Het is de rijkdom van God die aan de ‘armen’ gegeven wordt. De kracht en de rijkdom van God die Jezus op de berg in het gebed heeft ervaren, wordt hier bij ons beneden geschonken.

Laten we ons hart openen voor Gods’ rijkdom die zo anders is dan de rijkdom die de wereld nastreeft.

Naar woorden van J. Bots, sj

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer,
help ons niet groot te gaan op eigen kracht
maar heel ons zijn toe te vertrouwen
aan uw genadevolle tegenwoordigheid.
Amen.