Lezingen van de dag – zaterdag 20 mei 2017


Heilige (of feest) van de dag

Bekering van Ignatius van Loyola (1521)

Eigenlijke feestdag 31 juli

Ignatius van Loyola was van baskische adel. Zijn opvoeding was navenant. Op 20 mei 1521 gedroeg hij zich tijdens een slag bij de stad Pamplona zo overdreven dapper, dat hij door een vijandige kogel werd getroffen aan de knie. Op dat moment was hij dertig jaar oud. In het stamslot te Loyola werd hij verpleegd. Er bleef hem niets anders over dan te dagdromen wat hij straks na zijn genezing allemaal voor een mooie, hoofse dame zou doen om haar aandacht en liefde te winnen. Tenslotte begon hij uit pure verveling de twee enige boekjes te lezen die er in het huis te vinden waren: een levensbeschrijving van Jezus, en een bundeltje heiligenlevens. Vanaf dat moment had hij er een onderwerp bij om over te dagdromen: ‘Hoe zou het zijn als ik net als Sint Franciscus ging doen, of als Sint Dominicus?’ Na verloop van tijd bemerkte hij hoe de dagdromen over Franciscus en Dominicus hem veel meer voldoening schonken dan de andere over zijn hoofse dame.

Intussen bleek dat de knie niet goed genas. Er groeide een vreemd uitstekend bot naar buiten. Omdat hij zo nooit voor zijn hoofse dame zou kunnen verschijnen, verzocht hij de dokter, nadat deze het been nog eens gebroken en opnieuw gezet had, het eenvoudig weg te zagen. Zonder verdoving en twee keer een traan wegpinkend doorstond hij deze barre operatie. Toch bleven de fantasieën over de navolging van de heiligen hem meer troost bieden. Hij beschouwde dat verschijnsel als een signaal van ‘de goede geest’, en trok de consequentie dat hij dus aan díe geest moest gehoorzamen.Hij bekeerde zich, legde zijn zwaard neer voor het Mariabeeld van Monserrat, en begon een leven van boete en gebed.

Twintig jaar later zou hij met negen eerste paters de jezuïetenorde stichten.

Bron: Heiligen.net

zaterdag in de vijfde paasweek


Uit de Handelingen van de Apostelen 16, 1-10

Paulus was een wereldreiziger voor God. De Geest leidde hem. De lezing wijst op het dringend karakter van die leiding. Een nieuw werelddeel wacht op de boodschap van Jezus: langs Macedonië komt Paulus het evangelie brengen aan Europa. Dank zij deze beslissing breekt het christendom uit de grenzen van de oosterse wereld.

Paulus kwam ook in Derbe en Lystra. In Lystra ontmoette hij een leerling die Timoteüs heette, de zoon van een gelovig geworden Joodse vrouw en een niet–Joodse vader. Timoteüs stond goed aangeschreven bij de gelovigen in Lystra en Ikonium, en Paulus wilde hem met zich meenemen op reis. Hij liet hem eerst besnijden ter wille van de Joden in Lystra en Ikonium, die immers allen wisten dat Timoteüs een niet–Joodse vader had.
Op hun tocht langs de steden stelden ze de gemeenteleden op de hoogte van de besluiten die door de apostelen en de oudsten in Jeruzalem waren genomen en droegen hun op zich daaraan te houden.
De gemeenten werden steeds sterker in het geloof en het aantal leerlingen nam dagelijks toe.
Ze trokken door Frygië en de landstreek Galatië, omdat ze door de heilige Geest werden verhinderd Gods woord in Asia te verkondigen. Toen ze bij de grens van Mysië kwamen, wilden ze doorreizen naar Bitynië, maar dat stond de Geest van Jezus hun niet toe.
Daarom trokken ze door Mysië tot ze de kust bereikten en in Troas aankwamen. Daar kreeg Paulus ‘s nachts een visioen, waarin een man uit Macedonië hem toeriep: ‘Steek over naar Macedonië en kom ons te hulp!’
Toen Paulus dit visioen had gezien, wilden we meteen naar Macedonië vertrekken, omdat we eruit opmaakten dat God ons geroepen had om aan de mensen daar het evangelie te verkondigen.

 

Psalm 100, 2 + 3 + 5

Refr.: Juich voor de Heer, alle landen.

Dien de Heer met vreugde,
kom tot Hem met jubelzang.

Erken het: de Heer is God,
Hij heeft ons gemaakt, Hem behoren wij toe,
zijn volk zijn wij, de kudde die Hij weidt.

De Heer is goed,
zijn liefde duurt eeuwig,
zijn trouw van geslacht op geslacht.

 

Uit het evangelie volgens Johannes 15, 18-21

De Kerk heeft de roeping zich gelovig in te zetten voor de wereld. Zij is in de wereld, maar niet van de wereld. De Kerk zal zich niet binden aan de wereld, ze zal er ook niet van vervreemden.

Jezus sprak tot zijn leerlingen :
‘Wanneer de wereld je haat, bedenk dan dat ze mij eerder haatte dan jullie.
Als jullie bij de wereld zouden horen, zou ze jullie hebben liefgehad als iets van haarzelf, maar jullie horen niet bij haar, want Ik heb jullie uit de wereld weggeroepen. Daarom haat ze jullie.
Denk aan wat Ik gezegd heb: een slaaf is niet meer dan zijn meester. Ze hebben mij vervolgd, dus zullen ze ook jullie vervolgen; maar wie zich aan mijn woorden gehouden heeft, zal zich ook aan jullie woorden houden.
Dit alles zullen ze jullie vanwege mij aandoen, want ze kennen Hem niet die mij gezonden heeft.

Van Woord naar leven

Jezus zegt ons vandaag: ‘Als jullie bij de wereld zouden horen, zou ze jullie hebben liefgehad als iets van haarzelf, maar jullie horen niet bij haar, want Ik heb jullie uit de wereld weggeroepen.’

Wie zijn christen-zijn ter harte neemt, zal het kruis van de Heer altijd aan zijn zijde weten. Vroeg of laat komt men immers in conflict met de ‘wereld’ waar de drang naar macht en geld, status, het spel der competitie, de verheelijking van het ‘ik’, heel dikwijls de overhand heeft. Het vraagt moed om daar afstand van te nemen en te houden.

We moeten ons daarvoor richten naar de Heer diep in onszelf, naar zijn aanwezigheid in de ander die vraagt om liefde, naar de Kerk van waaruit Hij ons wil bevruchten met zichzelf. Deze drie zijn in wezen één.

Laten we de wereld omarmen, zonder van haar te zijn. In naam van de Heer.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Heer,
het leven van de wereld is dikwijls getekend door een ik-gerichte liefde, terwijl Gij uw kinderen wilt leren lief te hebben naar de ander toe. Leer ons van harte in deze wereld te leven, zonder van haar te zijn, vanuit uw inwoning in ons, vanuit uw aanwezigheid in de Kerk, vanuit uw vraag om liefde in de ander.
Leer ons te leven als kinderen van U,  en niet als slaven van onze zelfverheerlijking. Dat op deze wijze uw Rijk meer en meer gestalte mag krijgen midden deze wereld.
In uw naam, amen.