Lezingen van de dag – zaterdag 30 april 2016


Heilige (of feest) van de dag

Madeleine de Saint-Joseph († 1637)madeleine_st_joseph-a8ee2

Madeleine de Saint-Joseph (geboren de Fontaines-Maran) o.carm., Parijs, Frankrijk; kloosterlinge

Madeleine werd op 17 mei 1578 in Huize de Mesmes aan de Rue Sainte-Avoye te Parijs geboren. Zij was het zesde kind van Antoine de Fontaines-Maran, diplomaat in dienst van de Franse koning, en Marie Prudhomme de Fontenay, volle nicht van Madame Acarie, de grondlegster van de Carmelkloosters in Frankrijk († 1618; feest 18 april). Kort na Madeleine’s geboorte verhuisde de familie naar het domein van de familie Fontaines-Maran op het Franse platteland. Daar werden nog eens vijf kinderen geboren.

Van jongs af aan schijnt Madeleine aanleg gehad te hebben voor religieus leven; ze maakte als kind al diepzinnige opmerkingen en kon uren dromerig in een kerk of kapel doorbrengen. Tegelijk droeg ze zorg voor haar zieke moeder en voor haar kleinere broertjes en zusjes. Na een nieuwe verhuizing in 1600 stierf moeder. Omdat haar oudste zus intussen was ingetreden in een klooster te Longchamp bij Parijs, kreeg Madeleine de zorg voor het gehele huishouden op haar schouders.

Aangezien ze haar taak met verve vervulde, verschenen er telkens weer huwelijkskandidaten aan de poort. Zij wees ze stuk voor stuk af, omdat ze er almaar nog van droomde in een klooster te gaan; het was haar alleen nog niet duidelijk welke kloostergemeenschap het moest worden. Haar levenswijze thuis leek al bijzonder veel op het klooster: ze bad veel, las geestelijke boeken, trok zich vaak in haar eentje terug en zorgde voor arme mensen in haar naaste omgeving.

In 1603 werd bekend dat Abbé de Bérulle naar Tours zou komen om er tijdens de vastentijd, die aan het paasfeest voorafging, lijdensmeditaties te preken. Hoewel hij op dat moment pas 28 jaar was, gold Abbé de Bérulle toen reeds als een bekend man. Vader Fontaines besloot naar zijn villa in Tours te gaan om die meditaties in de kathedraal te kunnen beluisteren. Op aanraden van tante Marie Acarie werd er een ontmoeting gearrangeerd met de beroemde predikant. De abt vertelde dat de Carmelkloosters in Spanje een ingrijpende vernieuwing hadden doorgemaakt o.a. door toedoen van Theresia van Avila († 1582; feest 15 oktober). Hij koesterde het ideaal vestigingen te kunnen beginnen in Frankrijk. Op dat moment schoot het als een bliksemflits door de 25-jarige Madeleine heen, dat ze dit wilde: hier had ze op gewacht. Het grootste obstakel bleek vader te zijn, want hij wilde het gezelschap van zijn meest geliefde dochter niet kwijt. Tenslotte stemde hij toe, zodat zij op 11 november 1604 officieel de sluier ontving in de zojuist gestichte Carmel van Notre-Dame-des-Champs te Parijs.

Niet lang daarna volgde haar jongere zusje Catherine volgde haar voorbeeld. Een ander zusje, Louise, bleek niet geschikt. Voor haar richtte vader het huis te Parijs in als een soort op haar persoonlijk afgestemd kloostertje. Toen daarmee alle kinderen hun bestemming gevonden hadden, vroeg vader om de priesterwijding, welke hij korte tijd later inderdaad ontving.

De Parijse Carmel was gesticht vanuit Spanje. Met als gevolg dat Moeder Overste, de zalige Anna de Bartolomeo († 1626; feest 7 juni), en de eerste zusters alleen maar Spaans verstonden. Dat was voor de aanwezige françaises aanvankelijk moeilijk. Madeleine leerde Spaans en werd de verbindende persoon in de groep. Toen de eerste overste werd weggeroepen om elders in Frankrijk en België nog andere nieuwe vestigingen van de grond te krijgen, werd Madeleine in de Parijse Carmel aangewezen als haar opvolgster. Zo was zij overste van 1608 tot 1614.

Intussen bleef zij in nauw contact met Abbé de Bérulle. Van 1614 tot 1624 bekleedde zij allerlei andere functies in het klooster. Toen haar leidsman De Bérulle in 1629 werd overgeplaatst, was dat voor haar een zwaar verlies, vooral toen bleek dat zijn opvolger er heel andere ideeën op na hield.

Een bijzondere gebeurtenis was de doop van twee indianen-meisjes die vanuit de missie in Canada naar Frankrijk waren gestuurd voor een gedegen opleiding.

In 1635 legde Madeleine al haar functies neer. Hoewel zij nog niet zo vreselijk oud was, hadden de afgelopen jaren een zware tol geëist. Ze was moe. Twee jaar later, in 1637, stierf ze kort na Pasen, op donderdag 30 april. Op haar sterfbed sprak ze haar zusters voor een laatste keer toe: “Kijk vooral naar de Heilige Maagd aan de voet van het kruis. Wij hebben de eer tot haar dochters gerekend te worden. Laten we dan ook proberen steeds meer op haar te lijken door de wil van God te doen, en door ons niet op een dwaalspoor te laten brengen door zwakheden en gevoelens, die uiteindelijk recht tegen Gods wil ingaan. Wees niet bedroefd. Is het niet het beste te willen wat God wil? Vroeg of laat komen we immers allemaal bij Hem terecht!”

zaterdag in de vijfde Paasweek


Uit de Handelingen van de Apostelen 16, 1-10

Paulus was een wereldreiziger voor God. De Geest leidde hem. De lezing wijst op het dringend karakter van die leiding. Een nieuw werelddeel wacht op de boodschap van Jezus: langs Macedonië komt Paulus het evangelie brengen aan Europa. Dank zij deze beslissing breekt het christendom uit de grenzen van de oosterse wereld.

Paulus kwam ook in Derbe en Lystra. In Lystra ontmoette hij een leerling die Timoteüs heette, de zoon van een gelovig geworden Joodse vrouw en een niet–Joodse vader. Timoteüs stond goed aangeschreven bij de gelovigen in Lystra en Ikonium, en Paulus wilde hem met zich meenemen op reis. Hij liet hem eerst besnijden ter wille van de Joden in Lystra en Ikonium, die immers allen wisten dat Timoteüs een niet–Joodse vader had.
Op hun tocht langs de steden stelden ze de gemeenteleden op de hoogte van de besluiten die door de apostelen en de oudsten in Jeruzalem waren genomen en droegen hun op zich daaraan te houden.
De gemeenten werden steeds sterker in het geloof en het aantal leerlingen nam dagelijks toe.
Ze trokken door Frygië en de landstreek Galatië, omdat ze door de heilige Geest werden verhinderd Gods woord in Asia te verkondigen. Toen ze bij de grens van Mysië kwamen, wilden ze doorreizen naar Bitynië, maar dat stond de Geest van Jezus hun niet toe.
Daarom trokken ze door Mysië tot ze de kust bereikten en in Troas aankwamen. Daar kreeg Paulus ‘s nachts een visioen, waarin een man uit Macedonië hem toeriep: ‘Steek over naar Macedonië en kom ons te hulp!’
Toen Paulus dit visioen had gezien, wilden we meteen naar Macedonië vertrekken, omdat we eruit opmaakten dat God ons geroepen had om aan de mensen daar het evangelie te verkondigen.

 

Psalm 100, 2 + 3 + 5

Refr.: Juich voor de Heer, alle landen.Resurrection-Icon

Dien de Heer met vreugde,
kom tot Hem met jubelzang.

Erken het: de Heer is God,
Hij heeft ons gemaakt, Hem behoren wij toe,
zijn volk zijn wij, de kudde die Hij weidt.

De Heer is goed,
zijn liefde duurt eeuwig,
zijn trouw van geslacht op geslacht.

 

Uit het evangelie volgens Johannes 15, 18-21

De Kerk heeft de roeping zich gelovig in te zetten voor de wereld. Zij is in de wereld, maar niet van de wereld. De Kerk zal zich niet binden aan de wereld, ze zal er ook niet van vervreemden.

Jezus sprak tot zijn leerlingen :
‘Wanneer de wereld je haat, bedenk dan dat ze mij eerder haatte dan jullie.
Als jullie bij de wereld zouden horen, zou ze jullie hebben liefgehad als iets van haarzelf, maar jullie horen niet bij haar, want Ik heb jullie uit de wereld weggeroepen. Daarom haat ze jullie.
Denk aan wat Ik gezegd heb: een slaaf is niet meer dan zijn meester. Ze hebben mij vervolgd, dus zullen ze ook jullie vervolgen; maar wie zich aan mijn woorden gehouden heeft, zal zich ook aan jullie woorden houden.
Dit alles zullen ze jullie vanwege mij aandoen, want ze kennen Hem niet die mij gezonden heeft.

Van Woord naar leven

Wie zijn christen-zijn ter harte neemt, zal het kruis van de Heer altijd aan zijn zijde weten. Vroeg of laat komt men immers in conflict met de ‘wereld’ waar de drang naar macht en geld, status, het spel der competitie, de verheerlijking van het ‘ik’, heel dikwijls de overhand heeft. Het vraagt moed om daar afstand van te nemen en te houden.

We moeten ons daarvoor richten naar de Heer diep in onszelf, naar zijn aanwezigheid in de ander die vraagt om liefde, naar de Kerk van waaruit Hij ons wil bevruchten met zichzelf. Deze drie zijn in wezen één.

Laat ons heel bewust mét Hem leven in deze wereld, zonder van haar te zijn.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer,pict0050
het leven van de wereld is dikwijls getekend door een ik-gerichte liefde, terwijl Gij uw kinderen wilt leren lief te hebben naar de ander toe. Leer ons van harte in deze wereld te leven, zonder van haar te zijn, vanuit uw inwoning in ons, vanuit uw aanwezigheid in de Kerk, vanuit uw vraag om liefde in de ander. Leer ons te leven als kinderen van U,  en niet als slaven van onze zelfverheerlijking. Dat op deze wijze uw Rijk  meer en meer gestalte mag krijgen midden deze wereld.
In uw naam, amen.