Lezingen van de dag – zondag 13 dec. 2015


Heilige (of feest) van de dag

Lucia van Syracuse (+ 304)Saint_Lucy_by_Cosimo_Rosselli,_Florence,_c._1470,_tempera_on_panel_-_San_Diego_Museum_of_Art_-_DSC06640

Lucia van Syracuse, Sicilië, Italië; martelares; † 304

Zij zou rond het jaar 286 te Syracuse op het eiland Sicilië geboren zijn.

Volgens de legende bezocht zij met haar zieke moeder Eutychia het graf van de heilige Agatha († ca 253; feest 5 februari); dat lag niet ver van Syracuse in de plaats Catania. Toen moeder op wonderbare wijze genas, schonk Lucia al haar bezittingen aan de armen. Maar haar heidense bruidegom kon dat niet waarderen en klaagde haar aan vanwege haar geloof in Christus. Dat bracht immers met zich mee dat men geen offers bracht aan de Romeinse afgoden. Daarmee sloot men zich af van het sociale leven; elke openbare manifestatie begon indertijd met een offerritueel aan de goden. Omdat de keizers goddelijke waardigheid droegen, werd er ook geofferd aan de geest van de keizer. Wie dat weigerde, stelde daarmee een openbare daad van ongehoorzaamheid of zelfs majesteitsschennis
Lucia werd ertoe veroordeeld om in een bordeel te gaan werken. Maar zelfs een span ossen kon haar niet van haar plaats krijgen: zo onverzettelijk bleek zij. Ook op de brandstapel had zij nergens last van. Tenslotte stootte de beul haar een zwaard door de keel.

Over de plaats waar zich haar stoffelijke resten bevinden, bestaan twee tegenstrijdige overleveringen. Volgens de een rust zij in de kerk van SS- Geremia e Lucia te Venetië, volgens de ander in een kerk te Metz.
Haar legendarische levensbeschrijving (‘Vita’) uit de 5e of 6e eeuw verscheen pas nadat er in Syracuse een aan haar gewijde kathedraal was gebouwd.

Zij wordt afgebeeld met een dolk door haar hals, of met een schaal waarop twee ogen liggen, toespeling op de betekenis van haar naam. Later vormde zich om die schaal met ogen weer een nieuwe legende: om gevrijwaard te blijven van opdringerige jongemannen die haar godsdienst en haar persoon niet zouden respecteren, zou zij zichzelf de ogen hebben uitgestoken…

Zij is patrones van de Italiaanse steden Mantua, Syracuse en Venetië; van de Spaanse stad Toledo en van de Caraïbische plaats Santa Lucia.

Zij wordt vereerd als patrones van het licht in de ogen; vandaar ook van blinden en slechtzienden, van artsen, oogartsen en opticiëns; van elektriciëns; en van prostituees die spijt hebben. Daarnaast van arbeiders in het algemeen, in het bijzonder van glazenmakers, glazeniers en glasblazers; van kleermakers en wevers; van zadelmakers en van venters; van deurwachters en portiers; van schippers en zeevarenden; van boeren en schrijvers.
Haar voorspraak wordt ingeroepen tegen besmettelijke ziekten, keelpijn (vanwege de dolksteek waarmee ze gedood werd), tegen oogkwalen en -ziekten, blindheid (ook geestelijk) en brand (vanwege haar naam); tegen vrouwenziekten en armoede.
Omdat haar feest haast midden in de winter valt, wordt zij vooral in de Scandinavische landen in verband gebracht met midwintergebruiken; daar komen veel kaarsjes en lichtjes aan te pas.

3e ZONDAG VAN DE ADVENT – C


Uit de profeet Sefanja 3, 14-18a

De rest van het volk zal overleven en gered worden, want God blijft niet toornig. Telkens opnieuw biedt Hij zijn liefde aan. In de eindelijk heropgebouwde stad is God koning: vrees maakt er plaats voor blijdschap, slavernij maakt ruim baan voor jubel en vreugde.

Jubel, vrouwe Sion, zing van vreugde, Israël, juich met heel je hart, vrouwe Jeruzalem! De Heer heeft het vonnis over jou tenietgedaan en je vijand verdreven. De Heer, de koning van Israël, is in je midden, je hebt geen kwaad meer te vrezen.
Op die dag zal men tegen Jeruzalem zeggen: ‘Wees niet bang, Sion! Laat de moed niet zinken!’
De Heer, je God, zal in je midden zijn, Hij is de held die je bevrijdt. Hij zal vol blijdschap zijn, verheugd over jou, in zijn liefde zal Hij zwijgen, in zijn vreugde zal Hij over je jubelen.

 

Jes. 12, 2-6

Refr.: Verheug u en juich, groot is de Heilige van Israël !

God, Hij is mijn redder.
Ik heb een vast vertrouwen, ik wankel niet.icon-johnbaptist

Want de Heer is mijn sterkte, Hij is mijn beschermer,
Hij heeft mij redding gebracht.

Vol vreugde zullen jullie water putten,
uit de bron van de redding.

Op die dag zullen jullie zeggen:
Loof de Heer, roep zijn Naam uit.

Maak alle volken zijn daden bekend,
verkondig zijn verheven Naam.

Zing een lied voor de Heer:
wonderbaarlijk zijn zijn daden.
Laat heel de aarde dit weten.

Jubel en juich, inwoners van Sion,
want groot is de Heilige van Israël,
die in jullie midden woont.

 

Uit de brief van Paulus aan de Filippenzen 4, 4-7

De blijdschap die de nakende komst van Christus verhaast, en de vrede als vrucht van het gebed, zijn de diepste oorzaken van de ware vreugde, die openbloeit in de Heer.

Broeders en zusters,
laat de Heer uw vreugde blijven; ik zeg u nogmaals: wees altijd verheugd.
Laat iedereen u kennen als vriendelijke mensen. De Heer is nabij.
Wees over niets bezorgd, maar vraag God wat u nodig hebt en dank Hem in al uw gebeden.
Dan zal de vrede van God, die alle verstand te boven gaat, uw hart en gedachten in Christus Jezus bewaren.

 

Alleluia.Taize-candles-C-700x438

De Geest van de Heer is over mij gekomen;
Hij heeft mij gezonden
om aan armen de Blijde Boodschap te brengen.

Alleluia.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 3, 10-18

Delen met elkaar, geen macht nastreven, geen geweld gebruiken zijn reeële voorbeelden van bekering. Dit is nog maar een doopsel van verwachting en voorbereiding. Het doopsel ‘met de Geest en met vuur’, dat ons leven voor altijd kan redden, wordt door Jezus zelf ons gegeven. Wij maken het doopsel tot Blijde Boodschap.

De mensen vroegen aan Johannes de Doper:
‘Wat moeten we dan doen?’ Hij antwoordde: ‘Wie twee stel onderkleren heeft, moet delen met wie er geen heeft, en wie eten heeft moet hetzelfde doen.’
Er kwamen ook tollenaars om zich te laten dopen, en die vroegen hem: ‘Meester, wat moeten wij doen?’ Hij zei tegen hen: ‘Vorder niet meer dan wat jullie is opgedragen.’
Ook soldaten kwamen hem vragen: ‘En wij, wat moeten wij doen?’ Tegen hen zei hij: ‘Jullie mogen niemand afpersen en je ook niet laten omkopen, neem genoegen met je soldij.’
Het volk was vol verwachting, en allen vroegen zich af of Johannes misschien de messias was, maar Johannes zei tegen hen: ‘Ik doop jullie met water, maar er komt iemand die meer vermag dan ik; ik ben zelfs niet goed genoeg om de riem van zijn sandalen los te maken. Hij zal jullie dopen met de heilige Geest en met vuur; Hij houdt de wan in zijn hand om de dorsvloer te reinigen, het graan zal Hij bijeenbrengen in zijn schuur en het kaf in onblusbaar vuur verbranden.’
Op deze en andere wijze spoorde hij de mensen aan en verkondigde hij hun het goede nieuws.

Van Woord naar leven

De overweging van vandaag is van de hand van Frans Mistiaen, sj

De profeet Johannes de Doper trok mensen aan. Zij kwamen graag luisteren naar zijn woorden. Die waren hoopvol: “De Heer komt!”, maar anderzijds veeleisend: “Bekeer u nu!”. Dat was geen toespraak die men vrijblijvend naast zich neer kon leggen. Dat was een oproep tot verandering van levenswijze. Daarom voelden de mensen de noodzaak aan Johannes te vragen: “Wat moeten wij dan concreet doen?” En het antwoord van Johannes was klaar en duidelijk. Tot de volksmensen zei hij: “Dubbele kleding en voedsel delen met de behoeftigen.” Tot de tollenaars en de soldaten: “Niet meer eisen dan voorzien is.”

Eigenlijk worden er hier geen spectaculaire, hoge eisen gesteld. Johannes vraagt aan de tollenaars en de soldaten niet dat zij hun beroep zouden opgeven of hun wapens zouden neerleggen. Hij vraagt hen wel dat ieder binnen zijn beroep eerlijk zou zijn, niets meer zou eisen dan wat billijk is en geen misbruik zou maken van de macht die eigen is aan het beroep. En hij vraagt aan de gewone mensen niet om alles weg te geven, maar om het teveel aan kleren en voedsel te delen met diegenen die het allernoodzakelijkste missen. Johannes vraagt dus eigenlijk niets buitengewoons, maar wat men normaal van mensen mag verwachten: elementaire solidariteit en correcte rechtvaardigheid.

Als wij onze eigen levenswijze eerlijk durven bekijken, dan beseffen wij nochtans dat zelfs dit minimum-programma voor ons een hele uitdaging is en een oproep tot verandering. Johannes zegt ons vandaag dat wij God opnieuw zullen laten geboren worden als onze bekering in de richting gaat van meer herverdelen van onze overvloed en eerlijker zijn in ons beroep.

Overvloed aan voedsel delen. Sommigen brengen voedsel naar de kerk voor ‘Onderlinge Hulp’. Men kan het daar elke dag gebruiken. En kleren delen? Die jas van vorig jaar hangt nog in de kast. Eigenlijk gebruik ik hem niet meer. Maar waarom blijft die daar hangen? Wanneer durf ik die naar de container van Spullenhulp brengen? Eerlijk zijn in beroep? Durf ik weigeren mee te werken aan de verkoop van een wisselstuk dat defect is of aan de levering van een bestelling die onvolledig is? Niets buitengewoons, maar wat men normaal van mensen mag verwachten: elementaire solidariteit en correcte rechtvaardigheid.

Concrete stappen van herverdelen en eerlijk-zijn kosten ons eerst veel moeite, maar bezorgen ons vrij vlug een immense vreugde. De Advent roept ons niet op triestige mensen te worden, omdat wij beseffen dat wij onder de maat zijn gebleven. De Advent roept ons veeleer op tot vreugde omdat wij bemerken dat er nog krachten in ons sluimeren die, ondanks allerlei remmingen en beperkingen, toch sterk genoeg blijken te zijn om het kromme recht te trekken, om het buitensporige te verwijderen, om het ongeordende weer in orde te brengen. En die vreugde voelen wij des te intenser naarmate onze daden van bekering concreter zijn.

Dan kunnen wij hoopvol uitzien naar de Liefde die in ons hart weer kan en mag geboren worden en wel zo heel nieuw en fris als een pasgeboren Kind.

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Jezus,christ2B
leer ons te leven, te werken, te bidden, met uw Hart. Leer ons rechtvaardig te zijn, eerlijk, wijs en zuiver, ook als deze weg ingaat tegen wat men van ons verwacht. Geef ons dan een geest van moed en vastberadenheid om biddend en liefdevol te doen wat we moeten doen. Kom heilige Geest. Amen.