Lezingen van de dag – zondag 15 nov. 2015


Heilige (of feest) van de dag

Albertus de Grote (+ 1280)AlbertusMagnus

Albertus de Grote (ook Magnus of van Regensburg) op, Keulen Duitsland; bisschop & theoloog; † 1280

Hij werd rond 1193 uit adellijke ouders te Lauingen bij Ulm in Schwaben geboren. Voor zijn studies trok hij naar de beroemde dominicaner universiteit van Padua. Daar maakte hij kennis met Jordanus van Saksen († 1237; feest 13 februari). Door diens voorbeeld trad hij in bij de dominicanen; op dat moment was hij zo’n dertig jaar oud. Hij doceerde wijsbegeerte aan verschillende universiteiten van zijn eigen orde: achtereenvolgens te Keulen, Hildesheim, Freiburg, Regensburg en Straatsburg. In 1245 werd hij magister theologie in Parijs en vanaf 1248 in Keulen. Hier was hij de leermeester van o.a. Thomas van Aquino († 1274; feest 28 januari).

In 1249 speelt zich een curieus voorval af. Op 6 januari van dat jaar, Drie-Koningendag, verbleef de Hollandse Graaf Koning Willem II in Keulen, de bedevaartsplaats van de Drie Koningen bij uitstek. Hij wilde graag de beroemde geleerde Albertus te zien krijgen. Er werd in zijn klooster een ontmoeting gearrangeerd, maar opvallend genoeg liet de magister nog even op zich wachten. In de zaal heerste een snijdende winterkou. Klaarblijkelijk had niemand de moeite genomen om even voor de Hollandse koning de haard aan te steken. Je voelde de woede bij de aanwezigen over zo’n onbehouwen ontvangst. Maar net op het moment, dat ze tot uitbarsting dreigde te komen, trad Albertus binnen, blootsvoets en gekleed in lichte zomerpij! Hij nodigde zijn gasten aan tafel buiten in de kloostertuin. Dat was het toppunt. Er waren er al in het koninklijk gezelschap die de koning toefluisterde te vertrekken. Maar eenmaal in de tuin, bleek het daar zo warm en behaaglijk, alsof het hartje zomer was. De bloemen bloeiden; de vogels kwinkeleerden en het fruit kon je zo van de bomen plukken. Als er al iets te klagen viel, dan was het over de hitte. De maaltijd was vorstelijk. Verbijsterd en voldaan keerde het gezelschap huiswaarts. De kroniekschrijver merkt op: ‘Je zou eerder kunnen zeggen dat een monnik te gast was geweest aan een koninklijke tafel, dan een koning in een klooster.’
In 1260 werd Albertus benoemd tot bisschop van Regensburg, maar dat werd geen succes. Hij mocht dan een uitstekend leraar, zijn bestuurskwaliteiten waren veel minder. Na twee jaar was hij alweer terug op zijn leerstoel in Keulen. Hij paste de filosofie van Aristoteles toe op de christelijke theologie. Van hem ook is de verrassend moderne uitspraak: “Het is natuurlijk interessant te zien hoe God door zijn wonderen steeds weer zijn natuurwetten doorbreekt, maar nog interessanter is het te onderzoeken, welke vaste patronen God in zijn natuur heeft neergelegd.” Hij heeft de moed niet voetstoots de bevindingen van de antieke wetenschap over te nemen, maar raadt aan ze te controleren met eigen waarnemingen. Daarmee is hij een van de grondleggers van de moderne wetenschap. Hij behoorde in zijn tijd tot de weinige denkers die ervan uitgingen dat de aarde rond was.
Sinds 1954 bevindt zijn sarcofaag zich in de crypte van de St-Andreaskerk te Keulen.

Hij wordt beschouwd als een van de belangrijkste geleerden van de middeleeuwen en droeg indertijd de eretitel ‘doctor universalis’. Hij schreef niet alleen over filosofische en theologische kwesties, maar ook over vraagstukken uit de natuurkunde, astronomie, scheikunde en aardrijkskunde. Zijn werk beslaat achtendertig delen (Parijse editie van Borgnet, 1890-1898).
Hij werd in 1931 door paus Pius XI heilig verklaard en tot kerkleraar uitgeroepen.
Hij wordt vereerd als patroon van natuurkundigen en van studenten in natuurwetenschappen en theologie.
Hij wordt afgebeeld in dominicaner habijt; als bisschop met mijter en staf; met pen of schrijfveer en boek in de hand (geleerde).

33e ZONDAG DOOR HET JAAR – B


Uit de profeet Daniël 12, 1-3

In een context van vervolging en nood en in de teksten over het einde van de wereld wordt, hoe tegenstrijdig ook, het geloof in de verrijzenis krachtig. Toen Jezus sprak over het einde van de wereld, kende Hij deze teksten en deelde Hij in dezelfde hoop.

In die tijd zal Michaël opstaan, de grote vorst, die de kinderen van je volk ter zijde staat. Het zal een tijd van verdrukking zijn, zoals er niet geweest is sinds er volken bestaan. In die tijd zal je volk worden gered: allen die in het boek zijn opgetekend.
Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd.
De verlichten zullen stralen als het fonkelende hemelgewelf, en degenen die velen tot gerechtigheid hebben gebracht als de sterren, voor eeuwig en altijd.

 

Psalm 16, 5 + 8 + 9 + 10 + 11

Refr.: Heer, U wijst mij de weg naar het leven.

Heer, mijn enig bezit, mijn levensbeker, Drieeenheid_2
U houdt mijn lot in handen.

Steeds houd ik de Heer voor ogen,
met Hem aan mijn zijde wankel ik niet.

Daarom verheugt zich mijn hart en juicht mijn ziel,
mijn lichaam voelt zich veilig en beschut.

U levert mij niet over aan het dodenrijk
en laat uw trouwe dienaar het graf niet zien.

U wijst mij de weg naar het leven:
overvloedige vreugde in uw nabijheid,
voor altijd een lieflijke plek aan uw zijde.

 

Uit de brief van Paulus aan de Hebreeën 10, 11-14 + 18

Christus is verrezen. Eens zal Hij de vijand voorgoed overwinnen. Zij die van Hem de heiligheid ontvangen, mogen zeker zijn met Hem verheerlijkt te worden.

Broeders en zusters,
de priesters blijven dagelijks hun dienst verrichten en steeds opnieuw dezelfde offers opdragen die de zonden nooit teniet zullen kunnen doen, terwijl Christus, na zijn eenmalig offer voor de zonden, voorgoed zijn plaats aan Gods rechterhand heeft ingenomen, waar Hij wacht op het moment dat zijn vijanden voor hem tot een bank voor zijn voeten zijn gemaakt.
Door deze ene offergave heeft Hij hen die zich door Hem laten heiligen voorgoed tot volmaaktheid gebracht.
Waar dat alles vergeven is, daar is geen offer voor de zonde meer nodig.

 

Alleluia.reading_bible

Wees waakzaam,
want gij weet niet op welk uur de Mensenzoon komt.

Alleluia.

 

Uit het evangelie volgens Marcus 13, 24-32

Toen Jezus de mensengeschiedenis binnentrad, luidde Hij het einde der tijden in, dat zo dikwijls was aangekondigd door de profeten en zo vurig verwacht door Israël. Met behulp van beelden die tegelijk het catrastrofale einde van de wereld en de lente van de nieuwe schepping suggereren, kondigde Jezus zijn nakende terugkomst aan. Zich vragen stellen over de juiste datum van het einde is onnodig. Het einde staat altijd voor de deur.

Jezus sprak tot zijn leerlingen:
‘Maar in de dagen na de verschrikkingen zal de zon verduisterd worden en de maan geen licht meer geven, de sterren zullen uit de hemel vallen en de hemelse machten zullen wankelen. Dan zal men de Mensenzoon zien komen op de wolken, bekleed met grote macht en luister. Dan zal Hij de engelen erop uitsturen om zijn uitverkorenen uit de vier windstreken bijeen te brengen, van het uiteinde van de aarde tot het uiteinde van de hemel.
Leer van de vijgenboom deze les: zo gauw zijn takken uitlopen en in blad schieten, weet je dat de zomer in aantocht is. Zo moeten jullie ook weten, wanneer je die dingen ziet gebeuren, dat het einde nabij is.
Ik verzeker jullie: deze generatie zal zeker nog niet verdwenen zijn wanneer al die dingen gebeuren.
Hemel en aarde zullen verdwijnen, maar mijn woorden zullen nooit verdwijnen.
Niemand weet wanneer die dag of dat moment zal aanbreken, de engelen in de hemel niet en de Zoon niet, alleen de Vader.’

Van Woord naar leven

Wanneer ik het evangelie van deze zondag lees, en je denkt aan de aanslagen van eergisteren in Parijs, dan heb je de neiging om te denken: het is bezig.
En toch lijkt me dat een gevaarlijke gedachtegang. Ik weet niet wat, of welke tijd, Jezus bedoelt wanneer Hij zei: ‘Deze generatie zal zeker nog niet verdwenen zijn wanneer al die dingen gebeuren.’
Waar we wel zeker van mogen zijn is dat God groter is dan welk kwaad ook. En dat we ons mogen richten naar die altijd grotere God, ook al overweldigt ons schijnbaar op sommige momenten of plaatsen het kwaad.

Gisteren was ik in gesprek met mijn oudste dochter. Ze is 17 en wat er in Parijs is gebeurd was haar niet ontgaan. Terwijl de terroristen vrijdagavond meer dan tachtig mensen neermaaiden in een concertgebouw in Parijs, woonde zij met enkele vriendinnen een intiem concert bij van Jelle Cleymans. Tijdens dat concert kregen ze sms’jes van vrienden thuis van wat er gaande was in Parijs. Blij en welgezind waren ze naar het concert vertrokken, wenend en ontdaan gingen ze er twee uur later buiten. Ze voelen zich zeer verwant met de mensen in Parijs daar in dat concertgebouw.
En dan gisteren de angst, en de tranen… ‘Het is zo dichtbij papa, het had hier bij ons kunnen zijn’. Wat ook zo is.
Een groot stuk van de dag zat ze op face-book om steun en kracht te zoeken bij vrienden en vriendinnen; jonge mensen waar de angst goed inzit. Jammer toch !!
Ik heb haar aangeraden met haar vriendinnen het ‘goede gesprek’ gaande te houden, wakend juist te blijven denken, gelovend dat het goede sterker is dan het kwaad, en dat ze zich niet mag laten leiden door de angst. Hoewel dit laatste momenteel heel sterk in haar en haar vriendinnen aanwezig is.

En dat is natuurlijk wat IS en companen willen: angst zaaien; landen, volkeren en harten ontwrichten. Het is een manifestatie van het kwaad; dreigend, sterk en uitvoerend. Het is niet makkelijk voor onze jonge mensen daar boven te staan, laat staan er sterk in te staan.

Lieve mensen, vandaag niet direct een overweging van hoog theologisch gehalte. Maar ik zou jullie willen vragen te bidden voor onze jonge mensen. Dat zij de moed niet zouden verliezen, dat ze zouden blijven geloven in zichzelf, en ja ook in God, in wat Hij vraagt en wat Hij geeft. Moge onze jonge mensen kracht vinden in wat goed en juist is, moge zij kracht vinden bij elkaar om goede wegen te gaan, om te bouwen aan een samenleving waar het goed is om wonen.

Ja, laat ons bidden voor hen.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Goede Vader,6a00e55008162c8834014e88d7c937970d
Gij die door Jezus hebt gezegd: ‘Hemel en aarde zullen verdwijnen, maar mijn woorden zullen nooit verdwijnen’, geef dat wij ons mogen nestelen in dat Woord, in Jezus, uw mensgeworden Woord. Moge wij in Hem sterkte vinden om goede wegen te gaan; wegen waartoe Gij ons uitnodigt, wegen die Gij in Christus met ons wil gaan. Moge elke vorm van angst uit ons hart verdwijnen om geheel vrij in U te kunnen leven.
Vader, wees onze jonge mensen nabij, bijzonder in deze tijden waar het kwaad soms zijn ware gezicht toont. Moge zij zich in uw armen werpen, om vanuit uw aanwezigheid in hen de weg te gaan die ze te gaan hebben.
Omhels hen Vader. Amen.