Lezingen van de dag – zondag 17 jan. 2016


Heilige (of feest) van de dag

Antonius Abt (+ 356)01-17-0356-antonius-abt_1

Antonius Abt (ook van Egypte, de Grote, de Kluizenaar, van Schotland, van de Thebaïs of met het Varken), Thebaïs, Egypte; woestijnvader & abt; † ca 356

Antonius werd rond 251 geboren in de Egyptische plaats Koma (nu: Qiman el-Ar, Midden-Egypte). Zijn levensverhaal is opgetekend door zijn leerling Sint Athanasius de Grote († 373; feest 2 mei). Deze vertelt dat Antonius zich rond 310 naar Alexandrië begaf om zich als christen bekend te maken, met de bedoeling de marteldood te ondergaan. Het was immers de tijd van de christenvervolgingen onder keizer Maximinus Daia (305-313). Maar deze liet hem ongemoeid.
Teruggekeerd “beoefende hij een nog strengere ascese en onderging hij het martelaarschap naar de geest”. Immers vanaf zijn 20e jaar leefde hij als kluizenaar. Dat kwam omdat hij als welgestelde jongeman eens in de kerk de evangelietekst hoorde voorlezen: “Als je volmaakt wilt zijn, verkoop dan alles wat je bezit en volg mij” (Matteus 19,21). Antonius was zo gegrepen door die tekst, dat hij hem letterlijk in praktijk bracht en op zijn eentje de woestijn in trok.
In de afzondering nam hij slechts het allernoodzakelijkste eten tot zich; hij heeft er vreselijk te strijden gehad tegen bekoringen: duivels in de gedaante van allerlei fantastische dieren gingen hem te lijf met knuppels en roeden en soms lieten ze hem half dood liggen.
Eerst woonde hij 35 jaar lang in een rotsspelonk in de buurt van de plaats waar hij geboren was. Daarna trok hij dieper de eenzaamheid in en vestigde zich op een berg aan de overkant van de Nijl in de buurt van het huidige El-Maimum.
Daar ontdekte hij, dat er al iemand vóór hem de woestijn was ongetrokken, om God in de eenzaamheid te dienen en te zoeken: Sint Paulus van Thebe († 342; feest 15 januari). Over die ontmoeting bestaat een mooie legende.

Negentig jaar lang had Sint Paulus de Woestijnvader in de eenzaamheid van de woestijn doorgebracht. Zijn enige bezigheid was bidden. Zijn enige gezelschap werd gevormd door zijn raaf die hem al zestig jaar lang elke dag een halfje brood bracht, en door de wilde dieren die hun schuilplaats met hem deelden. Toen hoorde hij opeens iemand van buiten zijn grot vragen om binnen te mogen komen voor een gesprek. Dat was Antonius. Hij was erachter gekomen dat er nog een ander in de woestijn leefde, die daar zelfs al eerder mee begonnen was dan hij. Sint Paulus was een nederig man. Hij maakte allerlei bezwaren, omdat hij zich niet waardig achtte om met zo’n groot man als Antonius om te gaan. Na een langdurige omhelzing, zetten zij zich toch neer om over God te praten en om samen zijn lof te zingen.
Op het uur van de maaltijd zagen de twee Paulus’ trouwe raaf aan komen vliegen. Maar deze keer had hij bij wijze van uitzondering een heel brood in de bek. “Moet je kijken, broeder, riep Paulus uit, wat worden we toch goed door God verzorgd, want Hij is het natuurlijk die ons deze maaltijd toestuurt. Al zestig jaar lang brengt deze raaf mij een half brood, en dat was meer dan genoeg voor mij. Maar nu de Heer u naar mij toe heeft gezonden, heeft Hij ter ere van u meteen het rantsoen verdubbeld!”
Na God gedankt te hebben gingen de beide heilige mannen bij de bron zitten voor hun eenvoudige maaltijd. Elk van beiden stond erop dat de ander de eer toekwam het brood te breken. Toen ze zo niet verder kwamen, besloten ze dat elk voorzichtig aan een kant van het brood zou trekken…

Meester_van_Elsloo_-_Antonius_AbtHier worden in de vorm van een legende mooie dingen gezegd over gebed en een leven met God. Het maakt je respectvol jegens anderen! Zelfs als je je terugtrekt uit het gewone mensengedoe. Als je leeft met God – zo schijnt dit verhaal te suggereren – heb je aan weinig meer dan genoeg. Dat weten we ook uit het evangelie, waar Jezus met weinig broden een menigte van 5000 man wist te voeden (bv. Markus 06,30-44). Op een ander moment zei Jezus: “Zit niet in over de vraag wat je zult eten of waarmee je je zult kleden. De Vader weet wel dat je dat nodig hebt. Maar zoek eerst het Rijk van God, al het andere zal je erbij gegeven worden” (Matteus 06,25-34). Bovenstaand verhaal uit het leven van Antonius en Paulus zou je een illustratie kunnen noemen van die uitspraak van Jezus.

Eens gaf Antonius les aan drie monniken over een zeer moeilijke kwestie uit het geloof, toen juist de bejaarde abt Paulus op bezoek kwam. Deze trok zich in een hoekje terug en wachtte stil tot vader Antonius klaar zou zijn.
Antonius vroeg aan de jongste van de drie monniken hoe hij over de kwestie dacht. De jongeman ging er onmiddellijk op in; wat aan zijn kennis ontbrak, vulde hij aan met zijn vuur en enthousiasme. Toen hij uitgesproken was, bleef vader Antonius enige tijd stil, en zei toen: “Het juiste antwoord heb je nog niet gevonden.”
Toen kreeg de tweede het woord. Hij was al wat ouder, had al wat boeken gelezen en ervaring opgedaan. Hij koos geleerde woorden en formuleerde voorzichtiger. Toen hij uitgesproken was, zei vader Antonius: “Ook jij hebt het juiste antwoord nog niet gevonden.”
Tenslotte mocht de oudste van de drie een antwoord geven. Hij liet lange stiltes vallen, sprak bedachtzaam en je kon merken dat hij al veel boeken had gelezen en een lange gebedservaring achter de rug had. Toen hij was uitgesproken, merkte vader Antonius op: “Toch heb je het juiste antwoord nog niet gevonden.”
Op het moment, dat hij zijn mond opendeed om zelf iets over de zeer moeilijke geloofskwestie te zeggen, bedacht hij dat vader Paulus nog altijd in zijn hoekje zat. Hij wendde zich tot de oude abt en vroeg: “Vader Paulus, zou u er misschien iets over kunnen zeggen?” Nu bleef het geruime tijd stil. Tenslotte zei vader Paulus: “Ik weet het niet…”
Vader Antonius wendde zich tot zijn drie leerlingen en met opgestoken vinger zei hij: “Vader Paulus heeft het juiste antwoord gevonden.”

Bij een van die ontmoetingen had Antonius beloofd, dat hij de oude Paulus na zijn dood zou begraven. Toen Paulus inderdaad overleden was, trof Antonius hem nog aan in een biddende houding. Het lijk werd bewaakt door twee leeuwen, die alle roofdieren van de heilige afhielden. Op Antonius’ aanwijzing groeven zij het graf en zagen toe, hoe Antonius de man begroef. Nadat ze van hem de zegen hadden ontvangen, verdwenen ze weer in de woestijn.

Hier wordt de vrome lezer herinnerd aan een tekst van de profeet Jesaja, waarin de Messiaanse tijd wordt aangekondigd: “De wolf en het lam wonen samen; de panter vlijt zich neer naast het bokje; het kalf en de leeuw weiden samen: een kleine jongen kan ze hoeden. De koe en de berin sluiten vriendschap; hun jongen liggen bijeen. De leeuw eet haksel als het rund. De zuigeling speelt bij het hol van de adder; het kind strekt zijn hand uit naar het nest van de slang” (Jesaja 11,06-08). Het lijkt wel, of die tijd in het leven van de woestijnvaders werkelijkheid is geworden. Zij sloten vriendschap met wilde dieren. Zij maken van de woestijn een leefbare plek, een paradijs! Beroemd is de legende van Sint Hiëronymus († 420; feest 30 september), die in zijn bijbelstudie wordt gestoord door een leeuw met een doorn in zijn poot. Hiëronymus verzorgt de wond, en vanaf dat moment gedraagt het dier zich als een mak huisdier. Overigens heeft hij deze legende postuum overgenomen van Gerasimus van Palestina († ca 475; feest 5 maart).

Nadat hij twintig jaar op zijn berg had doorgebracht, trok hij naar een oase in de Egyptische woestijn, nu geheten Djzebel al-Galala el Qibliya. In deze oase werd hij bezocht door vele christenen. Van hen besloten er zo nu en dan om hun leven verder in zijn gezelschap door te brengen. Zo ontstond een dorp van kluizenaarswoningen. Hoewel hij geen gemeenschappelijke levenswijze organiseerde, gaf hij aan allen geestelijke leiding; dat is de reden waarom hij de eerste abt genoemd wordt.
Hij stierf toen hij 105 jaar oud was.

In 561 werd zijn graf ontdekt en vanaf 1491 worden zijn stoffelijke resten bewaard in de St-Julienkerk te Arles. Er bevinden zich ook relieken in de abdij St-Antoine ten westen van Grenoble.

2e ZONDAG DOOR HET JAAR – C


Uit de profeet Jesaja 62, 1-5

De ontrouw van het uitverkoren volk werd bestraft met de ballingschap. Maar God kondigt vergiffenis aan. Jeruzalem bouwt Hij weer op en vervult het met heerlijkheid, zoals een bruidegom zijn ontrouwe bruid terugneemt en haar overlaadt met nieuwe tederheid.

Omwille van Sion zal ik niet zwijgen, omwille van Jeruzalem ben ik niet stil, totdat het licht van haar gerechtigheid daagt en de fakkel van haar redding brandt.
Alle volken zullen je gerechtigheid zien, alle koningen je majesteit. Men zal je noemen bij een nieuwe naam die de Heer zelf heeft bepaald.
Je zult een schitterende kroon zijn in de hand van de Heer, een koninklijke tulband in de hand van je God.
Men noemt je niet langer Verlatene en je land niet langer Troosteloos oord, maar je zult heten Mijn verlangen en je land Mijn bruid. Want de Heer verlangt naar jou en je land wordt ten huwelijk genomen.
Zoals een jongeman een meisje tot vrouw neemt, zo zullen jouw zonen jou ten huwelijk nemen, en zoals de bruidegom zich verheugt over zijn bruid, zo zal je God zich over jou verheugen.

 

Psalm 96, 1 + 2 + 3 + 7 + 8 + 9

Refr.: Buich u voor de Heer in zijn heilige glorie.

Zing voor de Heer een nieuw lied, TrinityStBenedicts
zing voor de Heer, heel de aarde.

Zing voor de Heer, prijs zijn Naam,
verkondig van dag tot dag dat Hij ons redt.

Maak aan alle volken zijn majesteit bekend,
aan alle naties zijn wonderdaden.

Erken de Heer, stammen en volken,
erken de Heer, zijn majesteit en macht.

Erken de Heer, de majesteit van zijn Naam,
draag geschenken zijn voorhoven binnen.

Buig u voor de Heer in zijn heilige glorie,
huiver, heel de aarde, als Hij verschijnt.

 

Uit de eerste brief van Paulus aan de Korintiërs 12, 4-11

De Geest is in de Kerk de bron van de meest verscheidene gaven. Door hen werkt Hij en wordt ook bron van diepe eenheid onder het Godsvolk.

Broeders en zusters,
er zijn verschillende gaven, maar er is één Geest; er zijn verschillende dienende taken, maar er is één Heer; er zijn verschillende uitingen van bijzondere kracht, maar het is één God die ze allemaal en bij iedereen teweegbrengt. In iedereen is de Geest zichtbaar aan het werk, ten bate van de gemeente.
Aan de een wordt door de Geest het verkondigen van wijsheid geschonken, aan de ander door diezelfde Geest het overdragen van kennis; de een ontvangt van de Geest een groot geloof, de ander de gave om te genezen. En weer anderen de kracht om wonderen te verrichten, om te profeteren, om te onderscheiden wat wel en wat niet van de Geest afkomstig is, om in klanktaal te spreken of om uit te leggen wat daar de betekenis van is.
Al deze gaven worden geschonken door een en dezelfde Geest, die ze aan iedereen afzonderlijk toebedeelt zoals Hij wil.

 

Alleluia.IMG_3111banner_1024x1024

Maak ons hart ontvankelijk, Heer,
opdat wij de woorden
van uw Zoon zouden begrijpen.

Alleluia.

 

Uit het evangelie volgens Johannes 2, 1-12

De aarden kruiken van de oude Wet lopen over van de nieuwe wijn der genade. Door de wijn te verschaffen voor het bruiloftsfeest, neemt Jezus de rol over van de bruidegom. Door dit wonder bekomt Maria van haar Zoon dat het uur van het heil als het ware wordt vervroegd. Maria wordt ‘vrouw’ genoemd, de nieuwe Eva. Zij is het symbool van de mensheid die opkijkt naar haar Redder.

Er was een bruiloft in Kana, in Galilea. De moeder vanK-14-e1403456510251 Jezus was er, en ook Jezus en zijn leerlingen waren op de bruiloft uitgenodigd.
Toen de wijn bijna op was, zei de moeder van Jezus tegen Hem: ‘Ze hebben geen wijn meer.’
‘Wat wilt u van me?’ zei Jezus. ‘Mijn tijd is nog niet gekomen.’
Daarop sprak zijn moeder de bedienden aan: ‘Doe maar wat Hij jullie zegt, wat het ook is.’
Nu stonden daar voor het Joodse reinigingsritueel zes stenen watervaten, elk met een inhoud van twee à drie metrete.
Jezus zei tegen de bedienden: ‘Vul de vaten met water.’
Ze vulden ze tot de rand.
Toen zei Hij: ‘Schep er nu wat uit, en breng dat naar de ceremoniemeester.’
Dat deden ze.
En toen de ceremoniemeester het water dat wijn geworden was, proefde (hij wist niet waar die vandaan kwam, maar de bedienden die het water geschept hadden wisten het wel) riep hij de bruidegom en zei tegen hem: ‘Iedereen zet zijn gasten eerst de goede wijn voor en als ze dronken zijn de minder goede. Maar u hebt de beste wijn tot nu bewaard!’
Dit heeft Jezus in Kana, in Galilea, gedaan als eerste wonderteken; Hij toonde zo zijn grootheid en zijn leerlingen geloofden in Hem.
Daarna ging Hij naar Kafarnaüm, met zijn moeder, zijn broers en zijn leerlingen, en daar bleven ze een paar dagen.

Van Woord naar leven

bruiloft-kana-ic-4025Wat Jezus Christus ons wil zeggen met de bruiloft van Kana is dat de wijn helemaal niet op is voor ons mensen vandaag. Integendeel, de beste wijn moet nog komen en er is genoeg voor iedereen!
Het verhaal van de bruiloft van Kana is dus goed nieuws voor alle mopperaars en voor alle mensen, die denken dat het allemaal zo slecht gaat. De litanie van mopperaars is langer dan de litanie van alle heiligen – en die is al heel lang – maar nu is er dus reden tot optimisme en enthousiasme !

Zoals tijdens de bruiloft van Kana de wijn niet opraakte, zo zal onze wijn, onze voeding, ook niet opraken. Dat heeft Jezus Christus vlak voor zijn hemelvaart ons ook beloofd: ‘Ik zal met jullie zijn tot het einde der tijden.’ Het is belangrijk dat wij dat blijven geloven, ook al zijn het misschien geen makkelijke tijden en wordt de mensheid heden ten dage zwaar op de proef gesteld.

Laat ons blijven bidden. Laat ons blijven werken. En laat ons vooral blijven geloven, in de zin dat we ons dagelijks, in eenvoud en blijheid, geven aan de aanwezige God.

Naar woorden van J. Bots sj

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer,eucharistie
kom met uw Geest over ieder van ons, opdat wij ten allen tijde mogen vertrouwen op U. Al te dikwijls menen wij dat ook onze wijn op is, doordat we U vergaten en enkel leefden voor ons eigen ego. Geef dat wij ons leven mogen schenken aan U, zoals de dienaars het water toevertrouwden aan uw genade. Maak ons leven tot uw wijn, opdat uw feest van liefde meer en meer gestalte mag krijgen in elke ontmoeting waarin Gij ons brengt. Alle dagen van ons leven. Amen.