Lezingen van de dag – zondag 2 juli 2017


Heilige (of feest) van de dag

Swithun van Winchester († 862)

Swithun (ook Swithin) van Winchester, Engeland; bisschop

Hij moet rond 800 geboren zijn in het toenmalige koninkrijkje Wessex. Zijn opleiding kreeg hij aan de kathedraal van Winchesetr. Na zijn priesterwijding werd hij door koning Egbert van Wessex († 839) uitgenodigd aan het hof om de opvoeding van de kroonprins op zich te nemen. In 852 volgde zijn benoeming tot bisschop van Winchester. In de tien jaar van zijn bisschopsambt maakte Winchester een periode van grote bloei door.

Swithun was een bescheiden man. Hij wenste begraven te worden buiten de kathedraal ‘waar de voeten van de gewone mensen over mij heen kunnen lopen,’ zoals hij zelf zei. Zo lag hij meer dan honderd jaar begraven tegenover de westelijke ingang van de kathedraal. Maar in 964 begon bisschop, Ethelwold († 984; feest 1 augustus) een nieuwe monnikengemeenschap. Om het geestelijk leven te bevorderen én enige finaciële basis te hebben, koos hij zijn beroemde voorganger, Swithun, uit als beschermheilige. In die optiek paste het niet dat hun patroon zomaar ergens buiten begraven lag. In weerwil van diens laatste wens besloot men in 971 zijn gebeente op te graven. Het werd overgebracht naar de kathedraal en bijgezet in de voor hem apart geconstrueerde crypte. De dag van zijn overbrenging, 15 juli, goot het van de regen. Gelovigen interpreteerden dat als een blijk van afkeuring van de heilige. Vandaar dat de weerspreuk ontstond: ‘Als het op Sint Swithun regent, regent het veertig dagen lang.’
De toeloop naar zijn tombe was zo groot dat de monniken in de kathedraal een extra ingang naar de crypte lieten uitgraven, waardoor zij ongestoord hun gebeden konden verrichten en de pelgrims intussen hun geliefde heilige konden vereren. Deze ingang was zo laag dat de pelgrims er op handen en voeten doorheen moesten. Het gangetje ernaartoe heette ‘The Holy Hole’. In 1476 werd er in het koor van de kathedraal bovendien een schitterende reliekhouder geplaatst, die blonk van de edelmetalen die erin verwerkt waren. Dit alles is volkomen vernield tijdens de Reformatie. Op 21 september 1538 drongen beambten van koning Hendrik VIII om 3 uur ‘s morgens de kathedraal binnen, plunderden alle kostbaarheden die ze te pakken konden krijgen en van wat ze achterlieten, bleef geen spaan heel.
Tot op de dag van vandaag toont men in de kathedraal die kruipingang naar de voormalige crypte.

Bron: Heiligen.net

13e zondag door het jaar – A


Uit het tweede boek Koningen 4, 8-11 + 14-16a

Een vrouw die geen kinderen heeft, en waarvan de man reeds oud is, ontvangt de profeet Elisa gastvrij in haar huis. Elisa, getuige van de God die leven geeft, belooft zijn gastvrouw dat zij een zoon zal krijgen. Wie een man van God opneemt, neemt God zelf op.

Op zekere dag kwam Elisa door Sunem. Daar woonde een voorname vrouw die hem dringend uitnodigde om te komen eten. Van toen af aan ging hij elke keer als hij langs Sunem kwam bij haar eten.
De vrouw zei tegen haar man: ‘Die godsman die telkens bij ons op bezoek komt, is beslist heilig. Laten we op het dak van ons huis een kamer voor hem maken en daar een bed, een tafel, een stoel en een lamp neerzetten, dan kan hij zich daar terugtrekken als hij bij ons komt.’
Toen Elisa op een dag weer door Sunem kwam, onderbrak hij zijn reis en ging rusten in het voor hem ingerichte vertrek.
Weer vroeg Elisa: ‘Kan ik echt niets voor haar doen?’ en Gechazi antwoordde: ‘Jawel, ze heeft geen zoon, en haar man is al oud.’
Toen zei Elisa: ‘Roep haar binnen.’
Gechazi riep haar, de vrouw kwam in de deuropening staan en Elisa zei tegen haar: ‘Vandaag over een jaar zult u een zoon in uw armen houden.’

 

Psalm 89, 2-3 + 16-19

Refr.: Van uw liefde, Heer, wil ik eeuwig zingen !

Van uw liefde, Heer, wil ik eeuwig zingen,
van uw trouw getuigen, geslacht na geslacht.

Ik belijd: uw liefde houdt eeuwig stand,
uw trouw hebt U in de hemel gevestigd.

Gelukkig het volk dat van uw roem getuigt
en leeft, Heer, in het licht van uw gelaat.

Juichend roepen zij uw naam, dag aan dag,
door uw gerechtigheid richten zij zich op.

U bent de glans van onze kracht,
door uw gunst verhoogt u ons aanzien.

Aan de Heer danken wij ons schild,
aan de Heilige van Israël onze koning.

 

Uit de brief van Paulus aan de Romeinen 6, 3-4 + 8-11

De gelovige die gedoopt is in de dood van Christus, is gestorven voor de zonde. Eén met de verrezen Heer, leeft hij voortaan alléén voor de levende God.

Broeders en zusters,
weet u niet dat wij die gedoopt zijn in Christus Jezus, zijn gedoopt in zijn dood? We zijn door de doop in zijn dood met Hem begraven om, zoals Christus door de macht van de Vader uit de dood is opgewekt, een nieuw leven te leiden.
Wanneer wij met Christus zijn gestorven, geloven we dat we ook met Hem zullen leven, omdat we weten dat Hij, die uit de dood is opgewekt, niet meer sterft. De dood heeft geen macht meer over Hem. Hij is gestorven om een einde te maken aan de zonde, voor eens en altijd; en nu Hij leeft, leeft Hij voor God.
Zo moet u ook uzelf zien: dood voor de zonde, maar in Christus Jezus levend voor God.

 

Alleluia.

Moge de Vader
van onze Heer Jezus Christus
ons innerlijk oog verlichten
om te zien hoe groot de hoop is
waartoe Hij ons roept.

Alleluia.

 

Uit het evangelie volgens Matteüs 10, 37-42

Het is onmogelijk echt van Christus te houden zonder Hem meer te beminnen dan iemand ander, meer zelfs dan zijn eigen leven. Het is onmogelijk Christus na te volgen zonder zijn kruis te ontmoeten. En het is onmogelijk Christus te ontvangen, zonder dat men gezondenen ontvangt.

Jezus sprak tot zijn leerlingen:
‘Wie meer van zijn vader of moeder houdt dan van mij, is mij niet waard, en wie meer houdt van zijn zoon of dochter dan van mij, is mij niet waard. Wie niet zijn kruis op zich neemt en mij volgt, is mij niet waard. Wie zijn leven probeert te behouden zal het verliezen, maar wie zijn leven verliest omwille van mij, die zal het behouden.
Wie jullie ontvangt ontvangt mij, en wie mij ontvangt ontvangt Hem die mij gezonden heeft. Wie een profeet ontvangt omdat het een profeet is, zal als een profeet beloond worden, en wie een rechtvaardige ontvangt omdat het een rechtvaardige is, zal als een rechtvaardige beloond worden.
En wie een van deze geringe mensen een beker koel water te drinken geeft alleen omdat het een leerling van mij is, ik verzeker jullie: die zal zeker beloond worden.’

Van Woord naar leven

De overweging van deze zondag is van de hand van Frans Mistiaen, s.j.

Het evangelie van vandaag lijkt ons te zeggen dat onze vakantie een goede tijd wordt, als wij een mogelijkheid zien om er drie mensen te ontvangen, en, doorheen hen, God Zelf: een profeet, een rechtvaardige en een kleine.

Met écht ontvangen, wordt niet zozeer bedoeld “in ons huis een receptie houden”, maar veeleer:  “in het huis van ons hart een plaats geven”. Als wij iemand onthalen, dan willen wij op de eerste plaats rekening houden met zijn noden en verlangens, met zijn boodschap, en onze eigen prioriteiten wat opzij zetten.

Hoe ontvangen wij een profeet? Een profeet is iemand die ons iets weet te zeggen over wat God met ons en met onze wereld in deze tijd eigenlijk voorheeft. Dan gaat het natuurlijk niet over een waarzegster of een glazenbollenkijker, maar over een doodgewone man of vrouw die wij schijnbaar toevallig ontmoeten op onze weg, maar die ons een woord spreekt dat ons heel diep treft omdat het juist voor ons op dat ogenblik gepast is. Bekende profeten, die wij ergens zouden kunnen gaan opzoeken om onze toekomst juist te voorspellen, bestaan niet. Geloof hen niet. ’t Is bedrog. Er bestaan wel doodgewone mensen die diep Godsverbonden leven. Als wij aandachtig genoeg zijn, kunnen wij op het meest onverwachte moment van hen een woord horen waarin God ons toespreekt.

Vakantietijd kan aandachtstijd worden om de goddelijke diepte in mensenwoorden te horen. Tijd om een geestelijk boek te lezen, een conferentie te volgen, een psalm te bidden, enkele dagen op retraite te gaan, een oude kennis te ontmoeten, een zieke te gaan bezoeken. Doorheen hun woorden spreekt God soms uit wat Hij van ons verlangt. Dat is een profeet onthalen in ons hart.

Hoe kunnen wij een rechtvaardige ontvangen? Wij moeten het niet ontkennen: onze maatschappij en onze wereld zuchten nog onder heel wat onrechtvaardigheden en discriminaties. De behoeftigen, die verschijnen op ons TV-scherm of die ons voorbijlopen op onze stoep, zijn achteruitgesteld door structuren of paperassen, door verkeerde subsidiëring of geldgesjoemel van rijken en machtigen. En soms kan een pamflet, een petitie, een protest op een heel duidelijke manier een zo broodnodige rechtvaardigheid als eerste prioriteit opeisen. Vakantietijd kan tijd worden om wat afstand te nemen van de eigen belangen die wij gans het jaar absoluut menen te moeten verdedigen, om een wat meer globale kijk te krijgen op heel onze mensengemeenschap waar ook de zwakkeren een plaats krijgen. Vakantietijd kan tijd worden om een duidelijk gebaar te stellen waarmee onze wereld, naar Gods droom, tot meer eerlijke verdeling wordt opgebouwd. Dat is een rechtvaardige onthalen in ons hart.

Hoe kunnen wij een kleine ontvangen? In deze maanden worden op vele plaatsen allerlei kampen georganiseerd om ook aan zieke, gehandicapte of financieel-zwakkere kinderen een ontspanningstijd te bezorgen. Honderden jongeren stellen zich vrijwillig ten dienste om hen te begeleiden. Kunnen wij niet op een of andere manier hun initiatieven steunen? Of nog beter. Zouden wij geen kind uit een oorlogsgebied een tijdlang kunnen opnemen in ons huis of meenemen op onze vakantie. Het zou kunnen dat die dan wel wat anders wordt georganiseerd, eenvoudiger misschien, daarom niet met minder vreugde. Onze God spreekt ons aan in de behoeften van armeren en zwakkeren. Dat is een kleinere ontvangen in ons hart.

Wanneer wij een profeet, een rechtvaardige of een kleine echt binnenhalen in ons leven dan komt er, niet onmiddellijk maar meestal iets later, een moment van herkenning: “Toen kwam er echt een volheid in ons hart binnen. Zou dat niet Gods aanwezigheid zelf zijn?”

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Heer onze God,
in mensen komt Gij ons tegemoet, in hun gelaat kunnen wij U herkennen. Wij bidden U dat wij aan deze uitnodiging niet voorbijgaan, maar gastvrij worden en openstaan voor ieder die uw profeet kan zijn en ons op zijn manier verhaalt van uw Zoon, Jezus Christus, onze broeder en Heer.
Amen.