Lezingen van de dag – zondag 2 oktober 2016


Heilige (of feest) van de dag

de Engelbewaardersangel-183692_640

gedachtenis

Gevierd wordt dat ieder van ons door God een persoonlijke engel wordt toevertrouwd, die ons beschermt en vergezelt door het leven. Dat geloofsinzicht baseert zich op een aantal bijbelpassages:
1. In het deutero-kanonieke bijbelboek Tobit wordt verteld hoe de aartsengel Rafaël (feest 29 september) aan de jonge Tobit wordt toevertrouwd om hem bij een moeilijke opdracht te vergezellen en te beschermen.
2. In het evangelie zegt Jezus: ‘Waak ervoor een van deze geringen te verachten. Want Ik zeg jullie: hun engelen in de hemel aanschouwen onophoudelijk het gelaat van mijn hemelse Vader’ [Matteus 18,10].
3. In het boek Handelingen van de Apostelen wordt verteld hoe Petrus op wonderbare wijze uit de gevangenis ontsnapte een aanklopte bij het huis waar de gemeente bijeen was om voor zijn vrijlating te bidden. ‘Nadat hij op de deur van het voorportaal had geklopt, kwam er een dienstmeisje dat Roosje heette, om open te doen, maar toen ze de stem van Petrus hoorde, was ze zo blij dat ze vergat de deur te openen en naar binnen rende om te zeggen dat Petrus voor de poort stond. “Je bent niet goed wijs,” zeiden ze tegen haar, maar ze bleef volhouden dat het echt zo was. “ Dan is het zijn beschermengel”, zeiden ze tenslotte…’[Handelingen 12,13-15]

Het was paus Paulus V († 1621) die het feest 1608 officieel toestond; in 1670 werd het door paus Clemens X († 1676) voor de hele kerk ingevoerd.

Ze worden afgebeeld als gevleugelde personen van onduidelijk geslacht (zowel mannelijke als vrouwelijke trekken); die vleugels zijn nodig om tussen ons en de hemel heen en weer te vliegen: ze brengen Gods goede gedachten vanuit de hemel naar de mensen over en dragen de gebeden van ons tot voor Gods aangezicht. Vaak bevinden ze zich half achter de hun toevertrouwde persoon, op afbeeldingen meestal een kind. Soms in gezelschap van de duivel als tegenhanger: dan bevindt zich de engel rechts en de duivel links, respectievelijk op de rechter- en linkerschouder, om goede respectievelijk kwade gedachten in het oor te fluisteren.

27e zondag door het jaar – Cbijbel


Uit de profeet Habakuk 1, 2-3 + 2, 2-4

De rechtvaardige leeft door zijn trouw.

Hoe lang nog, Heer, moet ik om hulp roepen en luistert U niet, moet ik ‘Geweld!’ schreeuwen en brengt U geen redding? Waarom toont U mij dit onheil en ziet U zelf de ellende aan? Ik zie slechts verwoesting en geweld, opkomende twist en groeiende tweedracht.
Dit was het antwoord van de Heer. Schrijf dit visioen op, grif het duidelijk in platen, zodat het snel te lezen is.
Het visioen wacht tot zijn tijd gekomen is, het getuigt ervan, het liegt niet. Ook al is het nog niet vervuld, wacht maar, het komt zeker, het zal niet uitblijven.
Wie niet oprecht is kwijnt weg, maar de rechtvaardige zal leven door zijn trouw.

 

Psalm 95, 1 + 2 + 6 + 7 + 8 + 9

Refr.: Laat ons jubelen voor de Heer.

Kom, laten wij jubelen voor de Heer,
juichen voor onze rots, onze redding.Drieeenheid_2
Laten wij Hem naderen met een loflied,
Hem toejuichen met gezang.

Ga binnen, laten wij buigen in aanbidding,
knielen voor de Heer, onze maker.
Ja, Hij is onze God
en wij zijn het volk dat Hij hoedt,
de kudde door zijn hand geleid.

Luister vandaag naar zijn stem:
Wees niet koppig als bij Meriba,
als die dag bij Massa, in de woestijn
toen jullie voorouders mij op de proef stelden,
mij tartten, al hadden ze mijn daden gezien.

 

Uit de tweede brief van Paulus aan Timoteüs 1, 6-8 + 13-14

Bewaar de u toevertrouwde schat.

Ik spoor je aan het vuur brandend te houden van de gave die God je schonk toen ik je de handen oplegde.
God heeft ons niet een geest van lafhartigheid gegeven, maar een geest van kracht, liefde en bezonnenheid.
Schaam je er dus niet voor om van onze Heer te getuigen; schaam je ook niet voor mij, die omwille van Hem gevangen zit, maar deel in het lijden voor het evangelie, met de kracht die God je geeft.
Neem als richtsnoer de heilzame woorden die je van mij hebt gehoord, houd vast aan het geloof en aan de liefde die in Christus Jezus zijn. Bewaar door de heilige Geest, die in ons woont, het goede dat je is toevertrouwd.

 

Alleluia.lantern-84160_640
Uw woord is waarheid, Heer.
Wijd ons toe in de waarheid.
Alleluia.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 17, 5-10

Heer, geef ons meer geloof…

De apostelen zeiden tegen Jezus: ‘Geef ons meer geloof!’
Hij zei: ‘Als jullie geloof hadden als een mosterdzaadje, zouden jullie tegen die moerbeiboom zeggen: “Trek je wortels uit de grond en plant jezelf in de zee!” en hij zou jullie gehoorzamen. Als iemand van jullie een knecht zou hebben die ploegt of de kudden weidt, dan zal hij, wanneer die thuiskomt van het land, toch niet tegen hem zeggen: “Ga maar meteen aan tafel”? Zal hij niet veel eerder tegen hem zeggen: “Maak iets te eten voor me klaar, doe je gordel om en bedien me terwijl ik eet en drink, en daarna kun je zelf eten en drinken”? Hij bedankt de knecht toch niet omdat die gedaan heeft wat hem is opgedragen?
Hetzelfde geldt voor jullie; wanneer jullie alles gedaan hebben wat jullie is opgedragen, zeg dan: “Wij zijn maar knechten, we hebben enkel onze plicht gedaan.”’

Van Woord naar leven

De overweging van vandaag is van de hand van Frans Mistiaen, sj

De knechten- en meidenmentaliteit is een beetje de mentaliteit van onze tijd geworden: “Voor wat hoort wat! Niks voor niets!” hoor je dikwijls zeggen. Het is evident dat wij mogen eisen dat wij rechtvaardig worden betaald voor ons gepresteerde werk. Maar het wordt gevaarlijk als wij deze houding van vergoeding eisende en betaalde knechten of meiden gaan uitbreiden tot alle andere domeinen van ons leven. “Voor wat, hoort wat!” kan nooit de grondtoon worden van het leven van een gelovig christen. Want heel snel weerklinken dan nog alleen de harde klanken van onbarmhartigheid tegenover de zwakkeren. Als “Niets voor niets” wordt gedaan, dan kunnen sommigen inderdaad niet mee: de zieken, de gehandicapten, de bejaarden, de armen. Er zijn in onze maatschappij mensen die uiterlijk nooit een even grote tegenprestatie zullen kunnen bieden voor wat voor hen wordt gedaan.

Als reactie tegen die mentaliteit, waar men eist dat zo vele dingen steeds met klinkende munt worden betaald, zien wij dat vele christenen zich spontaan en onbetaald inzetten voor zwakkeren. Er is ontzaglijk veel goede wil en belangeloze dienstbaarheid te merken bij jongeren die gratis gehandicapten helpen, bij volwassenen die zich in de parochie onbetaald inzetten voor ziekenbezoek of armenhulp, bij grootouders die hun kleinkinderen opvangen. Het kan inderdaad niet zijn dat wij, naast onze betaalde arbeid, geen enkele tijd en ruimte meer zouden vinden voor belangeloos dienstwerk. Zich gratis inzetten voor anderen is een kenmerk van elke gelovige die leeft vanuit de christelijke inspiratie. Elke christen heeft, naast zijn vele betaalde prestaties, ergens een domein waar hij hulp biedt, zonder vergoed te worden.

Op zekere dag had een moeder aan haar 12-jarige zoon Jan enkele kleine karweitjes gevraagd. Jan had het allemaal netjes gedaan, maar hij vond het toch een beetje teveel. Hij kwam op het idee om voor deze karweitjes een kleine vergoeding te vragen. Want ’s anderendaags vond moeder naast haar handtas op de kast een blaadje papier, waarop Jan had geschreven: “1 x boodschappen gedaan: een halve euro; 2 x geholpen om af te drogen bij de afwas: 80 cent; 1 x bier in de frigo aangevuld: 30 cent… enz.” Een hele lijst. Als totaal stond onderaan: “vergoeding: 2 euro en 40 cent.” Getekend: Jan. Moeder bekeek de voorgeschotelde rekening zeer aandachtig, glimlachte minzaam, haalde haar geldbeugel boven en betaalde zonder iets te zeggen aan Jan precies 2 euro en 40 cent uit. Maar als Jan ’s avonds op zijn kamer kwam, vond hij op zijn hoofdkussen ook een rekeningetje, waarbij moeder had genoteerd: 1 x per week, gedurende 12 jaar = 624 x gewassen en gestreken, 3 x per dag, gedurende 12 jaar = 13.140 x eten klaar gemaakt, …enz. Alleen had zij er telkens bijgeschreven: “vergoeding: 0 euro 0 cent, totaal: 0 euro, 0 cent.” Getekend: Moeder. Die dag had Jan iets begrepen, nl. dat liefde tussen mensen eigenlijk onbetaalbaar is.

En toch vervallen ook wij soms nog in die oude kwaal om rekensommetjes te maken, hetzij tegenover de mensen die ons liefhebben, hetzij tegenover onze God die de Liefde Zelf is: “Ik doe zoveel voor u… Moet Gij nu dan niets voor mij doen?” Van die metende en berekenende knechten- en meidenmentaliteit wil de Heer ons nu juist genezen.

Wanneer gij alleen maar alles gedaan hebt wat u werd opgedragen, zeg dan, zoals het hoort: “Nu zijn wij gewoon maar knechten,
want wij hebben alleen maar onze plicht gedaan.” Maar eigenlijk moeten wij weten dat de Heer van ons veel méér vraagt dan alleen maar te doen wat ons werd opgedragen. Hij toont ons ook vandaag weer dat Hij méér wil zijn dan een Meester van plichtsgetrouwe knechten, want Hij nodigt ons uit aan zijn tafel en gaat rond om ons te bedienen als zijn vrienden. Hij schenkt zichzelf totaal aan ons weg. En in zulk een relatie durft Hij natuurlijk van ons ook méér vragen. Oorspronkelijk, van nature uit, zijn wij inderdaad slechts beloning-eisende knechten. Maar Hij, de Heer, wil ons tot zijn vrienden maken, dwz. tot mensen die niet de neiging hebben om te meten en te berekenen als zij iets voor een ander doen, maar die gul zijn, zonder te tellen.

Tegenover God kunnen wij eigenlijk nooit een dienst verrichten met aanspraak op enige vergoeding. Want God heeft ons zo bovenmatig lief. En juist zijn gratuite liefde maakt ons tot vrienden, die Hem, dankbaar en edelmoedig, onze gulle wederliefde willen tonen.

Waarlijk gelukkig, dat wij ons niet willen gedragen als knechten en meiden, maar als vrienden en vriendinnen van de Heer, die veel willen doen voor Hem en voor anderen, gratis en graag!

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Heer, FourCandlesForJeffBuckley-250x250
leer ons liefhebben zoals Gij ons liefhebt: gratis, zonder een tegenprestatie te verwachten. Genees ons van de ‘voor wat hoort wat’ mentaliteit. Help ons gratis lief te hebben, nederig, in U God lof brengend. Zo zullen wij getuigen van zijn liefde die Hij door U gul en gratis aan ieder schenkt.
Kom heilige Geest.
Amen.