Lezingen van de dag – zondag 21 augustus 2016


Heilige (of feest) van de dag

Pius X, paus († 1914)

Rome, Italië; paus

Hij werd op 2 juni 1835 geboren in een eenvoudig gezin in het Italiaanse plaatsje Riese bij Castelfranco Veneto in het bisdom Treviso; indertijd maakte dat nog deel uit van Oostenrijk-Hongarije. Zijn ouders waren zo arm dat de kleine Giuseppe elke dag de 4 kilometer lange weg naar school op blote voeten aflegde om zijn dure leren schoenen te sparen. Hij wilde priester worden en kwam aanvankelijk op het kleinseminarie van Treviso terecht. Het grootseminarie volgde hij te Padua, van waaruit hij de pastoor van het plaatsje Tombolo assisteerde. Deze had een hoge dunk van zijn stagiaire.

Zijn wijding volgde in 1867, waarna hij werd benoemd tot parochiepriester in Salzano. Paus Leo XIII († 1903) wijdde hem in 1884 tot bisschop van Mantua en in 1893 volgde zijn benoeming tot kardinaal en patriarch van Venetië.
Na de dood van paus Leo werd hij op het conclaaf van 4 augustus 1903 tot zijn eigen verrassing tot paus gekozen. De gedoodverfde kandidaat, Leo’s secretaris, kardinaal Mariano Rampolla del Tindarona, werd geweerd door een veto van Oostenrijk.
Giuseppe koos als pausennaam Pius X. Een van de eerste besluiten die hij nam, was het uitvaardigen van een verbod op welke staatsinmenging dan ook bij een pauskeuze.
Als paus zette hij de sobere en eenvoudige levenswijze voort de hij tot dan toe ook als kind, seminarist, priester en kerkvorst had gepraktiseerd. Zijn wapenspreuk luidde: ‘Alle dingen in Christus herstellen’.

Hij is de paus die de dagelijkse communie bevorderde, waarbij hij verwees naar de bede uit het Onze Vader: ‘Geef ons heden ons dagelijks brood’. Ook vervroegde hij de leeftijd van de Eerste Communie tot zeven jaar. Daarnaast legde hij sterk de nadruk op het leren van de Catechismus (beknopte geloofsleer) door kinderen, juist als ze nog klein waren, want dan waren ze nog het meest ontvankelijk, en ze zouden met deze kennis een schat voor het leven bezitten. Daarnaast voerde hij een aantal hervormingen door in de liturgie.

Tot zijn verdere verdiensten behoren nog de hervorming van de Romeinse Curie, het kerkelijke ambtenarenapparaat, en de grondlegging van het kerkelijk wetboek, de ‘Codex Iuris Canonici’. Vanaf 1909 deed hij een- of tweemaal per maand een soort staatsblad van het Vaticaan verschijnen, de ‘Acta Apostolicae Sedis’, waarin alle officiële teksten van de Apostolische stoel worden gepubliceerd.
Hij keerde zich fel tegen liberale, niet-orthodoxe uitingen en vormen van de katholieke leer en veroordeelde in 1907 het opkomend Modernisme.
Als reactie daarop was hij een krachtig voorstander van het Integralisme.
Tegen het einde van zijn leven was hij ernstig verzwakt. Hij leed aan longontsteking. Geschokt door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, bezweek hij aan zijn ziekte te Rome op 20 augustus 1914.

Hij werd begraven in de Sint-Pieter te Rome. Zijn opvolger was Benedictus XV († 1922). Het was paus Pius XII († 1958), die hem in 1951 zalig en in 1954 heilig verklaarde.
Omdat zijn sterfdag samenviel met de feestdag van Sint Bernardus van Clairvaux, werd zijn feest een dag naar achteren geschoven. Zijn geboorteplaats in het bisdom Treviso heet nu Riese Pio X.

Hij is patroon van esperantisten en van pauselijke werken van de Heilige Kindsheid.
Hij wordt afgebeeld in witte paustoga (geen tiara); met een kruis op de borst.

21e zondag door het jaar – Cbijbel


Uit de profeet Jesaja 66, 18-21

Teruggekeerd uit de ballingschap en ten prooi aan heel wat moeilijkheden ontvangt de gemeenschap van Israël een orakel van troost. Ze mogen er zeker van zijn: Jeruzalem zal het centrum worden van de wereld en de verspreide Joden zullen er terugkeren, zelfs vreemdelingen zullen ernaar optrekken. Want voortaan zal men dankzij heiligheid de stad van God binnengaan.

Dit zegt de Heer:
‘Ik ken hun daden en hun gedachten. De tijd is gekomen om alle landen en volken bijeen te brengen. Ze zullen komen en mijn luister zien. Ik zal onder hen een teken verrichten: sommigen zal Ik sparen en naar vreemde volken sturen–naar Tarsis, Pul en Lydië, volken van boogschutters, naar Tubal en Griekenland, naar de verste eilanden, waar mijn faam nog niet is doorgedrongen en mijn luister nog niet is gezien – en zij zullen mijn majesteit tegenover al deze volken verkondigen.
Uit alle volken zullen zij jullie ballingen terugbrengen – zegt de Heer –, met paarden en wagens, met overhuifde wagens, op muildieren en kamelen, naar mijn heilige berg, naar Jeruzalem, als een offer voor de Heer, net zoals de Israëlieten hun offers in rein vaatwerk naar de tempel van de Heer brengen.
Zelfs zal Ik sommigen van hen aanstellen als priester of Leviet – zegt de Heer.


Psalm 85, 9ab + 10 + 11 + 12 + 13 + 14
Drieeenheid_2

Refr.: Ga uit over de hele wereld
en verkondig het evangelie aan heel de schepping.

Loof de Heer, alle volken,
prijs Hem, alle naties.

Zijn liefde voor ons is overstelpend,
eeuwig duurt de trouw van de Heer.


Uit de brief van Paulus aan de Hebreeën 12, 5-7 + 11-13

Vergelijkingen zijn nooit volmaakt. Wij moeten bij hun strikte betekenis blijven. Het is gevaarlijk in iedere beproeving de vaderlijke hand van God te zien, die zijn kinderen wil verbeteren. Wel is het waar dat wij tot bekering en vrede gebracht worden, wanneer wij de beproevingen van het leven aanvaarden met het voorbeeld van Christus voor ogen.

Broeders en zusters,
kennelijk bent u de bemoediging vergeten die tot u als tot kinderen wordt gericht: ‘Mijn zoon, je mag een vermaning van de Heer nooit terzijde schuiven en nooit opgeven als je door hem terechtgewezen wordt, want de Heer berispt wie Hij liefheeft, straft elke zoon van wie Hij houdt.’
Houd vol, het betreft hier immers een leerschool, God behandelt u als zijn kinderen. Welk kind wordt niet door zijn vader berispt?
Een vermaning lijkt op het moment zelf geen vreugde te brengen, slechts verdriet, maar op den duur plukt wie erdoor gevormd is er de vruchten van: een leven in vrede en gerechtigheid.
Hef daarom uw slappe handen op, strek uw knikkende knieën, en kies rechte paden, zodat een voet die gekneusd is niet verder ontwricht raakt, maar juist geneest.

 
Alleluia.images
Ik ben de weg, de waarheid en het leven,
zegt de Heer.
Niemand komt tot de Vader, tenzij door mij.
Alleluia.


Uit het evangelie volgens Lucas 13, 22-30

Het is onmogelijk te weten hoeveel mensen er zullen gered worden, maar wij weten dat de deur smal is en dat het ogenblik zal komen waarop zij gesloten zal zijn. Het komt er dus op aan ons zo vlug mogelijk te bekeren. Voorrechten geven geen toegang tot de zaal van het Koninkrijk.

Op weg naar Jeruzalem trok Jezus verder langs steden en dorpen, terwijl Hij onderricht gaf.
Iemand vroeg Hem: ‘Heer, zijn er maar weinigen die worden gered?’
Hij antwoordde: ‘Doe alle moeite om door de smalle deur naar binnen te gaan, want velen, zeg Ik jullie, zullen proberen naar binnen te gaan maar er niet in slagen. Als de Heer des huizes eenmaal is opgestaan en de deur heeft gesloten, en jullie staan buiten op de deur te kloppen en roepen: “Heer, doe open voor ons!”, dan zal hij antwoorden: “Ik ken jullie niet, waar komen jullie vandaan?”
Jullie zullen zeggen: “We hebben in uw bijzijn gegeten en gedronken en U hebt in onze straten onderricht gegeven.”
Maar Hij zal tegen jullie zeggen: “Ik ken jullie niet, waar komen jullie vandaan? Weg met jullie, rechtsverkrachters!”
Dan zullen jullie jammeren en knarsetanden wanneer je Abraham, Isaak en Jakob en al de profeten in het Koninkrijk van God ziet, maar zelf buitengesloten wordt.
Uit het oosten en het westen en uit het noorden en het zuiden zullen ze komen, en ze zullen aan tafel genodigd worden in het Koninkrijk van God.
En bedenk wel: er zijn laatsten die de eersten zullen zijn, en er zijn eersten die de laatsten zullen zijn.’

Van Woord naar leven

In bepaalde parabels wordt benadrukt dat er een dag komt, die een definitief einde betekent van al onze inspanningen en inzet. De bedoeling van deze parabels is niet ons schrik aan te jagen, maar ons aan te sporen niet tot morgen uit te stellen wat wij vandaag al kunnen en moeten doen. Het komt erop aan vandaag de kansen te grijpen, die ons worden geboden.

Om het ware geluk te vinden moeten wij door de nauwe deur – Jezus zelf – passeren. Velen vinden het moeilijk dit te geloven. Nochtans vinden wij alleen de weg naar het echte leven, als wij Jezus en zijn belangeloos dienende liefde durven erkennen als de bron van al ons doen en laten.

En dat moeten wij dagelijks leren ontdekken. Want christen-zijn betekent een voortdurende strijd om vandáág de liefde te bevorderen en dus nú de eigen zelfzucht te bevechten.

“Span u tot het uiterste in om door de nauwe deur binnen te komen!”
Christen “zijn” wij eigenlijk nog niet. Wij wórden het, zolang wij er een blijvende, dagelijkse inspanning voor doen.
Als er niet voortdurend nieuwe lucht wordt geblazen in de pijpen van een orgel, dan sterft de mooiste muziek van de beste componist uit als een zielig deuntje. De blaasbalgen van het christelijk leven moeten altijd bol staan. Het rijk Gods wordt opgebouwd door voortdurende liefde, dienstbaarheid, rechtvaardigheid en vergeving. Wie bij de pakken gaat zitten, laat andere dingen de kop opsteken, zoals het onkruid, dat ongevraagd uit de grond komt.
Christen “worden”, betekent werkelijk dagelijks strijden om het goede kansen te geven, aan te moedigen, tegen onze gemakzucht en onze zelfzucht in.

En als wij dan aan de Heer vragen, waarvoor onze inspanningen allemaal dienen, wat de uiteindelijke zin is van heel onze inzet om christen te worden, waar het uiteindelijk allemaal naartoe gaat, dan vertelt Hij ons, zoals altijd, een verhaal over een feestmaaltijd, waar wij in zijn vriendschap zullen mogen delen. Wij zijn op weg naar een ontmoeting met Hem en onze geliefden.

Maar Hij voegt er vandaag twee bedenkingen aan toe.
Ten eerste. Niet iedereen geraakt aan die tafel. Er zijn er die buiten blijven, niet zozeer omdat zij door de Heer worden buiten gehouden, maar wel omdat zij door hun zelfzucht, liefdeloosheid en onrechtvaardigheid er eigenlijk niet bij passen, en dus zichzelf uitsluiten.
Maar ten tweede: “Er zijn laatsten die eersten zullen zijn!”. Dat wil zeggen: Verschiet niet als gij daar een aantal mensen ziet aanzitten, die gij er niet verwacht, mensen die er, volgens uw normen, niet bij horen: die sukkelaar misschien op de stoep, of die migrant uit de buurt of dat familielid waarmee gij in ruzie ligt. Weet dat God andere normen heeft om een mens te beoordelen. Hij kijkt niet naar het uiterlijke, maar naar het hart van de mens en zal aan ieder alleen deze vraag stellen: “Hoe groot was uw liefde?”

Meer dan met woorden wordt in elke Eucharistieviering met gebaren, zichtbaar en tastbaar, beleefd waar wij eigenlijk naartoe groeien: naar een gemeenschap waar Jezus de Gastheer is, die rondgaat om te bedienen en die ons uitnodigt anderen te dienen. In het brood en de wijn, breekt, deelt en geeft de Heer zichzelf, om ons te leren wat liefde eigenlijk betekent: elke dag opnieuw onszelf breken, delen en geven aan anderen. Alleen door die nauwe deur geraken wij tot bij Gods feestmaal.

De overweging van vandaag is van de hand van pater Frans Mistiaen, sj

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Goede God,candle-060_6x10_150dpi
wij danken U dat Gij elke mens roept tot uw eeuwig gastmaal. Ban alle verdeeldheid en zonde uit deze wereld en maak ons tot één volk dat bereid is uw Liefde ten diepste te beminnen en te beleven. Zo zullen we met z’n allen door de nauwe deur binnen gaan waar Gij ons zult opwachten, mét Jezus, in de liefde van uw Geest. Amen.