Lezingen van de dag – zaterdag 18 juni 2016


Heilige (of feest) van de dag

Potentius van Steinfeld († 389)8446

Potentinus van Steinfeld, Duitsland; pelgrim met zijn beide zoons Felicius & Simplicius

Wat er over Potentinus bekend is, stamt uit een legende van de 9e eeuw. Hij zou afkomstig zijn uit de Franse landstreek Aquitanië, voortgekomen uit een adellijk geslacht. Op pelgrimstocht met zijn beide zoons Felicius en Simplicius ging hij langs bij zijn landgenoot bisschop Maximinus van Trier. Op diens voorstel gingen ze naar Karden aan de Moezel. Daar voegden zij zich bij de levensgemeenschap die rond de heilige priester Castor († ca 400; feest 13 februari) was ontstaan, en leidden tot hun dood een heilig en godgewijd leven als kluizenaars.

Bron: Heiligen.net

zaterdag in week 11 door het jaarbijbel


Uit het tweede boek Kronieken 24, 17-25

Ook in de hoogste rangen van het Godsvolk is er ontrouw te ontdekken. Niemand is daarvan verstoken. Daar neemt ontrouw zelfs meer opvallende en schandelijke vormen aan. Niemand blijft ervan gespaard wanneer hij zich laat gaan.

Na de dood van Jojada kwamen de leiders van Juda de koning hulde betuigen. Vanaf die tijd luisterde de koning naar hen. Ze begonnen de tempel van de Heer, de God van hun voorouders, te verwaarlozen, en Asjerapalen en godenbeelden te vereren. Vanwege deze zonde werden Juda en Jeruzalem getroffen door een hevige toorn.
De Heer stuurde profeten naar hen toe om hen op te roepen terug te keren naar de Heer, maar hun waarschuwingen werden in de wind geslagen.
Toen kwam de geest van God over Zecharja, de zoon van de hogepriester Jojada. Hij ging voor het volk staan en zei: ‘Dit zegt God: Waarom verzaken jullie je plicht tegenover de Heer? Jullie zullen niets meer tot een goed einde brengen, want jullie hebben je van de Heer afgewend en daarom wendt Hij zich nu van jullie af.’
Maar men spande tegen hem samen, en op bevel van de koning werd hij in de voorhof van de tempel gestenigd.
Koning Joas sloeg geen acht op de trouwe diensten die Zecharja’s vader Jojada hem bewezen had, en liet de zoon van zijn weldoener vermoorden. Zecharja’s stervenswoorden luidden: ‘Moge de Heer zien wat mij wordt aangedaan en het vergelden.’
Aan het begin van het nieuwe jaar viel het Aramese leger Joas aan. Ze rukten op tegen Juda en Jeruzalem, versloegen alle legeraanvoerders en stuurden alles wat ze buitmaakten naar hun koning in Damascus.
Want hoewel de Arameeërs hun aanval ondernamen met een kleine troepenmacht, leverde de Heer een zeer groot leger aan hen uit, omdat de Judeeërs zich van de Heer, de God van hun voorouders, hadden afgewend. Ook aan Joas werd de straf voltrokken.
Nadat de Arameeërs hem zwaargewond hadden achtergelaten, spanden zijn hovelingen tegen hem samen om de dood van de zoon van de hogepriester Jojada te wreken. Hij werd op zijn ziekbed vermoord. Na zijn dood werd hij begraven in de Davidsburcht, maar hij werd niet bijgezet in de koninklijke grafkamers.


Psalm 89, 4 + 5 + 29 + 30 + 31 + 32 + 33 + 34

Refr.: Mijn liefde zal hem altijd beschermen.

Ik heb met mijn uitverkorene een verbond gesloten,
aan mijn dienaar David gezworen:
Uw dynastie zal Ik voor eeuwig vestigen, Drieeenheid_2
uw troon in stand houden, geslacht na geslacht.

Mijn liefde zal hem altijd beschermen,
hecht is mijn verbond met hem.
Zijn dynastie houd Ik voor altijd in stand,
zijn troon zolang de hemel duurt.

Als zijn zonen zich afkeren van mijn wet,
niet leven naar mijn voorschriften,
mijn wetten schenden,
mijn bevelen niet opvolgen.

Dan zal Ik hen tuchtigen voor hun misdaden,
hun zonden bestraffen met slagen.
Maar mijn liefde zal ik hem niet afnemen,
mijn trouw aan hem niet breken.


Uit het evangelie volgens Matteüs 6, 24-34

Christenen kunnen de Heer niet dienen als ze hartstochtelijk vastzitten aan hun bezit en hun rijkdom. Dit belet niet dat ze zich moeten blijven inzetten voor het Rijk Gods. Ja, ze moeten het dagelijks zoeken. Hierbij moeten ze zich niet bezorgd maken, doch vertrouwen op Gods voorzienigheid.

Jezus zei tot zijn leerlingen:
‘Niemand kan twee heren dienen: hij zal de eerste haten en de tweede liefhebben, of hij zal juist toegewijd zijn aan de ene en de andere verachten. Jullie kunnen niet God dienen én de mammon.
Daarom zeg Ik jullie: maak je geen zorgen over jezelf en over wat je zult eten of drinken, noch over je lichaam en over wat je zult aantrekken. Is het leven niet meer dan voedsel en het lichaam niet meer dan kleding?
Kijk naar de vogels in de lucht: ze zaaien niet en oogsten niet en vullen geen voorraadschuren, het is jullie hemelse Vader die ze voedt. Zijn jullie niet meer waard dan zij? Wie van jullie kan door zich zorgen te maken ook maar één el aan zijn levensduur toevoegen?
En wat maken jullie je zorgen over kleding? Kijk eens naar de lelies, kijk hoe ze groeien in het veld. Ze werken niet en weven niet. Ik zeg jullie: zelfs Salomo ging in al zijn luister niet gekleed als een van hen.
Als God het groen dat vandaag nog op het veld staat en morgen in de oven gegooid wordt al met zo veel zorg kleedt, met hoeveel meer zorg zal Hij jullie dan niet kleden, kleingelovigen?
Vraag je dus niet bezorgd af: “Wat zullen we eten?” of: “Wat zullen we drinken?” of: “Waarmee zullen we ons kleden?”. Dat zijn allemaal dingen die de heidenen najagen. Jullie hemelse Vader weet wel dat jullie dat alles nodig hebben.
Zoek liever eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere dingen je erbij gegeven worden.
Maak je dus geen zorgen voor de dag van morgen, want de dag van morgen zorgt wel voor zichzelf. Elke dag heeft genoeg aan zijn eigen last.

Van Woord naar leven

Vandaag zegt Jezus tot ons: ‘Maak je geen zorgen voor de dag van morgen, want de dag van morgen zorgt wel voor zichzelf.’

Vandaag een oproep van Jezus om vrij door het leven te gaan. Echter niet als een soort religieuze hippie’s, maar als diep gelovige mensen die leven voor de goede zaak; voor de zaak van God. Zij laten zich niet meeslepen door zorgen die hen van God wegtrekken, zij maken van hun kleding en hun eigen uiterlijk geef afgod, ze binden zich niet onnodig aan materiële goederen, ze leven niet voor hun buik,… Ze leven voor God, met een blij gemoed, de liefde dienend, de vrede uitdragend.

Dus geen oppervlakkige vrijheid-blijheid-mentaliteit. Geen romantiek. Maar liefde. Kruis-liefde. Broederschap. Navolging van de Heer. Offer. Dienstbaarheid. Maar inderdaad, ten diepste vrij; geen slaaf van wat dan ook. Enkel de Heer. Enkel Gods-dienst. Enkel Liefde.

Moge de Heer ons verlossen van alle ballast dat een belemmering vormt Hem ten diepste te volgen.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Goede God,orange-birds-rosing_1463_990x742
schenk ons de genade, los van alles, ten diepste verankerd te zijn in uw Zoon, opdat wij, geheel vrij, badend in uw liefde, uw goedheid mogen uitzaaien naar allen die Gij op ons levenspad brengt, en allen die Gij in onze gedachten brengt om voor te bidden.
Kom heilige Geest. Amen.