HH. Onschuldige Kinderen (feest)

Iedereen, hoe hard of hoe ongevoelig hij zich ook voordoet wordt in het diepst van zijn hart geraakt bij een zinloze moordpartij op onmondige kinderen. Het is een gruwelijk beeld van een goddeloze wereld. Jezus is nauwelijks enkele dagen oud, als hoogmoed en egoïsme Hem tot een vluchtelingenbestaan dwingen.

Uit de eerste brief van Johannes 1, 5 – 2,2

Het bloed van Jezus Christus reinigt ons van elke zonde.

Vrienden,
dit is wat wij Jezus hebben horen verkondigen en wat we u verkondigen: God is licht, er is in Hem geen spoor van duisternis.
Als we zeggen dat we met Hem verbonden zijn terwijl we onze weg in het duister gaan, liegen we en leven we niet volgens de waarheid.
Maar gaan we onze weg in het licht, zoals Hijzelf in het licht is, dan zijn we met elkaar verbonden en reinigt het bloed van Jezus, zijn Zoon, ons van alle zonde.
Als we zeggen dat we de zonde niet kennen, misleiden we onszelf en is de waarheid niet in ons. Belijden we onze zonden, dan zal Hij, die trouw en rechtvaardig is, ons onze zonden vergeven en ons reinigen van alle kwaad.
Als we zeggen dat we nooit gezondigd hebben, maken we Hem tot een leugenaar en is zijn woord niet in ons.
Kinderen, ik schrijf u dit opdat u niet zondigt. Mocht een van u echter toch zondigen, dan hebben wij een pleitbezorger bij de Vader: Jezus Christus, de rechtvaardige. Hij is het die verzoening brengt voor onze zonden, en niet alleen voor die van ons, maar voor de zonden van de hele wereld.

Psalm 124, 2 + 3 + 4 + 5 + 7b + 8

Refr.: Onze hulp is de naam van de Heer.

Was de Heer niet voor ons geweest
toen de mensen zich tegen ons keerden,
ze hadden ons levend verslonden,
zo hevig was hun woede.

Dan had het water ons meegesleurd,
de stroom ons overspoeld,
wij zouden zijn overspoeld
door het ziedende water.

Het net is gescheurd en wij,
wij zijn ontkomen.
Onze hulp is de naam van de Heer
die hemel en aarde gemaakt heeft.

Uit het evangelie volgens Matteüs 2, 13-18

Herodes liet in Bethlehem al de jongens vermoorden.

Na het vertrek van de magiërs, verscheen er aan Jozef in een droom een engel van de Heer. Hij zei: ‘Sta op en vlucht met het kind en zijn moeder naar Egypte. Blijf daar tot ik je weer roep, want Herodes is naar het kind op zoek en wil het ombrengen.’
Jozef stond op en week nog diezelfde nacht met het kind en zijn moeder uit naar Egypte. Daar bleef hij tot de dood van Herodes, en zo ging in vervulling wat bij monde van de profeet door de Heer is gezegd: ‘Uit Egypte heb Ik mijn zoon geroepen.’
Toen Herodes begreep dat hij door de magiërs misleid was, werd hij verschrikkelijk kwaad, en afgaande op het tijdstip dat hij van de magiërs had gehoord, gaf hij opdracht om in Betlehem en de wijde omgeving alle jongetjes van twee jaar en jonger om te brengen.
Zo ging in vervulling wat gezegd is door de profeet Jeremia: ‘Er klonk een stem in Rama, luid wenend en klagend. Rachel beweende haar kinderen en wilde niet worden getroost, want ze zijn er niet meer.’

De Bijbelteksten zijn ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004.
De korte inleidingen op de lezingen zijn ontleend aan het week- en zondagmissaal, door de benedictijnen van de Sint-Andriesabdij en de norbertijnen van de abdijen Averbode, Postel en Tongerlo, o.l.v. Jos Van Der Veken, uitgegeven bij Brepols-Licap, © Brepols 2007.