Lezingen van de dag – donderdag 25 april 2019


Heilige (of feest) van de dag

Marcus evangelist († ca 68)

Marcus Evangelist, Alexandrië, Egypte & Venetië, Italië; martelaar

Feest 11 januari (Griekse kerk) & 31 januari (overbrenging relieken van Alexandrië naar Venetië) & 9 & 25 april (= 30 Baramûdah: Koptische kerk) & 25 juni (te Venetië: verschijning van Marcus om zijn vergeten relieken aan te wijzen) & 23 september & 3 oktober & 8 & 30 oktober (oosterse kerk)

De overlevering vertelt, dat de schrijver van het tweede evangelie Markus heette; dat deze gezel was van Petrus en Paulus en dat hij dezelfde is als de ‘Johannes Markus’ van wie sprake is in de Handelingen der Apostelen. Als dat alles klopt, dan weten we van hem, dat hij uit Jeruzalem afkomstig was, dat zijn moeder Maria heette en huisbaas was in de stad Jeruzalem; in één van haar huizen houdt de eerste christengemeente haar eerste bijeenkomsten. Aanvankelijk vergezelde hij Paulus en Barnabas, die een neef van hem was, op hun zendingsreizen. Hij maakte ook de eerste arrestatie van Paulus mee. Later heeft hij zich bij Petrus heeft gevoegd (deze noemt hem ‘mijn zoon’). Kennelijk is dat bij Paulus in het verkeerde keelgat is geschoten (Handelingen 12,25; 13,13 en 15,37-39).

Hij was in de jaren 60 van de eerste eeuw tezamen met Petrus en Paulus in Rome. Volgens de legende maakte hij aantekeningen van Petrus’ prediking; daaruit zou later zijn evangelie groeien. Het is het oudste van de vier evangelies.

Rond het jaar 140 weet Papias over Markus te vertellen dat deze de uitlegger is van Petrus’ verkondiging; dat hij later naar Alexandrië is gegaan, dat hij de eerste bisschop van die stad zou zijn geworden en daar de marteldood zou hebben moeten ondergaan.

Zijn gebeente is in 829 door Venetiaanse kooplui onder militaire bescherming uit Alexandrië weggehaald. Die stad was toen geheel onder de invloedssfeer van de Islam gekomen. De Venetianen hebben hem overgebracht naar hun vaderstad. Daar bouwden zij een rijke kathedraal voor hun nieuwe patroonheilige, de San Marco. Deze prachtige kerk staat er nog steeds tot op de dag van vandaag.

Bron: Heiligen.net

 

donderdag in de paasweek


Uit de Handelingen van de Apostelen 3, 11-26

Bekering als evangelische oproep is een uitnodiging aan de mens om te geloven, om op zijn beurt te verrijzen, zichzelf nieuw te maken in Jezus. Bekering is een ontmoeting met de Christus van Pasen.

In die dagen, toen de lamme die genezen was zich aan Petrus en Johannes vastklamte, liep het volk verbaasd rond hen te hoop in de zuilengang van Salomo. Toen Petrus dat zag, richtte hij het woord tot het volk:
‘Israëlieten, waarom bent u zo verbaasd en waarom staart u ons aan alsof het aan onze eigen kracht of vroomheid te danken is dat deze man weer kan lopen? Dit kon gebeuren omdat de God van Abraham en de God van Isaak en de God van Jakob, de God van onze voorouders, aan Jezus, zijn dienaar, de hoogste eer heeft bewezen. Het is deze Jezus die door u is uitgeleverd en verstoten, ook toen Pilatus bereid was hem vrij te laten. U hebt de Heilige en Rechtvaardige verstoten en geëist dat aan een moordenaar gratie verleend zou worden. Hem die de weg naar het leven wijst hebt u gedood, maar God heeft Hem uit de dood doen opstaan, en daarvan getuigen wij.
Het komt door zijn naam en door het geloof in zijn naam dat deze man, die u hier voor u ziet en die u kent, kan lopen; het geloof dat Jezus schenkt, heeft hem in aanwezigheid van u allen gezond gemaakt.
Volksgenoten, ik weet dat u uit onwetendheid hebt gehandeld, evenals uw leiders. Zo heeft God echter in vervulling doen gaan wat Hij bij monde van alle profeten had aangekondigd: dat zijn messias zou lijden en sterven.
Wend u af van uw huidige leven en keer terug tot God om vergeving te krijgen voor uw zonden. Dan zal de Heer een tijd van rust doen aanbreken en zal Hij de messias zenden die Hij voor u bestemd heeft. Dat is Jezus, die in de hemel moest worden opgenomen tot de tijd aanbreekt waarover God van oudsher bij monde van zijn heilige profeten heeft gesproken en waarin alles zal worden hersteld.
Mozes heeft al gezegd: “De Heer, uw God, zal in uw midden een profeet zoals ik laten opstaan; luister naar hem en naar alles wat hij u zal zeggen. Wie niet naar deze profeet luistert, zal uit het volk gestoten worden.” Samuël en alle profeten na hem hebben deze tijd aangekondigd. U bent de erfgenamen van de profeten; met uw voorouders heeft God zijn verbond gesloten toen hij tegen Abraham zei: “In jouw nageslacht zullen alle volken op aarde gezegend worden.”
God heeft zijn dienaar allereerst voor u laten opstaan en Hem naar u gezonden om ieder van u die zich afkeert van zijn slechte daden te zegenen.’

 

Psalm 8, 2a + 5 + 6 + 7 + 8 + 9

Refr.: Heer, hoe machtig is uw Naam op aarde.

Heer, onze Heer,
hoe machtig is uw Naam op heel de aarde.

Wat is dan de sterveling dat U aan hem denkt,
het mensenkind dat U naar hem omziet ?

U hebt hem bijna een god gemaakt,
hem gekroond met glans en glorie.

U hebt hem toevertrouwd het werk van uw handen,
en alles aan zijn voeten gelegd.

Schapen, geiten, al het vee,
en ook de dieren van het veld.

De vogels aan de hemel, de vissen in de zee
en alles wat trekt over de wegen der zeeën.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 24, 35-48

Het is niet zo vanzelfsprekend het feit van de verrijzenis zonder meer te aanvaarden. Zelfs de leerlingen twijfelen. Jezus moet hen duidelijk maken dat Hij het inderdaad is. Het zich toevertrouwen aan eenvoudig en echt geloof, vervult de mens echter met vreugde, het brengt een rustige zekerheid. Geloven is niet zozeer een intellectueel aanvaarden dan wel een zich geven aan Jezus. Ten volle geloven is dan, dit geloof ook door heel zijn levenswijze waarmaken.

De twee leerlingen vertelden wat er onderweg gebeurd was en hoe Jezus zich aan hen kenbaar had gemaakt door het breken van het brood.
Terwijl ze nog aan het vertellen waren, kwam Jezus zelf in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij met jullie.’
Verbijsterd en door angst overmand, meenden ze een geestverschijning te zien.
Maar Hij zei tegen hen: ‘Waarom zijn jullie zo ontzet en waarom zijn jullie ten prooi aan twijfel? Kijk naar mijn handen en voeten, Ik ben het zelf! Raak me aan en kijk goed, want een geest heeft geen vlees en beenderen zoals jullie zien dat Ik heb.’
Daarna toonde Hij hun zijn handen en zijn voeten.
Omdat ze het van vreugde nog niet konden geloven en stomverbaasd waren, vroeg hij hun: ‘Hebben jullie hier iets te eten?’
Ze gaven hem een stuk geroosterde vis. Hij nam het aan en at het voor hun ogen op.
Hij zei tegen hen: ‘Toen Ik nog bij jullie was, heb Ik tegen jullie gezegd dat alles wat in de Wet van Mozes, bij de Profeten en in de Psalmen over mij geschreven staat in vervulling moest gaan.’
Daarop maakte hij hun verstand ontvankelijk voor het begrijpen van de Schriften.
Hij zei tegen hen: ‘Er staat geschreven dat de messias zal lijden en sterven, maar dat Hij op de derde dag zal opstaan uit de dood, en dat in zijn naam alle volken opgeroepen zullen worden om tot inkeer te komen, opdat hun zonden worden vergeven. Jullie zullen hiervan getuigenis afleggen, te beginnen in Jeruzalem.’

Van Woord naar leven

Terwijl ze nog aan het vertellen waren, kwam Jezus zelf in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij met jullie.’

Je zou kunnen denken dat, wanneer Jezus verschijnt aan de leerlingen, dat Hij hen onmiddellijk zou zenden met bepaalde opdrachten. Nee, Hij zegt ‘Vrede zij met jullie’. Daarna zal Hij zenden.

Het christendom is niet op de eerste plaats een doe-godsdienst, hoewel er natuurlijk veel gedaan moet worden. Maar er gaat aan dat ‘doen’ iets vooraf, iets dat fundamenteel belangrijk is. En dat is namelijk het ontvangen en dragen van Christus’ vrede.

Wij kunnen nog zoveel doen, of denken te moeten doen, als die innerlijke vrede van Christus ontbreekt heeft het allemaal weinig zin. Want het hart ontbreekt.

De vrede waarover Christus spreekt, en die Hij toewenst, gaat immers over Hem. Niet alleen omdat Hij het is die ze schenkt, maar ook omdat die Vrede door Hem bewoond is. Wie Christus’ vrede draagt, draagt Christus. Wie leeft vanuit de vrede van Christus, leeft vanuit Christus. En wie vanuit Christus leeft, leeft gezegend. In die zin dat wat hij doet vol van genade zal zijn. Al wel-doende zal de Heer door de vrededrager rondtrekken, handelen, woorden spreken.

Laten we ons hart openen voor de vrede van de Heer. Immers ook aan ons zegt Hij iedere ochtend wanneer we opstaan: ‘Vrede zij met u’. Laten we deze vrede, Christus zelf, van harte welkom heten. Opdat Hij ons leven mag zijn, gegeven voor allen die wij die dag ontmoeten.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer Jezus,
mogen wij vrededragers zijn, opdat wat wij doen vanuit U mag gebeuren. Dan zal het goed zijn, gezegend door de hemel.
In uw naam. Amen.