Lezingen van de dag – donderdag 28 maart 2019


Heilige (of feest) van de dag

Taxiotis van Carthago (+ ca 500)

Taxiotis van Carthago, Noord-Afrika; boeteling

Op deze dag wordt vooral in de oosterse kerken het wonderlijke verhaal herdacht van de soldaat Taxiotis. Hij was een verstokte zondaar, maar werd door de goede zorgen van zijn vrouw uiteindelijk op het rechte pad gebracht. Maar toen hij eens met zijn vrouw naar hun buiten ging, herviel hij in zijn oude fout en pleegde overspel met de vrouw van één van zijn arbeiders. Door een slang gebeten stierf hij onmiddellijk daarna. Zes uur lag hij voor dood ter neer. Toen kwam hij tot leven, stond op en vertelde zijn verhaal. Hij was in het hiernamaals gevoerd langs alle plaatsen waar de zondaars terecht kwamen. Zo had hij ook meegemaakt wat de boze geesten deden met echtbrekers… Tenslotte was hij door een engel bij de hand genomen en naar zijn lichaam teruggevoerd. Hij kreeg nog veertig dagen de tijd boete te doen. Onmiddellijk nam hij ontslag uit de legerdienst en trok van kerk naar kerk. Daar sloeg hij dan met zijn hoofd tegen deur en drempel en jammerde luid. Aan de verbijsterde voorbijgangers vertelde hij wat hem overkomen was en bezwoer hun nooit meer te zondigen. Nooit! Na veertig dagen is hij gestorven.

Bron: Heiligen.net

 

donderdag in de 3e week van de vasten


Uit de profeet Jeremia 7, 23-28

De tijdsgenoten van Jeremia zijn hervallen in de kwaal van hun voorvaderen. Zij luisteren niet meer, zij zijn ongehoorzaam en zij volharden in de boosheid. En dit hoewel profeten opgetreden waren, die tot een beter leven aanzetten. Jeremia wordt gezonden om dat hardnekkige volk de juiste weg te wijzen.

Zo spreekt de Heer:
“Wat Ik hun geboden heb, is dit: Wees mij gehoorzaam, dan zal Ik jullie God zijn en zullen jullie mijn volk zijn. Volg steeds de weg die Ik jullie wijs, daar zullen jullie wél bij varen.
Maar ze luisterden niet naar mij, ze hebben mij niet gehoorzaamd. Ze volgden hun eigen plannen en lieten zich leiden door hun koppig en boosaardig hart. In plaats van mij te volgen, keerden ze zich van mij af.
Vanaf de dag dat jullie voorouders uit Egypte wegtrokken tot op de dag van vandaag heb Ik telkens weer mijn dienaren, de profeten, naar jullie gezonden. Maar niemand die naar mij luisterde, niemand die mij gehoorzaamde. Jullie zijn nog halsstarriger dan jullie voorouders.
Als je dit alles tegen hen zegt, zullen ze niet naar je luisteren; als je hen roept, zullen ze niet antwoorden.
Zeg dan tegen hen: Hier is nu een volk dat niet heeft geluisterd naar de Heer, zijn God, en dat zich niet heeft laten terechtwijzen. Oprechte woorden komen niet meer over hun lippen.”

 

Psalm 95, 1 + 2 + 6 + 7 + 8 + 9

Refr.: Luister vandaag naar zijn stem.

Kom, laten wij jubelen voor de Heer,
juichen voor onze rots, onze redding.
Laten wij Hem naderen met een loflied,
Hem toejuichen met gezang.

Ga binnen, laten wij buigen in aanbidding,
knielen voor de Heer, onze maker.
Ja, Hij is onze God
en wij zijn het volk dat Hij hoedt.

Wij zijn de kudde door zijn hand geleid.
Luister vandaag naar zijn stem:
Wees niet koppig als bij Meriba,
als die dag bij Massa, in de woestijn,
toen jullie voorouders mij op de proef stelden,
mij tartten, al hadden ze mijn daden gezien.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 11, 14-23

Jezus weerlegt de beschuldiging, als zou Hij een bondgenoot zijn van de satan. De twee vergelijkingen, die van het innerlijk verdeelde rijk en die van de overweldiging door een sterke tegenstrever, verwijzen naar een macht groter dan die van satan. Jezus wil doen inzien, dat Hij handelt met goddelijke volmacht. ‘Wie niet met mij is, is tegen mij, en wie niet met mij samenbrengt, drijft uiteen’.

Jezus dreef een demon uit die niet kon spreken. Toen de demon verdreven was, begon de stomme te spreken en de mensenmenigte stond verbaasd.
Maar enkelen van hen zeiden: ‘Dankzij Beëlzebul, de vorst der demonen, kan Hij demonen uitdrijven.’ Anderen verlangden van Hem een teken uit de hemel om Hem op de proef te stellen.
Maar Hij kende hun gedachten en zei tegen hen: ‘Elk koninkrijk dat innerlijk verdeeld is wordt verwoest, en huis na huis stort in. Als ook Satan innerlijk verdeeld is, hoe kan zijn koninkrijk dan standhouden? Jullie zeggen toch dat Ik dankzij Beëlzebul demonen uitdrijf! Als Ik inderdaad dankzij Beëlzebul demonen uitdrijf, door wie drijven jullie eigen mensen ze dan uit? Zij zullen dan ook jullie rechters zijn! Maar als Ik dankzij een kracht die van God komt demonen uitdrijf, dan is het koninkrijk van God bij jullie gekomen.
Wanneer een sterk, goed bewapend man zijn domein bewaakt, dan zijn zijn bezittingen veilig. Maar zo gauw iemand die sterker is hem aanvalt en hem overwint, dan neemt die sterkere hem de wapenrusting waarop hij vertrouwde af en verdeelt hij de buit.
Wie niet met mij is, is tegen mij, en wie niet met mij samenbrengt, drijft uiteen.’

Van Woord naar leven

Vandaag zegt Jezus ons: ‘Wie niet met mij is, is tegen mij, en wie niet met mij samenbrengt, drijft uiteen’.

Gods Rijk op aarde groeit naarmate er steeds meer mensen zijn die bereid zijn Gods aanwezigheid te belichamen. Voor een christen betekent dat Jezus navolgen, gehoor geven aan het evangelie. Dit schept gemeenschap waarvan Jezus zelf het levend hart is. Wie deze genade verwerpt, drijft uiteen, zegt Jezus. Door Hem af te wijzen laten we immers niet toe dat zijn Rijk kan groeien en dienen we dus niet Hem maar dat wat verdeling zaait; het kwaad zeg maar.

Vraag aan ons is: wat of wie gaan we dienen: het kwaad of Jezus.
Toegeven aan het kwaad geeft duisternis en onwetendheid, en daardoor onvrijheid en verslaving. Jezus schenkt ons het ware leven, neemt ons op in Gods liefde, maakt ons tot gemeenschap in Hem, en schenkt Vrede aan ieders mensenhart, aan elke familie, aan elk volk, aan de gehele samenleving.

Aan ons de keuze.

De klimaatspijbelaars, zoals we die vandaag kennen, komen massaal op straat om beweging in de politiek te krijgen inzake het nemen van beslissingen aangaande het ‘redden’ van onze planeet. Gezien hun leeftijd, en hun niet politiek actief zijn, is hun stem laten horen op zich genoeg. Alle respect trouwens voor hen!!
Maar als we het hebben over het engagement van christenen om te bouwen aan het project van God, zou het niet volstaan om te roepen van op de zijlijn van het leven, met de eis dat anderen de klus maar moeten klaren. Elke christen draagt zijn verantwoordelijkheid in het realiseren van Gods Rijk. Priesters, bisschoppen en paus mogen sturen en aanmoedigen, maar de gewone christen in de straat mag z’n eigen engagement niet ontlopen met te zeggen dat die anderen het maar moeten doen. Dat zou fundamenteel onjuist zijn.

Laten we met z’n allen, ieder persoonlijk, én als kerkgemeenschap, bouwen aan Gods Rijk, ons gevend aan de Heer die door ons heen Gods liefde gestalte zal geven.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Vader
schenk ons doorheen uw Zoon de genade altijd mét U te zijn, zoals Gij altijd mét ons zijt. Dat wij op deze wijze instrument mogen zijn van uw liefde voor allen. Om deze genade bidden wij U, in Christus, onze Broer en Heer.
Amen.