Lezingen van de dag – maandag 9 juli 2018


Heilige (of feest) van de dag

Augustinus Zhao († 1815)

Augustinus Zhao (ook Tchao), Su-Tchuen, China; missionaris & martelaar

Oorspronkelijk was hij een soldaat die belast was met de bewaking van de gearresteerde Franse missionaris Gabriel-Taurin Dufresse († 1815; feest 14 september). Hij raakte echter zo onder de indruk van diens gedrag dat hij christen werd en onmiddellijk een bliksemopleiding kreeg tot priester. Na zijn priesterwijding werkte hij korte tijd in de provincie Su-Tchuen. Tijdens zijn apostolaat werd hij opgepakt en in de gevangenis geworpen. Op dat moment was hij al ziek. Hij is van uitputting in de gevangenis gestorven.

maandag in week 14 door het jaar


Uit de profeet Hosea 2, 16 + 17b-18 + 21-22

Het Verbond tussen God en zijn volk wordt in de Schrift dikwijls voorgesteld met symbolen van huwelijkstrouw. Het volk dat naar andere goden loopt, wordt door God als een liefhebbende bruidegom weer opgezocht. Hij wil alles vergeven, als zijn bruid, het volk, maar terugkomt.

Zo spreekt de Heer:
‘Mijn ontrouwe bruid zal Ik meelokken naar de woestijn en dan tot haar hart spreken. En zij zal mijn liefde beantwoorden als in de tijd van haar jeugd, als op de dag dat ze wegtrok uit Egypte.
Dan, op die dag – spreekt de Heer –,zul je zeggen: “Jij bent mijn man”, en daarbij is geen wanklank meer te horen.
Ik zal je voorgoed tot mijn vrouw maken, Ik zal je hecht aan mij verbinden, door liefde en ontferming. Mijn vrouw zul je zijn, want Ik beloof je trouw, en jij zult de Heer toegewijd zijn.’

 

Psalm 145, 2-9

Refr.: Ik wil van uw grootheid vertellen.

Elke dag opnieuw wil ik U prijzen,
uw Naam loven tot in eeuwigheid.
Groot is de Heer, Hem komt alle lof toe,
zijn grootheid is niet te doorgronden.

Laat geslacht na geslacht van uw schepping verhalen,
uw machtige daden verkondigen.
Laten zij spreken over de glorie van uw majesteit,
ook ik wil uw wonderen bekendmaken.

Laten zij getuigen van uw geduchte daden,
ook ik wil van uw grootheid vertellen.
Laten zij de roem van uw goedheid verbreiden,
uw gerechtigheid luid bezingen.

Genadig en liefdevol is de Heer,
Hij blijft geduldig en groot is zijn trouw.
Goed is de Heer voor alles en allen,
Hij ontfermt zich over heel zijn schepping.

 

Uit het evangelie volgens Matteüs 9, 18-26

Als de leerlingen van Johannes de Doper vroegen of Jezus de echte Messias was, verwees hij onder andere naar zijn genezingen. Het verhaal uit dit evangelie is ook zo bedoeld: een teken dat het Godsrijk gekomen is. Het is de taak van de Kerk deze opdracht verder te zetten: al weldoende rondgaan en de mensen bijstaan in al hun kwalen.

Er kwam een leider van de synagoge naar hen toe die voor Jezus neerviel en zei: ‘Mijn dochter is zojuist gestorven. Kom alstublieft en leg haar de hand op, dan zal ze weer leven.’
Jezus stond op en volgde hem met zijn leerlingen.

Plotseling naderde hen van achteren een vrouw die al twaalf jaar aan bloedverlies leed. Ze raakte de zoom van zijn bovenkleed aan, want ze dacht: Als ik alleen zijn bovenkleed maar kan aanraken, zal ik al genezen worden.
Jezus draaide zich om, en bij het zien van de vrouw zei Hij: ‘Wees gerust, uw geloof heeft u gered.’
En vanaf dat moment was de vrouw genezen.

Toen Jezus bij het huis van de leider van de synagoge aankwam en er de fluitspelers en de luid weeklagende menigte zag, zei Hij: ‘Ga naar huis, het meisje is immers niet gestorven, ze slaapt.’
Men lachte smalend.
Nadat iedereen was weggestuurd, ging Hij naar binnen. Hij pakte het meisje bij de hand, en ze stond op.
Het verhaal hierover verspreidde zich in de hele omgeving.

Van Woord naar leven

Zo spreekt de Heer:
‘Mijn ontrouwe bruid zal Ik meelokken naar de woestijn en dan tot haar hart spreken. En zij zal mijn liefde beantwoorden als in de tijd van haar jeugd, als op de dag dat ze wegtrok uit Egypte.
Dan, op die dag – spreekt de Heer –,zul je zeggen: “Jij bent mijn man”, en daarbij is geen wanklank meer te horen.
Ik zal je voorgoed tot mijn vrouw maken, Ik zal je hecht aan mij verbinden, door liefde en ontferming. Mijn vrouw zul je zijn, want Ik beloof je trouw, en jij zult de Heer toegewijd zijn.’

Prachtige eerste lezing vandaag uit de profeet Hosea.
We beluisteren hier de trouw van God; een en al liefde, vergevingsgezind, uitnodigend, zichzelf volledig gevend.

Allemaal zijn we wel eens ontrouw. Dat kunnen momenten zijn of langere perioden, dat kunnen foute keuzen zijn, dagelijkse zondekes die we zo graag koesteren. Daar tegenover staat dan God in al zijn grootsheid: de trouw zelf, steeds weer opnieuw uitnodigend, zichzelf gevend als genade opdat we ons weer tot Hem kunnen wenden.
Wat is God toch groot !!

Hij trekt ons, zo lezen we vandaag, naar de woestijn om daar tot ons hart te spreken.
De woestijn… het is de plaats waar niets is. Of beter gezegd: de plaats waar alles wat ‘ik’ is weg valt, een plaats van leegte, van droogte en dorst. Het is de plaats waar we God in al zijn zuiverheid kunnen aanschouwen, beminnen, ontvangen. Die woestijn is geen plaats buiten ons, maat het is de meest wezenlijke plek in ons bestaan: onze ziel.
Daar openbaart God zich, trekt Hij ons in zich, verenigd Hij zich met ons.
Tot deze plek trekt Hij ons wanneer we ontrouw zijn geweest, wanneer we innerlijk ziek waren, wanneer we ons weer eens van Hem vervreemd hebben.

Op die plek vraagt Hij ons ten huwelijk… mooi en rijk beeld. ‘Ik zal je hecht aan mij verbinden’… prachtige woorden.

Lieve mensen, voor een huwelijk moet je met twee zijn. Laten we ingaan op Gods uitnodiging met ons te huwen. Moge dit huwelijk de bron zijn van al ons verdere doen en laten.

We zullen liefde zijn / worden, ja Liefde met een hoofdletter…

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.
Laat ons bidden

Goede God,
trek ons in de woestijn van ons leven
en spreek tot ons hart.
Doe ons begeren naar U,
opnieuw verliefd worden.
Neem ons op Heer,
huw met ons,
opdat ieder U mag aanschouwen
in al ons doen en laten.
Oh Heer.
Amen.