Lezingen van de dag – woensdag 8 mei 2019


Heilige (of feest) van de dag

Wiro van Roermond († 710)

Wiro van Roermond (ook van Odiliënberg), Roermond, Nederland; Iers zwerfmonnik & bisschop tezamen met de bisschop Plechelm en de diaken Otger

Volgens zijn middeleeuwse levensbericht was hij van adellijke afkomst uit het Ierse graafschap Clare. Geschiedkundigen menen, dat hij veeleer in het Engelse graafschap Northumbrië het levenslicht zag. Van kindsbeen af waren de grote heiligen van Ierland, Patrick, Cuthbert en Columbanus zijn voorbeelden geweest.

Eenmaal priester ging hij op pelgrimstocht naar Rome. Hij was namelijk gevraagd bisschop te worden van een niet nader genoemde Ierse plaats. Daarvoor had hij de goedkeuring nodig van de paus en een officiële wijding. Hij ondernam de reis samen met zijn collega Plechelm, ook een bisschopskandidaat voor een naburige plaats, en de diaken Otger. Wellicht hebben ze op dat moment al besloten altijd bij elkaar te blijven. In Rome werden de twee priesters door de paus van dat moment tot bisschop gewijd.

Wellicht gaat het hier om paus Sergius I. Hij leidde de kerk van 678-701; hij was het ook die Willibrordus († 739) en Bonifatius († 754) tot bisschop had gewijd. Weliswaar gaven alle drie de wens te kennen om missionaris te worden in nog heidense gebieden, maar de paus gaf hun de raad eerst naar huis terug te keren en de taak op zich te nemen waarvoor zij gekomen waren. Volgens de documenten zouden ze in 697 nog een bisschoppenconferentie te Rome hebben bijgewoond.

Zouden ze vandaar nog teruggekeerd zijn naar hun vaderland? In ieder geval vestigden ze zich omstreeks 700 op het grondgebied van Pepijn van Herstal († 714) in de omgeving van Roermond. De heuvel die zij betrokken, noemden zij Sint-Pietersberg. Nadat in later tijd daar de relieken waren ondergebracht van Ursula’s gezellin Odilia van Brittannië († 453; feest 18 juli), werd de berg omgedoopt in St-Odiliënberg. Ze bouwen er een klooster en een kerk ter ere van Maria.

Zo werd Wiro een medehelper van Willibrord. Hij preekte het evangelie in het gebied tussen Odiliënberg en Overijssel. Volgens zeggen gaat de herkomst van vele parochies rond de berg terug op de drie gezellen: zoals Linne, Herten, Melick, Herkenbosch, Vlodrop, Posterholt, Montfort, Heel, Tegelen, Swalmen, Asselt en waarschijnlijk nog een aantal anderen. Daarnaast werd Wiro de biechtvader van Pepijn; deze kwam elk jaar in de vastentijd – zoals toen wel meer gebruikelijk was onder edelen – in een boetekleed naar hem toe gepelgrimeerd. De Pepijnsbrug (of pepusbrug) bij Echt op de weg naar Susteren zou daar nog een herinnering aan zijn. Volgens de legende was Wiro’s wijsheid zo groot dat Willibrordus en Bonifatius herhaaldelijk zijn raad kwamen inwinnen.

Wiro overleed op 8 mei. In welk jaar is niet zo duidelijk; sommigen menen 710, anderen 739 (hoewel in dit laatste geval verwarring kan zijn opgetreden met Sint Willibrord). Drie jaar later stierven ook zijn beide gezellen Plechelm en Otger.

In de geschriften van Alkwin (ook Alcuïnus † 804; feest 19 mei) en Bonifatius komt een missiebisschop Vira voor; is hij dezelfde als onze Wiro?

Tot ver in de middeleeuwen was Wiro patroon van het bisdom Utrecht, waar zijn hoofd sinds de tijd van Balderik, de 15e bisschop van Utrecht († 977?), als een kostbare reliek werd bewaard. Het zou dan ook aan zijn wonderwerking te danken zijn geweest dat de stad Utrecht tenslotte werd bevrijd van de plaag der Noormannen. De rest van zijn lichaam rust te Roermond. Tijdens de nieuwbouw van de kerk op de Odiliënberg in 1881 ontdekte men zijn oude graf. Er zijn ook relieken in Utrecht en Roermond.

Het kerkje van het Friese plaatsje Oosterwirum was van oudsher aan hem toegewijd.

Bron: Heiligen.net

 

woensdag in de 3e paasweek


Uit de Handelingen van de Apostelen 8, 1-8

De eerste christenvervolging bracht mee dat velen wegvluchtten uit Jeruzalem en de nieuwe godsdienst in andere streken verbreidden. Zo zien we Fillipus in Samaria: hij predikt er de dood en de verrijzenis van Jezus, hij roept op tot bekering en doopt er vele nieuwe christenen. Waar christenen zijn, moet vreugde heersen.
De lezing vraagt ook aandacht voor Saulus, fanatieke vervolger van de christenen, die later de grote apostel Paulus zal worden.

Saulus keurde de moord op Stefanus goed.
Nog diezelfde dag brak er een hevige vervolging los tegen de gemeente in Jeruzalem, zodat allen verspreid werden over Judea en Samaria, met uitzondering van de apostelen.
Vrome mannen begroeven Stefanus en hielden een luide dodenklacht voor hem.
Saulus probeerde de gemeente te vernietigen door mannen en vrouwen met geweld uit hun huizen te sleuren en hen te laten opsluiten in de gevangenis.
Degenen die verdreven waren, trokken rond en verkondigden het woord van God.
Filippus ging naar de stad Samaria, en verkondigde hun de messias. Alle inwoners luisterden met grote belangstelling en vol ontzag naar wat hij zei toen ze de wonderen zagen die hij verrichtte: veel mensen werden bevrijd van onreine geesten, die hen onder luid geschreeuw verlieten, en tal van verlamden en kreupelen werden genezen. Daarover ontstond grote vreugde in de stad.

Psalm 66, 1-7a

Refr.: U bent mijn rots, mijn vesting.

Heel de aarde, juich voor God,
bezing de eer van zijn Naam,
breng Hem eer en lof.

Zeg tot God: Hoe ontzagwekkend zijn uw daden,
uw vijanden kruipen voor u, zo groot is uw macht.

Laat heel de aarde voor U buigen
en zingen, uw Naam bezingen.

Kom en zie de werken van God,
zijn daden vervullen de mens met ontzag.

Hij heeft de zee veranderd in droog land,
zijn volk trok te voet door de rivier.

Laten wij ons dan in Hem verheugen.
Machtig heerst Hij voor eeuwig.

 

Uit het evangelie volgens Johannes 6, 35-40

‘Dit wil mijn Vader: dat iedereen die de Zoon ziet en in Hem gelooft, eeuwig leven heeft, en dat Ik hen op de laatste dag uit de dood zal opwekken.’

Jezus sprak:
‘Ik ben het brood dat leven geeft. Wie bij mij komt zal geen honger meer hebben, en wie in mij gelooft zal nooit meer dorst hebben.
Maar ik heb u al gezegd dat u niet gelooft, ook al hebt u me gezien.
Iedereen die de Vader mij geeft zal bij mij komen, en wie bij mij komt zal Ik niet wegsturen, want Ik ben niet uit de hemel neergedaald om te doen wat Ik wil, maar om te doen wat Hij wil die mij gezonden heeft.
Dit is de wil van Hem die mij gezonden heeft: dat ik niemand van wie Hij mij gegeven heeft verloren laat gaan, maar dat Ik hen allen laat opstaan op de laatste dag.
Dit wil mijn Vader: dat iedereen die de Zoon ziet en in Hem gelooft, eeuwig leven heeft, en dat Ik hen op de laatste dag uit de dood zal opwekken.’

Van Woord naar leven

‘Ik ben het brood dat leven geeft. Wie bij mij komt zal geen honger meer hebben, en wie in mij gelooft zal nooit meer dorst hebben’, zegt Jezus ons vandaag.

Gisteren hadden we het over de eucharistie waarin de Heer zichzelf helemaal geeft voor de Kerk en de hele mensheid, en de oproep aan ons ‘eucharistische mensen’ te zijn.

Iemand maakte de opmerking dat het Brood, waarvan Jezus zegt dat Hij het zelf is, zoveel meer is dan zijn aanwezigheid in de eucharistie. Een heel terechte opmerking!

Bijvoorbeeld de Schrift lezen en bemediteren is ook eten van Jezus’ brood. Je ontvangt niet enkel Gods Woord, maar doorheen het Woord ook Jezus zelf, die het mensgeworden Woord is. Het Woord beluisteren is Hem binnenlaten, het is je laten aanraken en omvormen door Hem, zijn genade toelatend.

In zekere zin is elk komen van de Heer een reëel komen van Hem. De eucharistie en de andere sacramenten, de liturgie in z’n geheel, al die momenten waar we uitgenodigd worden lief te hebben, te vergeven, te werken aan verzoening, is een reëel komen van de Heer.

Maar voordat Hij naar ons toekomt via dingen, mensen en situaties, zijn we reeds bewoond door Hem, en kunnen we dus Hem ontvangen vanuit zijn liefde die reeds in ons is. Kunst en roeping is het om in zijn liefde te blijven om Hem te kunnen liefhebben in al datgene waardoor Hij tot ons komt.

Moge ons dagelijks gebed ons deze genade schenken.

kris

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Goede God,
moge uw heilige Geest ons in diepe overgave brengen aan uw Zoon in ons hart. Moge dit samenzijn ertoe leiden Hem te erkennen in al die situaties en mensen waardoor Hij naar ons toekomt. Mogen we liefhebben vanuit Hem, in Hem, door Hem, opdat wij in al onze daden een afstraling mogen zijn van uw liefde.
Om deze genade bidden wij U, in Christus, onze Broeder en Heer. Amen.