Lezingen van de dag – zondag 17 febr 2019


Heilige (of feest) van de dag

Zeven Stichters van de Servietenorde († vóór 1310)

Zeven Stichters van de Servietenorde; stichters

De Servieten vormen een religieuze orde, die in 1233 op grond van een gezamenlijk Maria-visioen door zeven vooraanstaande burgers van Florence als bedelorde in het leven werd geroepen. De zeven waren:

Giovanni di Buonagiunt, Buonfiglio dei Monaldi, Bartolomeo degli Amidei, Benedetto dell’ Antella, Ricoverino dei Lippi-Uggocioni, Gherardino di Sostegno, Alessio de’Falconieri.

Zij vormden een reactie op de materialistische mentaliteit en de teloorgang van religieus besef zoals die steeds meer zichtbaar werden in het rijke Florence van hun dagen.

Aanvankelijk bewoonden zij een burgerhuis in de stad. In 1334 trokken zij zich als kluizenaars terug op de Monte Senario bij Florence. Hun regel ontleenden zij aan de geschriften van Sint Augustinus († 430; feest 28 augustus), waar ze een aantal elementen aan toevoegden uit de regel van de dominicanen.

De officiële naam van hun orde luidt: ‘Servi Beatissimae Mariae Virginis’ (= ‘Slaven van de Allerzaligste Maagd Maria’ of ‘Ordo Servorum Mariae’ (= ‘Orde van Slaven van Maria’), afgekort als s.b.m.v. of o.s.m. Paus Innocentius IV († 1254) gaf in 1249 en 1252 officieel zijn goedkeuring aan hun regel.

Er is ook een contemplatieve vrouwelijke tak en een derde orde, de mantellaten of mantellatinnen. Zij werden eveneens te Florence gesticht door Juliana Falconieri in 1341.

Bron: Heiligen.net

 

6e zondag door het jaar / C


Uit de profeet Jeremia 17, 5-8

Hoe verwerf je het geluk? Vraag van alle tijden. Je moet kiezen: vertrouwen op mensen of vertrouwen op God. En het oordeel laat niet op zich wachten: het leven van de vervloekte mens wordt een dorre woestijn; het leven van de gezegende mens draagt vruchten die blijvend zijn.

Dit zegt de Heer:
Vervloekt wie op een mens vertrouwt, wie zijn kracht ontleent aan stervelingen, wie zich afkeert van de Heer. Hij is als een struik in een dorre vlakte, hij merkt de komst van de regen niet op. Hij staat in een steenwoestijn, in een verzilt en verlaten land.
Gezegend wie op de Heer vertrouwt, wiens toeverlaat de Heer is. Hij is als een boom geplant aan water, zijn wortels reiken tot in de rivier. Hij merkt de komst van de hitte niet op, zijn bladeren blijven altijd groen. Tijden van droogte deren hem niet, steeds weer draagt hij vrucht.

 

Psalm 1

Refr.: Gelukkig de mens die op de Heer vertrouwt.

Gelukkig de mens die niet meegaat met wie kwaad doen,
die de weg van zondaars niet betreedt,
bij spotters niet aan tafel zit,
maar vreugde vindt in de wet van de Heer
en zich verdiept in zijn wet, dag en nacht.

Hij zal zijn als een boom,
geplant aan stromend water.
Op tijd draagt hij vrucht,
zijn bladeren verdorren niet.
Alles wat hij doet komt tot bloei.

Zo niet de wettelozen!
Zij zijn als kaf dat verwaait in de wind.
Wettelozen houden niet stand waar recht heerst,
zondaars niet in de kring van de rechtvaardigen.

De Heer beschermt de weg van de rechtvaardigen,
de weg van de wettelozen loopt dood.

 

Uit de eerste brief van Paulus aan de Korintiërs 15, 12 + 16-20

Paulus ontwikkelt hier geen redenering, maar toont de innerlijke logica van zijn overtuigingen. Wie ontkent dat de doden verrijzen, verwerpt meteen ook de verrijzenis van Christus. Welnu, Christus is verrezen. Wie dit ontkent ontneemt aan het geloof alle zin.

Broeders en zusters,
wanneer over Christus wordt verkondigd dat Hij uit de dood is opgewekt, hoe kunnen sommigen van u dan zeggen dat de doden niet zullen opstaan? Wanneer de doden niet worden opgewekt, is ook Christus niet opgewekt.
Maar als Christus niet is opgewekt, is uw geloof nutteloos, bent u nog een gevangene van uw zonden en worden de doden die Christus toebehoren niet gered.
Als wij alleen voor dit leven op Christus hopen, zijn wij de beklagenswaardigste mensen die er zijn. Maar Christus is werkelijk uit de dood opgewekt, als de eerste van de gestorvenen.

 

Alleluia.

Geprezen zijt Gij,
Vader van hemel en aarde,
omdat Gij de geheimen van het koninkrijk
aan kinderen geopenbaard hebt.

Alleluia.

 

Uit het evangelie volgens Lucas 6, 17 + 20-26

God wil niemands ongeluk. Maar Hij heeft een voorliefde voor de armen, de hongerigen, zij die wenen en vervolgd worden. Jezus waarschuwt de rijken, de verzadigden, zij de lachen en de hooggeachten. Zij zijn niet goed geplaatst voor de wedloop naar het heil.

Toen Jezus met de twaalf de berg was afgedaald, bleef Hij staan op een plaats waar het vlak was. Daar had een groot aantal van zijn leerlingen zich verzameld, evenals een menigte mensen uit heel Judea en Jeruzalem en uit de kuststreek van Tyrus en Sidon.
Hij richtte zijn blik op zijn leerlingen en zei: ‘Gelukkig jullie die arm zijn, want van jullie is het koninkrijk van God. Gelukkig jullie die honger hebben, want je zult verzadigd worden. Gelukkig wie nu huilt, want je zult lachen. Gelukkig zijn jullie wanneer de mensen jullie omwille van de Mensenzoon haten en buitensluiten en beschimpen en je naam door het slijk halen. Wees verheugd als die dag komt en spring op van blijdschap, want jullie zullen rijkelijk beloond worden in de hemel. Vergeet niet dat hun voorouders de profeten op dezelfde wijze hebben behandeld.
Maar wee jullie die rijk zijn, jullie hebben je deel al gehad. Wee jullie die nu verzadigd zijn, want je zult hongeren. Wee jullie die nu lachen, want je zult treuren en huilen. Wee jullie wanneer alle mensen lovend over je spreken, want hun voorouders hebben de valse profeten op dezelfde wijze behandeld.

Van Woord naar leven

De overweging van deze zondag is van de hand van P. Vervaet

Vertrouwen is een kostbaar iets in ons leven. Dat je mag vertrouwen op je partner, je liefste, dat je mag vertrouwen op je ouders, je kinderen, je vrienden. Vertrouwen vormt de basis van ons leven en werken.
Als dat vertrouwen wordt beschaamd, dan doet dat niet alleen enorm pijn, maar het sluit ook vaak de weg af naar een verdere toekomst.
Maar is dat een reden om zoals Jeremia te zeggen: Vervloekt wie op een mens vertrouwt, je bent een gezegend mens als je op God vertrouwt. Is iedereen die op God vertrouwt een gezegend mens? Velen weten uit eigen ervaring dat vertrouwen op God niet direct een garantie is voor levensgeluk. Veel mensen hebben in hun vertrouwen op God diepe teleurstellingen moeten ervaren.
Eigenlijk wil Jeremia zeggen: Bouwen op mensen en je afkeren van God is geen goede weg, Enkel op mensen vertrouwen en niet doordringen tot het diepe wat mensen beweegt, leidt tot niets.

In het evangelie van deze zondag worden we op weg gezet. De evangelist maakt ons duidelijk waar het Jezus om te doen is wat Hem ter harte gaat als Hij in Gods naam optreedt. Hij zet met korte krachtige uitspraken wegwijzers uit naar echt menselijk geluk. En dat menselijk geluk hangt samen met vertrouwen op God.
In het Lucasevangelie spreek Jezus niet van op een berg; Hij daalt af in de vlakte en spreekt tot de mensen op ooghoogte, als gelijk. Hij spreekt hen rechtstreeks aan.
Gelukkig de armen onder jullie. Gelukkig jullie hier voor mij die honger hebt en redenen om verdrietig te zijn.
Maar Hij zag ook rijken zitten. Geen gelukwensen voor hen! Hij kapittelde ze. Wee jullie die rijk zijn en niet weten wat honger is. Wee jullie die nu lachen. Het zal jullie slecht vergaan. Wee jullie die rijk zijn, jullie handen zullen leeg worden.

Gelukkig jullie die arm zijn, aan jullie behoort Gods koninkrijk. Waar de heerschappij van Gods rijk zich komt vestigen, komt de wereld van armoede en rijkdom op zijn kop te staan. Het gaat Jezus om de gerechtigheid. Dat is voor Hem geen verre droom, Hij maakt het concreet. Jezus wil armen én rijken tot gerechtigheid brengen.
Hij weet wat rijken zijn en Hij weet ook wat armen zijn. Ze stonden daar vlak voor Hem, Hij zag ze in de ogen. Hij kent de nood van de armen en de bekoring die uitgaat van de rijkdom. De arme is vanouds een verworpene, een mens die er niet bij hoort. Hij staat buitenspel en is weerloos. Hij riskeert uitgesloten te worden van wat God aan de mensen wil geven: gerechtigheid.
De rijken staan onder een grote bekoring. Zij kunnen kiezen in het leven en hebben alternatieven. Zij hebben de troeven in handen en kunne solo slim spelen zodat de anderen alleen maar verder kunnen verliezen. Zo zitten ze hopeloos in de fout. Ze kunnen ook delen met hen die minder hebben, en zo tot gelijken komen. Aan hen de keuze.

Jezus’ oproep blijft klinken, ook vandaag nog, zijn visioen blijft ons uitdagen. Aan ons de vraag partij te kiezen voor zijn ideaal: een wereld naar Gods hart vol gerechtigheid, waar echte toekomst in ligt.
Laten we ons toevertrouwen aan zijn woord, aan zijn persoon. Opdat gerechtigheid mag geschieden.

Reageren, je eigen woordje plaatsen, of uitwisselen over de overweging,
kan via de blog Van Woord naar leven.

Laat ons bidden

Heer Jezus, goede Broer,
maak ons arm van geest
opdat ons hart plaats mag geven aan U.
Help ons in U te blijven
zoals Gij in ons zijt
opdat ieder van U
het volle leven mag ontvangen.
Kom heilige Geest.
Amen.