Lezingen van de dag – donderdag 14 mei 2015

HEMELVAART VAN DE HEER    (Hoogfeest – eigen lezingen)

220px-Giotto_-_Scrovegni_-_-38-_-_AscensionVandaag verwijlen we bij één aspect van het rijke paasgebeuren. De verrezen Heer is niet langer met louter menselijke ogen te herkennen. Ook tot ons wordt gezegd: ‘Wat staan jullie naar de hemel te kijken?’ Op deze aarde, in onze wereld immers moeten wij getuigen van de Verrezene en verder werken aan zijn levensopdracht. Het hoogfeest van vandaag verkondigt ons een boodschap over onze eigen toekomst en bestemming. Ook wij zijn onderweg naar de liefde van de Vader.


Uit de Handelingen van de Apostelen 1, 1-11

In het boek van de Handelingen zet Lucas het verhaal van zijn evangelie verder. Tijdens de ontmoetingen met zijn leerlingen tussen zijn verrijzenis en zijn hemelvaart heeft Jezus het met hen herhaaldelijk gehad over hun zending en verantwoordelijkheid in de komst van het koninkrijk van God. Wanneer Jezus er niet meer is, zal de Kerk onder leiding van de heilige Geest op haar eigen benen moeten staan om haar opdracht tot een goed einde te brengen.

In mijn eerste boek, Theofilus, heb ik de daden en het onderricht van Jezus beschreven, vanaf het begin tot aan de dag waarop Hij in de hemel werd opgenomen, nadat Hij de apostelen die Hij door de heilige Geest had uitgekozen, had gezegd wat hun opdracht was.
Na zijn lijden en dood heeft Hij hun herhaaldelijk bewezen dat Hij leefde; gedurende veertig dagen is Hij in hun midden verschenen en sprak Hij met hen over het koninkrijk van God.
Toen Hij eens bij hen was, droeg Hij hun op: ‘Ga niet weg uit Jeruzalem, maar blijf daar wachten tot de belofte van de Vader, waarover jullie van Mij hebben gehoord, in vervulling zal gaan. Johannes doopte met water, maar binnenkort worden jullie gedoopt met de heilige Geest.’
Zij die bijeengekomen waren, vroegen Hem: ‘Heer, gaat U dan binnen afzienbare tijd het koningschap over Israël herstellen?’
Hij antwoordde: ‘Het is niet jullie zaak om te weten wat de Vader in zijn macht heeft vastgesteld over de tijd en het ogenblik waarop deze gebeurtenissen zullen plaatsvinden. Maar wanneer de heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en van mij getuigen in Jeruzalem, in heel Judea en Samaria, tot aan de uiteinden van de aarde.’
Toen Hij dit gezegd had, werd Hij voor hun ogen omhooggeheven en opgenomen in een wolk, zodat ze Hem niet meer zagen.
Terwijl Hij zo van hen wegging en zij nog steeds naar de hemel staarden, stonden er opeens twee mannen in witte gewaden bij hen. Ze zeiden: ‘Galileeërs, wat staan jullie naar de hemel te kijken? Jezus, die uit jullie midden in de hemel is opgenomen, zal op dezelfde wijze terugkomen als jullie Hem naar de hemel hebben zien gaan.’

 

Psalm 47, 2 + 3 + 6 + 7 + 8 + 9

Refr.: Onder luid gejuich steeg God omhoog.

Klap in de handen, o volken, hemelvaart
juich God toe met jubelzang:
geducht is de Heer, de Allerhoogste,
machtige koning van heel de aarde.

Onder gejuich steeg God omhoog,
de Heer steeg op bij hoorngeschal.
Zing voor God, zing een lied,
zing voor onze koning, zing Hem een lied.

God is koning van heel de aarde.
Zing een feestelijk lied.
God heerst als koning over de volken,
God zetelt op zijn heilige troon.

 

Uit de brief van Paulus aan de Efeziërs 1, 17-23

Met hemelvaart zetelt Christus op de troon aan de rechterhand van de Vader. Als God en Heer ontkomt Hij voortaan aan de beperkingen van tijd en ruimte. Hij wordt de tijdgenoot van alle mensen. Zijn heil krijgt nu waarlijk een universele werkzaamheid.

Broeders en zusters,
moge de God van onze Heer Jezus Christus, de Vader van alle luister, u een Geest van inzicht schenken in wat geopenbaard is, opdat u Hem zult kennen. Moge uw hart verlicht worden, zodat u zult zien waarop u hopen mag nu Hij u geroepen heeft, hoe rijk de luister is die de heiligen zullen ontvangen, en hoe overweldigend groot de krachtige werking van Gods macht is voor ons die geloven.
Die macht was ook werkzaam in Christus toen God Hem opwekte uit de dood en Hem in de hemelsferen een plaats gaf aan zijn rechterhand, hoog boven alle hemelse vorsten en heersers, alle machten en krachten en elke naam die genoemd wordt, niet alleen in deze wereld maar ook in de toekomstige.
Hij heeft alles aan zijn voeten gelegd en Hem als hoofd over alles aangesteld, voor de Kerk, die zijn lichaam is, de volheid van Hem die alles in allen vervult.

 

Alleluia.images

Ga en maak alle volkeren tot mijn leerlingen,
zegt de Heer:
Ik ben met u alle dagen
tot aan de voleinding van de wereld.

Alleluia.

 

Uit het evangelie volgens Mattëus 28, 16-20

‘Ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld.’

De elf leerlingen gingen naar Galilea, naar de berg waar Jezus hen had onderricht, en toen ze Hem zagen bewezen ze Hem eer, al twijfelden enkelen nog.
Jezus kwam op hen toe en zei: ‘Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest, en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat Ik jullie opgedragen heb. En houd dit voor ogen: Ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld.’

De Bijbelteksten zijn ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004.
De korte inleidingen op de lezingen zijn ontleend aan het week- en zondagmissaal, door de benedictijnen van de Sint-Andriesabdij en de norbertijnen van de abdijen Averbode, Postel en Tongerlo, o.l.v. Jos Van Der Veken, uitgegeven bij Brepols-Licap, © Brepols 2007.