Lezingen van de dag – maandag 14 sept 2020

Kruisverheffing (feest)

Het feest van de Kruisverheffing gaat terug op de inwijding van de Heilig Grafkerk in Jeruzalem op 13 september 335. Tijdens de gedachtenissen van deze inwijding werd het H. Kruis getoond aan het gelovige volk. Christenen vereren het Kruis van Golgotha, omdat daarop de Verlossing tot stand werd gebracht. De verheffing van het Kruis, is het tonen van Jezus als Heiland. Door zijn sterven werd de dood vernietigd. “De Mensenzoon moet omhoog geheven worden, zoals Mozes eens de slang omhoog hief in de woestijn, opdat een ieder die gelooft in Hem eeuwig leven zal hebben” (Joh. 3:14).

Uit de brief van Paulus aan de Filippenzen 2, 6-11

Christus heeft totaal willen afzien van zijn macht en praal. Hij heeft zichzelf vernederd onder de mensen tot de dood van een slaaf. Zo gaf Hij zich als mens aan de anderen en opende Hij voor ons de weg tot de verrijzenis.

Hij die de gestalte van God had, hield zijn gelijkheid aan God niet vast, maar deed er afstand van. Hij nam de gestalte aan van een slaaf en werd gelijk aan een mens. En als mens verschenen, heeft Hij zich vernederd en werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis.
Daarom heeft God Hem hoog verheven en Hem de naam geschonken die elke naam te boven gaat, opdat in de naam van Jezus elke knie zich zal buigen, in de hemel, op de aarde en onder de aarde, en elke tong zal belijden: ‘Jezus Christus is Heer,’ tot eer van God, de Vader.

Psalm 78, 1 + 2 + 34 + 35 + 36 + 37 + 38

Refr.: Laten we nooit vergeten wat God heeft gedaan!

Luister, mijn volk, naar wat ik leer,
hoor de woorden uit mijn mond.
Ik open mijn mond voor een wijze les,
spreek uit wat sinds lang verborgen is.

Zodra er doden vielen, zochten zij God,
zij kwamen tot inkeer en verlangden naar Hem,
ze dachten eraan dat God hun rots was,
God, de Allerhoogste, hun bevrijder.

Maar zij bedrogen Hem met hun mond,
met hun tong logen zij Hem voor,
hun hart was niet aan Hem gehecht,
zij waren zijn verbond niet trouw.

Uit erbarmen bedekte Hij hun zonde,
Hij wilde geen dood en verderf,
dikwijls bedwong Hij zijn toorn
en joeg hij het vuur van zijn woede niet aan.

Uit het evangelie volgens Johannes 3, 13-17

De Mensenzoon moet hoog verheven worden.

In die tijd zei Jezus tot Nikodemus:
‘Er is nooit iemand opgestegen naar de hemel behalve degene die uit de hemel is neergedaald: de Mensenzoon. Deze moet hoog verheven worden, zoals Mozes in de woestijn de slang omhoog geheven heeft, opdat iedereen die gelooft, in Hem eeuwig leven heeft. Want God had de wereld zo lief dat Hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.
God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om een oordeel over haar te vellen, maar om de wereld door Hem te redden.’

De Bijbelteksten zijn ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004.
De korte inleidingen op de lezingen zijn ontleend aan het week- en zondagmissaal, door de benedictijnen van de Sint-Andriesabdij en de norbertijnen van de abdijen Averbode, Postel en Tongerlo, o.l.v. Jos Van Der Veken, uitgegeven bij Brepols-Licap, © Brepols 2007.