Lezingen van de dag – vrijdag 18 sept 2020

vrijdag in week 24 door het jaar

Uit de eerste brief van Paulus aan de Korintiërs 15, 12-20

Het wezenlijke van het christendom bestaat hierin dat God zelf voor ons is komen sterven en verrijzen. Dat maakt onze godsdienst tot meer dan een systeem, tot een persoonsverhouding. Hierop is de verkondiging gebaseerd, en ook ons geloof en onze eigen verrijzenis.

Broeders en zusters,
wanneer over Christus wordt verkondigd dat Hij uit de dood is opgewekt, hoe kunnen sommigen van u dan zeggen dat de doden niet zullen opstaan? Als de doden niet opstaan, is ook Christus niet opgewekt; en als Christus niet is opgewekt, is onze verkondiging zonder inhoud en uw geloof zinloos. Dan blijkt dat wij als getuigen van God over Hem hebben gelogen, omdat we verklaard hebben dat Hij Christus heeft opgewekt–want als er geen doden worden opgewekt, dan kan Hij dat niet hebben gedaan. Wanneer de doden niet worden opgewekt, is ook Christus niet opgewekt.
Maar als Christus niet is opgewekt, is uw geloof nutteloos, bent u nog een gevangene van uw zonden en worden de doden die Christus toebehoren niet gered.
Als wij alleen voor dit leven op Christus hopen, zijn wij de beklagenswaardigste mensen die er zijn. Maar Christus is werkelijk uit de dood opgewekt, als de eerste van de gestorvenen.

Psalm 17, 1 + 6 + 7 + 8b + 15

Refr.: Verberg mij in de schaduw van uw vleugels.

Luister, Heer, ik vraag om recht,
luister naar mijn smeken,
hoor mijn gebed,
geen leugen komt over mijn lippen.

Ik roep tot U om hulp,
want U geeft mij antwoord.
Wil mij horen, God,
luister naar mijn spreken.

Toon mij de wonderen van uw trouw.
Wie bij U schuilen redt U van hun tegenstanders,
met uw machtige hand.

Verberg mij in de schaduw van uw vleugels.
Laat mij, recht gedaan, uw gelaat aanschouwen,
bij het ontwaken mij verzadigen aan uw beeld.

Uit het evangelie volgens Lucas 8, 1-3

Vanaf het begin van het christendom hebben ook vrouwen een taak. Hun aanwezigheid wordt hier door Lucas uitdrukkelijk aangehaald. Zij maakten Christus en zijn godsdienst menselijker en warmer.

Kort daarop begon Jezus rond te trekken van stad tot stad en van dorp tot dorp om het goede nieuws over het koninkrijk van God te verkondigen.
De twaalf vergezelden Hem, en ook enkele vrouwen die van boze geesten en ziekten genezen waren: Maria uit Magdala, bij wie zeven demonen waren uitgedreven, Johanna, de vrouw van Chusas, de rentmeester van Herodes, en Susanna–en nog tal van anderen, die uit hun eigen middelen voor hen zorgden.

De Bijbelteksten zijn ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004.
De korte inleidingen op de lezingen zijn ontleend aan het week- en zondagmissaal, door de benedictijnen van de Sint-Andriesabdij en de norbertijnen van de abdijen Averbode, Postel en Tongerlo, o.l.v. Jos Van Der Veken, uitgegeven bij Brepols-Licap, © Brepols 2007.