Lezingen van de dag – woensdag 6 mei 2015

WOENSDAG IN DE 5e PAASWEEK

Uit de Handelingen van de Apostelen 15, 1-6

In het eerste concilie van Jeruzalem staat de Kerk voor een keuze: besnijdenis of niet voor de niet-Joden die christen worden. Moet men eerst de joodse godsdienst aannemen vooraleer christen te zijn ? Een emotioneel geladen kwestie. Gaat het christendom zich binden aan de joodse traditie, of wordt het een universele godsdienst ?

Er kwamen enkele leerlingen uit Judea, die betoogden dat de broeders zich moesten laten besnijden, overeenkomstig het door Mozes overgeleverde gebruik, omdat ze anders niet konden worden gered.
Dit leidde tot grote onenigheid met Paulus en Barnabas en mondde uit in een felle woordenstrijd.
Besloten werd dat Paulus en Barnabas, samen met enkele andere leerlingen, naar Jeruzalem zouden gaan om deze kwestie voor te leggen aan de apostelen en de oudsten.
Nadat de gemeente hun uitgeleide had gedaan, gingen ze op weg en trokken ze door Fenicië en Samaria. Daar verhaalden ze uitvoerig over de bekering van de heidenen, iets dat bij alle gelovigen grote vreugde wekte.
Bij hun aankomst in Jeruzalem werden ze verwelkomd door de apostelen en de oudsten en door de rest van de gemeente. Ze brachten verslag uit van alles wat God door hen tot stand had gebracht.
Enkele gelovigen die tot de partij van de Farizeeën behoorden, gaven echter te verstaan dat ook de niet–Joodse gelovigen dienden te worden besneden en opdracht moesten krijgen zich aan de wet van Mozes te houden.
De apostelen en de oudsten kwamen bijeen om nader op deze zaak in te gaan.

 

Psalm 122, 1-5

Refr.: Alleluia, wij gaan op naar het huis van de Heer.

Verheugd was ik toen ik hoorde:
wij gaan naar het huis van de Heer.

Verheugd ben ik, nu onze voeten staan 694317631_orig
binnen je poorten, Jeruzalem.

Jeruzalem, als een stad gebouwd,
hecht en dicht opeen.

Daar komen de stammen samen,
de stammen van de Heer.

Om Israëls plicht te vervullen,
te prijzen de Naam van de Heer.

Daar zetelt het gerecht,
daar troont het huis van David.

 

Uit het evangelie volgens Johannes 15, 1-8

Dit evangelie helpt ons het antwoord te vinden op de vraag van de eerste lezing. Christen zijn, is ingeënt zijn op Christus, de wijnstok. Jezus in ons en wij in Hem. Geen sprake van besnijdenis, ras, kleur, cultuur. Geloof in Jezus: er is geen andere weg om christen te zijn.

Jezus sprak tot zijn leerlingen:
‘Ik ben de ware wijnstok en mijn Vader is de wijnbouwer.
Iedere rank aan mij die geen vrucht draagt snijdt Hij weg, en iedere rank die wel vrucht draagt snoeit Hij bij, opdat hij meer vruchten draagt.
Jullie zijn al rein door alles wat Ik tegen jullie gezegd heb.
Blijf in mij, dan blijf Ik in jullie. Een rank die niet aan de wijnstok blijft, kan uit zichzelf geen vrucht dragen. Zo kunnen jullie geen vrucht dragen als jullie niet in mij blijven.
Ik ben de wijnstok en jullie zijn de ranken. Als iemand in mij blijft en Ik in hem, zal hij veel vrucht dragen. Maar zonder mij kun je niets doen.
Wie niet in mij blijft wordt weggegooid als een wijnrank en verdort; hij wordt met andere ranken verzameld, in het vuur gegooid en verbrand.
Als jullie in mij blijven en mijn woorden in jullie, kun je vragen wat je wilt en het zal gebeuren.
De grootheid van mijn Vader zal zichtbaar worden wanneer jullie veel vrucht dragen en mijn leerlingen zijn.

De Bijbelteksten zijn ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004.
De korte inleidingen op de lezingen zijn ontleend aan het week- en zondagmissaal, door de benedictijnen van de Sint-Andriesabdij en de norbertijnen van de abdijen Averbode, Postel en Tongerlo, o.l.v. Jos Van Der Veken, uitgegeven bij Brepols-Licap, © Brepols 2007.